logo MovisieMOVISIE, kennis en advies voor maatschappelijke ontwikkeling

  |  Uitgebreid zoeken   |  Stel uw vraagNieuwsbrieven   |  Sitemap  |  English   |  RSS   |  Mobiel

Vragen?

Lees de veelgestelde vragen of neem contact op met de Kennislijn:

T: 030 789 21 12
stel uw vraag online

Home / PERSBERICHT: Civil society aan de zijlijn

Nieuwsarchief

Organisaties zoeken elkaar steeds meer op en er lijkt meer initiatief en creativiteit mogelijk in de ondersteuning van moeilijke doelgroepen. Dit blijkt uit het trendrapport 2010 Het spel op het maatschappelijk middenveld van kennisinstituut MOVISIE.

PERSBERICHT: Civil society aan de zijlijn

8 maart 2010

Wmo trendrapport 2010 brengt plussen en minnen Wmo-beleid in kaart

Organisaties zoeken elkaar steeds meer op en er lijkt meer initiatief en creativiteit mogelijk in de ondersteuning van moeilijke doelgroepen. Dit blijkt uit het trendrapport 2010 Het spel op het maatschappelijk middenveld van kennisinstituut MOVISIE. Burgerorganisaties zijn echter nog even weinig betrokken bij de Wmo als bij de introductie van de wet, drie jaar geleden. Terwijl de Wmo uitgaat van een revitalisering van de civil society, zijn het vooral de professionele instellingen die garen spinnen bij de wet.  

Aan dit trendonderzoek hebben in 2009 bijna 400 organisaties en enkele tientallen uitvoerend professionals uit het maatschappelijk middenveld via een online enquête meegewerkt. Het gaat hierbij onder meer om zorg- en welzijnsinstellingen, de (O)GGZ, vrijwilligerscentrales, Stichtingen Welzijn Ouderen, en de collectieve verbanden van burgers zelf - zoals vrijwilligersorganisaties, verenigingen en bewonersplatforms. Daarnaast zijn 50 gemeentelijke Wmo-beleidsplannen geanalyseerd en is langs verschillende wegen casuïstiek verzameld. Voortbordurend op de resultaten van het trendrapport in 2007 worden in dit trendrapport van MOVISIE de betrokkenheid van burgerverbanden bij de Wmo en het spanningsveld tussen samenwerking en concurrentie in de sociale sector centraal gesteld.

Stijgende lijn?
De analyses van de enquêtes en de aanvullende onderzoeken werpen licht op de veranderingen die het maatschappelijk middenveld ondergaat onder invloed van de Wmo. Sommige inzichten zijn beloftevol en bieden aanknopingspunten voor de optimalisatie van lokaal Wmo-beleid. Organisaties zoeken elkaar steeds meer op en er lijkt meer initiatief en creativiteit mogelijk in de ondersteuning van moeilijke doelgroepen. Het algemene rapportcijfer voor de Wmo is licht gestegen: van een 5,2 in 2007 naar een 5,5 in 2009. Ook het rapportcijfer voor de Wmo in relatie met de consequenties voor de eigen organisatie is omhoog gegaan: van een 5,3 in 2007 naar een 6,0 in 2009. In de enquête oordelen de verschillende sectoren echter opnieuw verschillend over de Wmo. Grofweg oordeelt de welzijnssector positief en ziet kansen, de civil society is afwachtend en verdeeld, en zorginstellingen zijn rond veel thema’s ronduit negatief. Zo is 61% van de instellingen die met kwetsbare cliënten werken (psychosociale zorg, verstandelijke handicaps) het eens met de stelling dat door de Wmo doelgroepen ten onrechte buiten beeld raken, terwijl dit percentage voor de overige professionele respondenten op 39% uitkomt.

Uitdagingen
Het trendrapport schetst ook de uitdagingen die er nog liggen om het Wmo-beleid meer invulling te geven. Zo kunnen gemeenten burgerorganisaties duidelijker het gevoel geven dat zij iets kunnen bijdragen aan de Wmo. Want uit het trendrapport blijkt dat slechts 20% van de civiele burgerorganisaties in de monitor zichzelf ziet als een belangrijke speler in de uitvoering van lokaal Wmo-beleid. Hier is nog een wereld te winnen want wanneer de civil society zich serieus genomen voelt, is de kans groter dat ze meer betrokkenheid toont en meer activiteiten ontplooit rond de Wmo. Professionele organisaties kunnen hierbij nog een slag maken door burgers en hun verbanden op een innovatieve manier te betrekken bij hun uitvoeringspraktijken. En concurrentie tussen professionele organisaties zou moeten leiden tot innovatie in plaats van tot inertie zoals nu het geval lijkt.

Paradox in het participatiebeleid
Een uitdaging voor organisaties in de individuele hulpverlening en maatschappelijke zorg is om de civil society zodanig te betrekken in hun uitvoeringspraktijk dat er voor de meest kwetsbare groepen een vorm van ondersteuning wordt geboden toegesneden op de omstandigheden van de cliënt zelf. Het is echter zeer de vraag in hoeverre ‘gewone’ burgers bereid én in staat zijn deze personen in hun eigen sociale omgeving op te vangen of ondersteuning te bieden. De afnemende tolerantie in de samenleving voor ‘mensen met een vlekje’ vergroot bovendien de tegenstelling tussen de participatiedoelstellingen rond deze doelgroepen en de werkelijkheid. Lukt het de professionals niet om de burgers hierbij te betrekken, dan lijkt het vermaatschappelijkingsbeleid van de Wmo de bewegingsruimte van sommige kwetsbare doelgroepen eerder te beperken dan dat het tot de felbegeerde participatie leidt.

Noot voor de redactie

1. Het trendrapport 2010 Het spel op het maatschappelijk middenveld is hier te bestellen.

2. Voor meer informatie: Communicatie, Paul van Yperen, 030-7892235, p.vanyperen@movisie.nl, www.movisie.nl

Bookmark and Share


terug naar boven  vorige pagina