Aan de slag met arbeidsparticipatie: vijf opgaven voor gemeenten

artikel - 23 oktober 2015

Met de invoering van de Participatiewet en Wmo 2015 zijn gemeenten verantwoordelijk voor de participatie van mensen met een lichamelijke, verstandelijke of psychische beperking. Samen met werkgevers, zorginstellingen en SW-bedrijven moeten zij een nieuw werkveld organiseren. Wat zijn de voornaamste opgaven?

Voor mensen met een arbeidsbeperking bestaan anno 2015 vier mogelijkheden om te werken. Ten eerste kunnen zij met behoud van uitkering (bijvoorbeeld Wajong of WIA) onder de noemer arbeidsmatige dagbesteding eenvoudig werk doen bij een zorginstelling, bij een bedrijf of bij de sociale werkvoorziening. Ten tweede komen er 30.000 plaatsen voor ‘beschut werk’: een dienstverband via de gemeente, georganiseerd bij de sociale werkvoorziening of bij een bedrijf. Ten derde komen er 125.000 garantiebanen bij overheid en bedrijfsleven voor mensen met een arbeidsbeperking. En tot slot is er regulier werk.

Het hele veld van arbeidsparticipatie is nog volop in ontwikkeling. Zo moeten de meeste garantiebanen en (nieuwe) beschutte werkplekken nog worden gecreëerd. Bovendien hebben gemeenten een beperkt budget om arbeidsmatige dagbesteding te ondersteunen. Niettemin, wat kunnen gemeenten wel doen? Hoe kunnen zij er samen met partners – het bedrijfsleven en maatschappelijke organisaties – voor zorgen dat meer mensen gaan meedoen?

Opgave 1: Stimuleer garantiebanen in regionaal verband

De allergrootste opgave voor gemeenten is: zorgen dat er garantiebanen komen. De bedoeling is dat het regionale werkbedrijf – Nederland kent 35 arbeidsmarktregio’s – op regionaal niveau de voorwaarden daarvoor schept. Dit betekent onder meer het creëren van een aanspreekpunt voor alle werkgevers en het organiseren van overleg tussen sociale partners (werkgevers en werknemers), UWV en gemeenten over te realiseren aantallen en hoe werkgevers te faciliteren. Gemeenten hebben vervolgens de taak om de gemaakte afspraken daadwerkelijk in te vullen: vraag en aanbod bij elkaar brengen, loonkostensubsidie toekennen, begeleiding door jobcoaches aanbieden, etc.

Opgave 2: Gebruik een methodiek om loonwaarde vast te stellen

Bedrijven moeten overtuigd raken dat mensen met minder arbeidsvermogen passen binnen een economisch model. Zij zullen alleen gemotiveerd zijn om mensen met een beperking in dienst te nemen, wanneer zij niet méér loon betalen dan de waarde die iemand toevoegt. Een  goede systematiek om de loonwaarde – en daarmee de bijbehorende loonkostensubsidie – van iemand te bepalen, is daarom van belang. Wettelijk is geregeld dat vanaf 2016 per arbeidsmarktregio één gevalideerd loonwaardesysteem moet worden toegepast. Bij voorkeur wordt de loonwaarde op de werkvloer vastgesteld. Ook kan het instrument ‘proefplaatsing’ worden ingezet. Werknemers en werkgevers kunnen dan gedurende maximaal drie maanden kijken of iemand op de goede plek zit.

Opgave 3: Geef zelf het goede voorbeeld

Gemeenten kunnen het belang en de (economische) haalbaarheid van het in dienst nemen van mensen met een beperking alleen overtuigend uitdragen als zij zelf het goede voorbeeld geven. De sociale partners hebben afgesproken dat de overheid de komende tien jaar 25.000 extra (garantie)banen creëert voor mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt. Het gaat niet alleen om gemeenten, maar ook om het rijk, provincies, waterschappen, defensie, politie en in het onderwijs. Bovendien kunnen gemeenten (nieuwe) sociale firma’s ondersteunen met hun kennis en netwerk. En hun procedures en financiering inzetten om initiatieven te bevorderen die nadrukkelijk kiezen voor mensen met een arbeidsbeperking. Gemeenten kunnen bij aanbestedingen bijvoorbeeld voorwaarden stellen – zoals het in dienst hebben van de doelgroep – voor het verstrekken van subsidies.

Opgave 4: Ga creatief op zoek naar collectieve arrangementen

Voor mensen die vanwege hun beperkingen individueel niet of nauwelijks inpasbaar zijn bij een regulier bedrijf, kunnen collectieve arrangementen bij werkgevers een uitkomst zijn. Met groepsdetachering is meer mogelijk dan met individuele plaatsing. Zo werken bij schadeverzekeraar Crawford achttien cliënten van de Rotterdamse zorgorganisatie Pameijer. Zij begonnen zes jaar geleden met lichte cateringwerkzaamheden en verrichtten vervolgens taken als het bijvullen van printerpapier, het legen van prullenbakken en het scannen van dossiers. Gezamenlijk is de groep goed voor twee fte. Dat betekent dat het bedrijf voor minimale kosten achttien gemotiveerde medewerkers in huis heeft voor noodzakelijke taken. Voor de gemeente is het verstrekken van een (loonkosten)subsidie, plus de begeleiding en de coaching die op de werkvloer nodig is, gunstiger dan het huren van achttien plekken voor arbeidsmatige dagbesteding bij een zorginstelling. De mensen zelf werken er met veel voldoening.

Opgave 5: Zet middelen meer persoonsvolgend in

Gemeenten doen er goed aan een deel van hun middelen aan mensen te koppelen, veeleer dan aan organisaties. Anders gezegd: zet het geld meer persoonsvolgend in. Iemand met een beperking wordt met een bepaald bedrag ondersteund bij het maken van afgesproken stappen. Dit heeft de voorkeur boven het geheel overmaken van subsidies naar SW-bedrijven of zorginstellingen zodra mensen zijn geïndiceerd. Op deze manier worden de organisaties die mensen met arbeidsbeperkingen begeleiden meer uitgedaagd om persoonlijke ontwikkelingsplannen op te stellen. Bovendien houdt de gemeente beter zicht op wat er gebeurt met de door- en uitstroom van mensen met een arbeidsbeperking.

Niet voor spek en bonen
Dit artikel is een samenvatting van ‘Niet voor spek en bonen’, een publicatie van Movisie die onlangs verscheen. Met hulp van een twintigtal experts en betrokkenen onderzocht Movisie de vraag hoe het nieuwe werkveld voor mensen met een beperking het beste georganiseerd kan worden. De publicatie eindigt met twaalf opgaven en ideeën waar gemeenten mee aan de slag kunnen. U kunt de volledige publicatie hier downloaden.

Dit artikel verscheen in MOVISIES 25 - oktober 2015. MOVISIES is ons relatieblad en verschijnt drie maal per jaar. Neem nu een gratis abonnement door u aan te melden.

Reacties

Reageer op dit artikel

9 + 7 =
Los deze eenvoudige rekenoefening op en voer het resultaat in. Bijvoorbeeld: voor 1+3, voer 4 in.