Buurtplatforms: een uitkomst, maar niet voor mijn buurvrouw

10 maart 2021

Mijn net geen 70-jarige buurvrouw belt aan. Ze vraagt of ik even kan helpen met de televisie, want dezelfde film speelt telkens opnieuw af (en ze is hem zat). Terwijl ik haar help, drinken we een kop koffie en vertelt ze dat ze door de coronacrisis nauwelijks nog mensen fysiek kan ontmoeten. Als mensen-mens heeft ze het er erg moeilijk mee.

Mijn buurvrouw is niet de enige. Bij velen leidt de coronacrisis tot stress en gevoelens van eenzaamheid, angst en verdriet. Omdat ook buurthuizen en wijkcentra beperkt open zijn, zien we vooral onze eigen huiskamer. Online buurtplatforms kunnen uitkomst bieden, maar dat geldt helaas niet voor iedereen.

Online buurtplatforms zijn virtuele plekken waar mensen verbinding met of hulp van hun buren zoeken. Lokale overheden kunnen er inwoners faciliteren om hun eigen buurt mooier en prettiger te maken. De platforms bieden daarom kans op verbinding en zeggenschap, en dat is prachtig. We hebben die meerwaarde ook gezien tijdens de coronacrisis. Maar het risico bestaat dat de platforms bestaande verschillen in de samenleving vergroten. Meedoen in de digitale samenleving vereist namelijk een set middelen en vaardigheden waar niet iedereen over beschikt.

Allereerst heb je financiële middelen nodig voor een geschikte telefoon, computer en internet. Verder moet je ook een klein beetje digitaal vaardig zijn om er gebruik van te maken, hoe gebruiksvriendelijk een buurtplatform mag zijn. Mijn buurvrouw zie ik het niet doen (sorry buurvrouw!). Online gelden bovendien andere gedragsregels, en soms is het lastig te beoordelen of je de persoon ‘aan de andere kant’ kunt vertrouwen. Daarmee omgaan is een uitdaging. Tot slot, en dat is misschien wel het grootste probleem: Nederland telt ongeveer 2,5 miljoen laaggeletterden van zestien jaar en ouder.

'Offline contact tussen buren en tussen de gemeente en haar inwoners blijft dus onmisbaar' 

Offline contact tussen buren en tussen de gemeente en haar inwoners blijft dus onmisbaar. En precies dat lees je ook terug in de Wij in de Wijk 2. Deze publicatie van Movisie gaat over initiatieven van inwoners, professionals, gemeenten en soms ook bedrijven, die de handen ineenslaan om hun omgeving prettiger, leefbaarder en socialer te maken. Eén van de lessen die ik eruit heb getrokken is dat accommodaties en buitenruimten cruciaal zijn voor het leggen van verbindingen tussen mensen.

Dat online ontmoetingen gestimuleerd worden is goed. Maar laten we ook blijven investeren in offline dienstverlening en het versterken van de digitale vaardigheden van de minder digivaardige buur. Voor gemeenten: dat is niet alleen belangrijk voor verbinding tussen je inwoners maar ook voor de inwonerparticipatie en burgermacht.  Immers: alle buurtbewoners moeten de kans krijgen om buurtbelangen te behartigen en buurtdoelen te bereiken.

Al met al heb ik wel een zorg: lang niet al mijn buurt- of wijkgenoten beschikken over de middelen en vaardigheden om van buurtplatforms gebruik te maken. En daarom blijf ik toch maar af en toe gewoon een kopje koffiedrinken met de buurvrouw en mag ze aanbellen als haar televisie het niet doet. Hopelijk zien ook gemeenten dit in. Want dat is de menselijke maat die we nodig hebben.

Jasper van de Kamp
Onderzoeker en procesbegeleider bij Movisie.

Deze blog schreef Jasper van de Kamp voor de Koepel Adviesraden Sociaal domein