Aanscherping meldcode huiselijk geweld en kindermishandeling

Stand van zaken
artikel - 8 april 2017

Begin oktober 2016 bracht Jan-Dirk Sprokkereef zijn advies uit over aanscherping en verbetering van de meldcode. Wat is de stand van zaken rondom de meldcode huiselijk geweld en kindermishandeling? In dit artikel houden wij de ontwikkelingen voor u bij.

Laatste update juni 2017.

Maart 2017 - Update meldcode, gesprek met Jan-Dirk Sprokkereef

In maart sprak Movisie met Jan-Dirk Sprokkereef over zijn advies en de stand van zaken. Veilig Thuis krijgt een grotere rol. En ook de beroepsgroepen moeten aan de slag.

Januari 2017 - Publicatie negende Kamerbrief voortgangsrapportage geweld in afhankelijkheidsrelaties

Met daarin onder andere aandacht voor:

  • De radarfunctie van Veilig Thuis
  • Het afwegingskader
  • De mogelijke gevolgen voor Veilig Thuis-organisaties
  • De Algemene maatregel van Bestuur (AmvB): deze ligt bij de Raad van State voor advies

De radarfunctie van Veilig Thuis
Sprokkereef is gevraagd om de radarfunctie voor Veilig Thuis verder uit te werken met betrokken partijen.
Het afwegingskader
(Sprokkereef sprak in zijn advies van een veldnorm). Sprokkereef is ook gevraagd om - in overleg met relevante beroepsgroepen - een programma op te zetten dat hen ondersteunt bij het opstellen ervan. In de kamerbrief staat welke elementen dit ondersteuningsprogramma in ieder geval zal omvatten.
De mogelijke gevolgen voor Veilig Thuis-organisaties
Er is een tussentijdse impactanalyse gepubliceerd. De analyse wordt in overleg met vertegenwoordigers van Veilig Thuis-organisaties en gemeenten uitgevoerd. Naar verwachting wordt de analyse dit voorjaar afgerond.
De Algemene maatregel van Bestuur (AmvB)
Er zijn 38 reacties geweest op de internetconsultatie. De AmvB ligt bij de Raad van State voor advies.

November 2016 - Internetconsultatie concept Algemene maatregel van Bestuur

In november is de concept Algemene maatregel van Bestuur in consultatie geweest waarin een afwegingskader wordt voorgeschreven.

Oktober 2016 - Algemeen overleg Tweede Kamer

Op 12 oktober 2016 was er een algemeen overleg in de Tweede Kamer waarin onder andere gesproken is over het advies. Het advies is overgenomen door staatssecretaris Van Rijn van VWS. Op de agenda van de Tweede Kamer stond de voortgangsrapportage Geweld in Afhankelijkheidsrelaties (GIA), de aanscherping van de Wet meldcode is daar een onderdeel van.

In het debat over aanscherping van de Wet meldcode focust het grote merendeel van de volksvertegenwoordigers op kindermishandeling. De Kamer hecht daarbij belang aan de stem van het kind. Kamerlid Volp bracht in dat de aanpak de hele breedte van GIA betreft, en de staatssecretaris noemde specifiek de aanpak van ouderenmishandeling en financiële uitbuiting.

Opvallend is dat een paar partijen (PVV en VVD) pleiten voor een meldplicht, terwijl de andere partijen opgelucht zijn dat het voorstel juist geen ‘platte meldplicht’ is en pleiten voor een ‘meldnorm’. Ook in het AO wordt gevraagd om meer vertrouwensartsen, aandachtsfunctionarissen, opleiding en bijscholing. De samenhang van de aanpak van huiselijk geweld en kindermishandeling zou gebaat zijn met een nationaal rapporteur.

De staatssecretaris benadrukt hoe hard er in het veld gewerkt wordt aan verbetering van de aanpak. Hij is geen voorstander van een rapporteur. Hij zegt de Kamer toe in januari 2017 in een volgende voortgangsrapportage antwoord te geven op de vragen. Het zal dan gaan over de stand van zaken op tal van onderwerpen: stroomlijnen en samenhang uitvoeringsfase hele dossier, impactanalyse, veldnormen, aandachtsfunctionarissen, advies forensische expertise, kindcheck, en IGZ toezicht bij VT organisaties. De Kamer wordt in november geïnformeerd over ouderenmishandeling en financiële uitbuiting. De aanpassingen in de wet Algemene Maatregel van Bestuur (AMvB) die nodig zijn t.b.v. de aanscherping van de Wet meldcode wordt ter informatie naar de Kamer gestuurd.

Veld- of meldnorm?
Met het vaststellen van een veldnorm voor melden per beroepsgroep zijn we er nog niet. In het advies wordt Veilig Thuis de verkeersleider genoemd, met een radarfunctie. Daarvoor is het nodig dat allen dezélfde taal spreken. Dat zien we terug in de vraag van veldpartijen naar intersectorale normen voor het bepalen van ernst; een zogenaamde meldnorm. Liefst natuurlijk wetenschappelijk onderbouwd.

Welke kennis is beschikbaar? Er zijn grofweg drie manieren waarop er wordt beoordeeld:

  1. Triage-instrument: gebruikt door Veilig Thuis. Dit instrument kijkt met name naar de acute veiligheid en structureel ernstige onveiligheid. Hier is een onderbouwing voor aanwezig. Dit is specifiek voor Veilig Thuis, maar wordt ook door andere partners in de keten benut.
  2. Risicotaxatie: bijv. LIRIK, CARE-NL en andere. Dit zijn (in verschillende mate onderbouwde en gevalideerde) instrumenten die professionals gebruiken om met name risico’s in de toekomst in te schatten, zodat ze weten of ze hun hulpverlening moeten aanpassen of anderen in moeten schakelen. Vooral voor specialistische professionals.
  3. Beoordeling van gedrag: bijv. via de basistraining RelatieWijs. Deze training is gericht op het ondersteunen van professionals bij het beoordelen en bespreekbaar maken van relationeel gedrag, inclusief ernstig grensoverschrijdend gedrag. En biedt norm en handelingsperspectief en criteria wanneer melding nodig is. Vooral voor generalisten, bijvoorbeeld wijkteams, maar ook geschikt voor bijvoorbeeld Veilig Thuis. RelatieWijs is in ontwikkeling en beschikbaar in het najaar van 2017.

Deze drie manieren worden nog vrij los van elkaar ingezet door verschillende groepen professionals. De vraag is hoe deze instrumenten betekenisvol te verbinden, zodat professionals, met eenzelfde taal, samenwerken aan veiligheid.

Deskundigheidsbevordering
Uit de reacties van de veldpartijen en het debat in de Kamer blijkt een structurele behoefte aan bijscholing van zittende professionals en opleiding van aankomende professionals. Het plan van aanpak Leren signaleren van VWS en OCW voorzien in het laatste. De kenniscentra Movisie, Nederlands Jeugdinstituut (NJi), Rutgers en Augeo ondersteunen in dat kader mbo, hbo en wo opleidingen bij het verankeren van aandacht voor GIA in de opleidingen en de bijscholing van docenten.

Voor de professionals die onder de Wet meldcode vallen hebben VWS en OC&W aan Movisie en het NJi de opdracht gegeven deskundigheidsbevordering te ontwikkelen in het kader van de invoering van de Wet in 2013. In samenspraak met de branche- en beroepsverenigingen is een Train-de-trainer model uitgerold. Honderden trainers hebben ondertussen een licentie voor deze VWS module. Trainers staan met hun aanbod op een databank, zodat organisaties in hun eigen regio de trainer van hun keus kunnen vinden.

Er is niet alleen behoefte aan kennis over de Meldcode, maar vooral grote behoefte aan bijscholing over signaleren en bespreekbaar maken van vermoedens van geweld. De samenwerking/afstemming tussen lokale sociale (wijk)teams en Veilig Thuis vraagt nog veel aandacht. Dit betekent dat er behoefte is aan structureel leren waarbij ook aandacht is voor samenwerking en samenhang.

10 oktober 2016 – Rondetafelgesprek in de Tweede Kamer

Of de voorgestelde aanscherping tot de gewenste verbeteringen leidt, werd 10 oktober tijdens een rondetafelgesprek met veldpartijen besproken.
Klik hier voor position papers van verschillende kennis- en praktijkorganisaties die deelnamen aan het rondetafelgesprek. Een samenvatting van het rondetafelgesprek is hier te lezen.

  • De meeste veldpartijen delen de wens de aanpak te verbeteren. Veel partijen spreken hierbij vanuit het perspectief van kindermishandeling.
  • Veilig Thuis benadrukt dat de aanpak gericht is op alle vormen van geweld in afhankelijkheidsrelaties. De versterking van de handelingsvaardigheid is welkom; deskundigheidsbevordering en meer aandachtsfunctionarissen kunnen op brede bijval rekenen.
  • De systeemaanpassingen roepen zowel bijval als kritiek op. De radarfunctie kan op bijval rekenen, vooral van organisaties die staan voor de belangen van kinderen, zoals de Kinderombudsman en Taskforce.
  • De praktijk is kritisch en ervaart de aanscherping als een verkapte meldplicht, met alle ongewenste neveneffecten van dien. Professionals zijn met name bang dat een meldplicht ertoe kan leiden dat gezinnen zorg gaan mijden en dat de drempel voor het zoeken van hulp hoger wordt.
  • Er wordt gevraagd om meer intersectorale samenwerking bij vaststelling van de veldnorm, meer inzet op preventie en deskundigheid(sbevordering) en meer vertrouwensartsen. Aanscherping van de meldcode is een van de maatregelen om eerder en beter te handelen bij vermoedens van ernstig geweld.

3 oktober 2016 - Advies Jan-Dirk Sprokkereef rondom aanscherping en verbetering meldcode

Jan-Dirk Sprokkereef publiceerde begin oktober zijn advies ‘Aanscherping en verbetering Meldcode en werkwijze Veilig Thuis’.

Bij huiselijk geweld en kindermishandeling gaat het vaak om complexe en langdurige problematiek. Er is geen systematische werkwijze die ervoor zorgt dat alle ernstige gevallen ‘op de radar’ komen en blijven, constateert Sprokkereef. Dit is wel van belang omdat eerder geweld een belangrijke voorspeller is van toekomstig geweld. De problematiek vraagt om het combineren van (ernstige) signalen over sectoren en over een langere periode heen, zodat er een goed beeld van de aard en ernst kan worden gekregen. Daar is de huidige praktijk niet op ingericht. Veilig Thuis heeft een beperkte informatiepositie. Daarnaast is het voor burgers die bellen met Veilig Thuis vaak niet duidelijk dat hun ‘melding’ als adviesgesprek wordt beschouwd, een onwenselijke verwarring.

Welke aanscherping van de Wet meldcode wordt voorgesteld?
Sprokkereef pleit ervoor de informatiepositie van Veilig Thuis te versterken en een radar- en monitorfunctie te beleggen bij Veilig Thuis. Dit betekent concreet een aanscherping van stap 2 en stap 5 van de meldcode.

  1. Verplicht professionals ernstige signalen te melden bij Veilig Thuis.
  2. Laat professionals zelf hun veldnorm definiëren.
  3. Versterk de adviesfunctie van Veilig Thuis.
  4. Laat Veilig Thuis altijd de wens van een burger tot melding honoreren.
  5. Richt een radarfunctie in bij Veilig Thuis.

Implicaties van de aanscherping: Om dit alles te bereiken is aanpassing in wet- en regelgeving nodig, moeten veldnormen worden ontwikkeld en geïntroduceerd, moet de regie- en monitoring door Veilig Thuis verder worden uitgewerkt, een impactanalyse worden uitgevoerd en er moet voldoende tijd zijn om e.e.a. in te voeren. Ook moet de informatie-uitwisseling tussen Veilig Thuis en anderen worden geregeld. Sprokkereef benadrukt dat deskundigheidsbevordering een belangrijke randvoorwaarde is en pleit voor het aanstellen van en versterken van de rol van aandachtsfunctionarissen in organisaties.

1. Verplicht professionals ernstige signalen te melden bij Veilig Thuis
Op dit moment kunnen professionals bij stap 5 kiezen: zelf hulp organiseren (5a) of melden bij Veilig Thuis (5b). Sprokkereef adviseert om melden verplicht te maken bij ernstige gevallen van huiselijk geweld en kindermishandeling – ook als de professional ervoor kiest zelf hulp te organiseren. Hierdoor komen ernstige gevallen op de radar bij Veilig Thuis.
2. Laat professionals zelf hun veldnorm definiëren
Het voorstel is om professionals te verplichten zelf - in de eigen beroepsgroep - een veldnorm op te laten stellen. Een veldnorm die omschrijft bij welke aard en ernst van casuïstiek melden bij Veilig Thuis verplicht wordt. Doordat professionals dit binnen hun eigen beroepsgroep opstellen, wordt recht gedaan aan hun eigen specifieke expertise. Inspecties houden hierop toezicht, dit alles binnen de vastgestelde wet- en regelgeving. Sprokkereef adviseert  om ervaringsdeskundigen en Veilig Thuis te betrekken bij het opstellen van de veldnorm. En informatie erover te delen tussen beroepsgroepen zodat er een breed gedragen veldbegrip komt van wat ‘ernstige casuïstiek’ inhoudt. Beroepsgroepen die onder de wet meldcode vallen zouden per 1 januari 2018 over een dergelijke norm dienen te beschikken.
3. Versterk de adviesfunctie van Veilig Thuis
Dit heeft betrekking op stap 2 in de meldcode. Advies vragen kan nu anoniem, dus zonder bekendmaking van cliëntgegevens. Dat blijft ook mogelijk. Voor een goede weging van ernst van de signalen is het wenselijk dat Veilig Thuis een check kan uitvoeren of er al eerdere signalen bekend zijn over de
persoon/het gezin waarover advies wordt gevraagd. Hier wordt dus een beroep gedaan op de ‘radarfunctie’. De beller (professional, burger) kan zelf afwegen om de naam van de persoon/het gezin bekend te maken voor een dergelijke check. Blijft het vervolgens bij een adviesgesprek, dan worden persoonsgegevens - na het doen van de check - niet vastgelegd bij Veilig Thuis. Besluit de beller om na de check toch een melding te maken, dan wordt het signaal wel op naam vastgelegd. Sprokkereef adviseert om Veilig Thuis deze bevoegdheid te geven.
4. Laat Veilig Thuis altijd de wens van een burger tot melding honoreren
Burgers kennen geen meldcode. Burgers denken vaak dat Veilig Thuis een signaal oppakt, terwijl Veilig Thuis het als adviesgesprek beschouwd. De aanscherping is dat Veilig Thuis explicieter doorvraagt bij burgers of zij willen melden - en dat dan ook honoreert - of dat het alleen gaat om advies.
5. Richt een radarfunctie in bij Veilig Thuis
Als bovenstaande aanbevelingen worden gerealiseerd, krijgt Veilig Thuis een radarfunctie van signalen van professionals en burgers. Veilig Thuis organisaties moeten hiertoe inzicht hebben in elkaars informatiesystemen en kunnen beschikken over informatie van relevante partners. Signalen kunnen zo met elkaar worden gecombineerd en de aard en ernst gewogen. Veilig Thuis krijgt hiermee een ander functie; van een ‘last resort’ krijgt het een regierol in de veiligheid. Veilig Thuis beoordeelt of de veiligheid met het al bestaande hulp- of behandelaanbod wel of niet voldoende is geborgd. Veilig Thuis neemt niet de hulpverlening over, maar is verantwoordelijk voor de regie op de casus voor wat betreft de veiligheid. Het idee is dat Veilig Thuis zeer ernstige casussen ook over langere tijd zelf blijft volgen.

Reacties

Reageer op dit artikel

1 + 0 =
Los deze eenvoudige rekenoefening op en voer het resultaat in. Bijvoorbeeld: voor 1+3, voer 4 in.