‘Bakkie in de wijk’ om bewoners beter te leren kennen

artikel - 3 januari 2017

Hoe kun je samenwerking tussen wijkteams en buurtbewoners goed vormgeven? In Haarlem zijn alle wijkteams toegerust met een deskundige op het gebied van samenlevingsopbouw. Deze opbouwwerkers hebben onder andere de taak hun teamleden, die meer gewend zijn aan een individuele aanpak, mee te nemen in hun werkwijze. Ze ontwikkelden onder andere het ‘Bakkie in de Wijk’ om bewoners beter te leren kennen.

De brede blik

De basis voor de werkwijze van het wijkteam Noord-Zuid in Haarlem is gelegd met de training DichtErBij. Deze training is gericht op de kennis, vaardigheden en houding die de sociale professional nodig heeft om preventief te werken en aan te sluiten bij wat een cliënt (nog) kan, met of zonder hulp van zijn sociale netwerk. Opbouwwerker Eva van der Randen was betrokken bij de keuze voor deze training: ‘Het begint bij het bewustzijn van de medewerker. Het vergt een brede blik om te kijken vanuit wat iemand kan en wil. Dat is essentieel voor het wijkteam. Als opbouwwerker ben ik dat meer gewend.’

Van der Randen is opbouwwerker bij welzijnsorganisatie Dock en sinds de oprichting in 2015 lid van het sociale wijkteam Noord-Zuid. Vanuit haar expertise pakt zij binnen het team de opbouwwerkachtige werkzaamheden op, tegelijkertijd draagt ze aan haar collega’s over hoe ook zij preventief en collectief kunnen werken. ‘Het voelt af en toe wel dubbel: ik neem het werk mee in mijn team en ik neem het team mee in mijn werk.’ Haar collega’s in het team zijn een maatschappelijk werker, een ambtenaar Wmo en Werk & Inkomen, een wijkverpleegkundige, een sociaal raadsman en een medewerker cliëntondersteuning. Zij zijn van oudsher meer thuis in het inspelen op individuele hulpvragen. Ieder teamlid werkt achttien uur per week in het sociale wijkteam en de rest van hun contract voor de moederorganisatie. Samen geven ze vorm aan de wijkgerichte aanpak.

Goede voorbeelden

Uit de laatste landelijke peiling onder gemeenten naar de stand van zaken van sociale (wijk)teams blijkt 92% van de teams nog onvoldoende toe te komen aan taken als het ondersteunen en faciliteren van collectieve voorzieningen, het versterken van de buurt en het betrekken van nuldelijnszorg (o.a. mantelzorgers en vrijwilligers). Voor het programma Integraal Werken in de Wijk ging Movisie op zoek naar voorbeelden waar de samenwerking met vrijwilligers en burgerinitiatieven goed verloopt. De ervaringen zijn verschenen in Toeval bestaat niet, tijd voor een betere samenwerking tussen wijkteams en bewoners. Dit is een van de interviews uit deze publicatie.

Collectief kan bijdragen aan individueel

Het team heeft het eerste jaar nadrukkelijk gewerkt aan die brede blik. Bij het opstarten van het team hebben ze een sociale kaart gemaakt. En ‘netwerk’ staat wekelijks als agendapunt op de teamvergadering. De insteek is altijd: wat kan en wil het team doen aan wijkgerichte activiteiten en waar wil iemand op aansluiten? Van der Randen vertelt ook de laatste ontwikkelingen in het aanbod van vrijwilligersorganisaties en legt met name verbindingen met dagbesteding, activering, opvoedondersteuning, welzijn op recept en maatjesprojecten. Daarnaast wordt ze steeds vaker gevraagd om als verbindende wijkpartner aan te sluiten bij overleggen over het thema leefbaarheid. Op deze manier vervult ze een communicatierol in het team en tussen het team en de omgeving.

‘De basis van wijkgericht werken is het bouwen aan een netwerk, de bewoners kennen, weten welke organisaties en activiteiten er zijn, het koppelen van bewoners aan activiteiten en aan elkaar. En niet te vergeten: aandacht voor wat iemand wel kan en wil.’ Volgens Van der Randen kan het collectieve deel bijdragen aan het oplossen van een individuele hulpvraag. Om aan te kunnen sluiten bij wat iemand kan en wil, heb je (kennis van) dat netwerk nodig. Door iemands wens te verbinden aan een ander of aan een activiteit, werk je aan het vergroten van iemands participatie en welzijn. Zo was er een mevrouw die door schulden een laag zelfbeeld had en weinig naar buiten durfde. Door haar naar vrijwilligerswerk te begeleiden waarin zij anderen tot steun kan zijn en als vraagbaak fungeert voor anderen, voelt zij zich nu een stuk sterker en beter in staat aan haar problemen te werken.

Manieren om te bouwen aan het netwerk in de wijk

Contacten leggen en een netwerk opbouwen kost tijd. Ook al ervaren ze druk, de wijkteamleden willen er tijd voor maken om met elkaar te blijven leren en de wijk in te gaan. Van der Randen: ‘Het is zaak dat we ons niet gek laten maken. Het helpt als er al structuren zijn in de wijk. In Noord-Zuid bevindt zich een aantal buurten waar die nagenoeg ontbreken.’ Enerzijds zoekt het team verbinding met professionals en vrijwilligers die contact met bewoners hebben. Zo organiseert Van der Randen samen met de kerken een bijeenkomst in de wijk om kennis te maken en te vertellen over de rol van het wijkteam. Ook zijn er bijeenkomsten met fysiotherapeuten, zodat zij cliënten met vragen die verder gaan dan het eigen werkveld kunnen doorverwijzen.

Anderzijds richt het team zich op de wijkbewoners zelf. Bijvoorbeeld door bij te dragen aan De Buurtcamping. Dat is een breed, landelijk uitgevoerd initiatief waarbij bewoners van verschillende steden stadsparken een weekend lang omtoveren tot buurtcamping. Door aanwezig te zijn op de buurtcamping Nelson Mandelapark Haarlem Noord, heeft het wijkteam kennisgemaakt met bewoners en hebben ze actieve buurtbewoners ontmoet.

Bakkie in de wijk

Contact zoeken met bewoners is niet voor alle leden van het team even vanzelfsprekend of makkelijk. Van der Randen ziet het als haar rol om haar collega’s ‘mee te nemen in de waarde van het gesprek’. Daarom heeft halverwege dit jaar samen met de andere teamleden een aanpak ontwikkeld om als team kennis te maken met bewoners in de wijken: het ‘Bakkie in de Wijk’. Op een tijdstip dat werd aangekondigd in een huis-aan-huisflyer, trok het hele wijkteam met een campingtafeltje en kannen koffie en thee een wijk in. In duo’s werd huis aan huis aangebeld om zich voor te stellen en het gesprek aan te gaan over wat de buurtbewoner vindt van de wijk, of hij het team kent, wat er speelt. Bewoners werden ter plekke uitgenodigd om een bakkie te komen doen.

Van tevoren heeft Van der Randen het team goed voorbereid: hoe stel je je voor, waar ga je het gesprek over aan? Hoe sluit je aan bij wat de bewoner je vertelt? Achteraf heeft het team samen gekeken welke informatie er uit de buurt is opgehaald. Wat is de waarde van de gesprekken, welk beeld is er ontstaan, wat is het effect geweest, welke concrete vragen en aanknopingspunten zijn er gehoord? ‘De eerste keer was ik redelijk nerveus om aan te bellen en wisten we niet goed wat we ervan moesten verwachten. De tweede keer is dat al een stuk makkelijker’, vertelt Tom Reedijk die als sociaal raadsman in het team zit.

Door breder te kijken zie je eerder oplossingen

‘Het ‘Bakkie in de Wijk’ is een mooie start om zicht te krijgen op welke bewoners mogelijk een hulpvraag hebben, en welke krachten er in de buurt aanwezig zijn. Ik kwam laatst bij een Marokkaanse mevrouw met autisme. Zij wilde graag een Nederlandse taalcursus volgen, maar komt daar vanwege haar Portugese paspoort niet voor in aanmerking. Vroeger had ik dan niet echt een oplossing gehad, maar nu heb ik haar aan een taalmaatje kunnen koppelen. Door breed naar een wijk en haar bewoners te kijken, zijn we minder gefocust op het probleem of de hulpvraag, en zie je eerder andere oplossingen.’

Dit artikel is opgenomen in de publicatie Toeval bestaat niet, tijd voor een goede samenwerking tussen wijkteams en bewoners. Meer voorbeelden lezen? Download de publicatie.

Reacties

Reageer op dit artikel

17 + 2 =
Los deze eenvoudige rekenoefening op en voer het resultaat in. Bijvoorbeeld: voor 1+3, voer 4 in.