Blog: Makkelijke oplossingen bestaan niet

26 november 2021

Inwoners die niet geholpen worden, inwoners die niet bereikt worden. Inwoners waarvan problemen zo zwaar en complex zijn dat niemand weet wat te doen. Door de enorme werkdruk en hoge caseload wordt daarom soms de andere kant opgekeken. Onder het mom dat we toch niets kunnen doen of dat deze mensen niet geholpen willen worden. Want deels gaat dit om zorgmijders: kwetsbare mensen die instanties wantrouwen of zich zo erg schamen voor hun situatie dat ze elke vorm van bemoeienis uit de weg gaan.

Vaak ontbreekt een netwerk of hebben naasten hun eigen problemen of een slechte invloed, waardoor deze mensen sneller terugvallen. Een wijkteamlid gaf deze cliënten de eufemistische naam van moerasvogels.

Dieper het moeras in

Mensen in een kwetsbare positie vinden en krijgen waar nodig tijdig, passend en samenhangende ondersteuning in aansluiting op hun wensen en kunnen. Dat is waar wij als Movisie vanuit het programma Passende Ondersteuning aan willen werken. En ook al jaren mee bezig zijn. Maar ondanks alle (wetenschappelijke) kennis, ervaringen in de praktijk en goede bedoelingen vallen er nog altijd mensen tussen wal en schip. Onlangs kwam ik opnieuw een voorbeeld tegen van iemand die door opeenstapeling van problemen in een neerwaarts spiraal terecht kwam – of om bij de beeldspraak te blijven – steeds dieper het moeras in getrokken werd.

'Ondanks alle (wetenschappelijke) kennis, ervaringen in de praktijk en goede bedoelingen vallen er nog altijd mensen tussen wal en schip'

Verhaal van Mitchel

Het gaat om Mitchel, een jongen van net twintig met waarschijnlijk een licht verstandelijke beperking, die het afgelopen half jaar bij zijn vriendin en haar ouders heeft gewoond. Mitchel heeft sinds de lockdown geen werk. Doordat de kosten van zijn telefoonabonnement en zorgverzekering doorlopen krijgt hij schulden. Omdat hij geen vast woonadres heeft, vraagt hij geen uitkering aan. Het vinden van werk gaat moeizaam en hij gaat steeds meer blowen. De ouders van de vriendin geven aan dat dit niet zo langer kan en roepen hulp in. De jongen trekt noodgedwongen weer in bij zijn moeder in, die nog drie jonge kinderen heeft uit andere relaties. De jongen blowt veel en komt nauwelijks zijn slaapkamer uit en kampt met sombere gedachten.

Heftige ruzies

Zijn alleenstaande moeder is manisch depressief en kan de zorg voor haar drie jongste kinderen al nauwelijks aan, laat staan de zorg voor haar volwassen kind. Het sociaal wijkteam zet psychische ondersteuning voor hem in gang, maar daarmee zijn de problemen niet opgelost. Er lijkt meer aan de hand te zijn. Maar voor screening zijn lange wachtlijsten. Ondertussen blijft de jongen bij zijn moeder wonen en lopen de spanningen op. Regelmatig escaleert dat in heftige ruzies. Moeder wil geen bemoeienissen van hulpverleners. De jongen vlucht het huis uit en zwerft sindsdien rond. Hij mist steeds vaker afspraken. Het sociaal wijkteam loopt tegen een muur van regelgeving en wachtlijsten op en heeft onvoldoende doorzettingsmacht.

Beschermd wonen

Ze melden hem aan voor beschermd wonen. En krijgen te horen dat het ongeveer zes tot acht maanden duurt voordat dat hij opgeroepen wordt voor een intake. Het is dan niet zo dat hij na de intake direct geplaatst kan worden. Als blijkt dat hij in aanmerking komt voor beschermd wonen duurt het gemiddeld nog eens acht maanden voordat hij überhaupt geplaatst kan worden. Ter overbrugging wordt er een aanvraag gedaan voor een voorziening voor daklozen, die voor maximaal een jaar in een hotel kunnen wonen om hun leven weer op de rit krijgen. Maar de jongen voldoet niet aan de criteria, omdat hij onvoldoende zelfredzaam is en zijn ondersteuningsvraag te zwaar is; psychische problematiek, verslaving, schulden, dakloos.

Hoe kunnen we mensen zoals Mitchel wél passend en tijdig helpen?

Lees de volledige blog op Zorg+Welzijn.