10 tips voor wie aan de slag wil met de cursus 'Gewoon Doen'

'Alle deelnemers zetten een stap: waardeer ook de kleine stappen'

15 mei 2018

Anja van Oosten en Evelyn Duinker werken bij de netwerkorganisatie Delft voor Elkaar. In opdracht van de voedselbank Delft gaven zij de cursus ‘Gewoon Doen.’ In totaal hebben ze vier keer een groep begeleid. Zij geven 10 tips voor iedereen die de cursus ‘Gewoon Doen’ wil geven.

Maak de groepen niet te groot

Evelyn: ‘In onze groep zaten gemiddeld 6 tot 8 personen. De groep moet in ieder geval niet groter zijn dan 8. Het is bij deze training belangrijk dat er in de basis vertrouwen is. Met een te grote groep, gaat dat niet. Dan is er te weinig tijd om daarbij stil te staan. Anja: ‘Overigens hebben wij ook gevarieerd met het aantal bijeenkomsten. De standaard is 8, maar wij hebben ook 2 keer 10 bijeenkomsten gehouden.’

Werk op maat

Evelyn: ‘Wij gebruiken de handleiding van Movisie als basis. Die heeft een goede opbouw. Verder kijken we naar de mensen in de groep en het proces waarin zij zitten. Daar passen we oefeningen op aan. Ook hebben wij er zelf bijvoorbeeld elementen met het thema loslaten aan toegevoegd. Durf zelf trouwens ook los te laten. De handleiding is de rode draad, maar voel of zie je dat je ergens dieper op moet ingaan? Doe dat dan ook’

Ken je doelgroep

Anja: ‘Toen we voor het eerst over deze training hoorden, hadden we er meteen een goed gevoel bij. Als sociaal werkers hebben we met mensen te maken die meestal verschillende hulpvragen hebben. Daar horen vaak ook financiële problemen bij. Ook hadden we al participatietrajecten gedaan. Dus de doelgroep was bij ons niet onbekend. Toch zijn we voordat we de training gingen geven wel eerst bij de voedselbank geweest om wat mensen te ontmoeten. Dan heb je een beter beeld van wie je voor je krijgt.’

Waardeer ook de kleine stappen

Anja: ‘Elke training weer valt het op welke ontwikkeling deelnemers doormaken. Ze komen binnen met zoveel problemen, maar slagen er toch in om vanuit eigen kracht iets te doen. Soms zijn dat hele grote stappen. Een deelnemer met een bijstandsuitkering had bijvoorbeeld al eens zonder succes een werktraject doorlopen. Bij deze training ervaarde ze voor het eerst dat ze het voor zichzelf deed. Ze heeft het inmiddels enorm naar haar zin op haar werk.’ Evelyn: ‘Maar kleine stappen kunnen ook belangrijk zijn. Er zijn ook mensen die nog nooit iets in een groep hebben gedaan. Voor hen is meedoen aan de training al heel wat. Ook was er bij ons iemand die niet durfde te fietsen en dat nu wel doet. Iedereen zet binnen zijn of haar eigen mogelijkheden een stap.’

Verplichten werkt niet

Evelyn: ‘Een goede intake is belangrijk om te beoordelen of de cursus geschikt is voor een deelnemer. Het komt ook voor dat mensen zelf besluiten dat ze niet mee gaan doen. Dat is denk ik ook de kracht van deze training. Het is niet opgelegd. Verplichten zou ook niet werken. Bij de training moeten deelnemers de diepte in gaan. Dat lukt niet als je er verplicht zit.’

Denk ook eens aan andere doelgroepen of vervolgbijeenkomsten

Anja: ‘Inmiddels hebben wij de training ook gebruikt voor statushouders en ik denk dat het ook geschikt is voor mensen met psycho-sociale problemen. Daarnaast overwegen we om themabijeenkomsten te gaan organiseren voor oud-deelnemers, waarin je dieper op onderwerpen kunt ingaan. Bijvoorbeeld bijeenkomsten over zelfvertrouwen, communicatie of hoe presenteer je jezelf.’

Een persoonlijke aanpak bij de werving werkt

Evelyn: ‘De voedselbank deed bij ons altijd de eerste werving. Daarna gingen we op de dagen dat het uitdeelpunt open was met mensen die interesse hadden in gesprek. Dan kun je mensen zelf vertellen wat het inhoudt en krijgen ze er een beter beeld bij. Ook mensen die de training al hadden gedaan deden dat. De inzet van deze ambassadeurs helpt heel erg.’

De aandacht voor persoonlijke ontwikkeling geeft ruimte voor actie

Anja: ‘De training biedt een setting, waarin veel ruimte is voor het persoonlijke verhaal. Dat helpt mensen om weer terug gaan naar hun kern. Waar loop ik vast, wat zijn mijn patronen? Pas als je dat inzicht hebt, is het makkelijker om een stap te zetten. Dat maakt de training zo sterk: er is eerst aandacht voor persoonlijke ontwikkeling en daarna worden deelnemers gemotiveerd om stappen te zetten en een plan van aanpak te maken.’

Houd er rekening mee dat groepen heel divers zijn

Evelyn: ‘Deelnemers kunnen te maken hebben met heel verschillende problemen. Op de een of andere manier hadden wij steeds groepen waar een thema terug kwam. Zo hadden we een groep waar veel verslavingsproblematiek speelde en in een andere waren er opvoedingsproblemen. Dat maakte dat deelnemers steun hadden aan elkaar, maar het was wel echt toevallig. Ga daar dus niet vanuit. Ook hebben we een paar keer hoger opgeleide deelnemers gehad die waren vastgelopen en graag weer aan het werk wilden. De deelnemers zijn dus heel divers.

Doe het samen en zorg voor goede randvoorwaarden

Anja: ‘Alleen de training geven is pittig. Zorg er dus voor dat je met zijn tweeën de training geeft. Dan kun je afwisselen en elkaar aanvullen. Zorg ook voor een goede ruimte. Het liefste in een groene omgeving. Dat helpt deelnemers echt.’

Lees ook de ervaring van een Voedselbank en een deelnemer met dit project.

Wat aandacht krijgt, dat groeit
Mensen die zijn aangewezen op de voedselbank hebben vaak met verschillende problemen tegelijk te maken. Binnen het project ‘Wat aandacht krijgt, dat groeit’ heeft Movisie de training ‘Gewoon Doen’ ontwikkeld. Deze training helpt mensen om meer zelfredzaam te zijn, biedt inzicht in talenten en kwaliteiten en geeft energie en motivatie om iets aan hun situatie te verbeteren. Het doel: deelnemers leren kleine en grote stappen te zetten in hun leven. De training is op 8 locaties uitgevoerd, in samenwerking met voedselbanken en welzijnorganisaties.

Bent u geïnteresseerd in het toepassen van dit project of de training in uw gemeente of wilt u meer weten? Neem dan contact op met Els Hofman: e.hofman@movisie.nl of 030 789 20 25.