Effecten bewonerscollectieven zichtbaar maken begint met veranderverhaal

Als bewonerscollectief zie je vaak zelf wel wat jouw initiatief voor medebewoners, de wijk of het dorp oplevert. Maar het is vaak lastig om die effecten goed zichtbaar te maken voor de gemeenschap of financiers, zo blijkt ook uit de Monitor Zorgzame Gemeenschappen. Een veranderverhaal opstellen helpt hierbij. Nederland Zorgt voor Elkaar, Movisie en Vilans experimenteerden met een concepttool die het gemakkelijk maakt om zelf een veranderverhaal op te stellen. Zorgcorporatie Mariënvelde deelt haar ervaringen met deze tool. 

Theory of change

In de eerste Monitor Zorgzame Gemeenschappen (MZG) hebben we gekeken naar hoeveel bewonerscollectieven er zijn, wat ze doen en hoe zij zijn georganiseerd. Ook hebben we met experts en initiatieven gesproken over de manier waarop we de impact van de beweging het beste in beeld kunnen brengen. Op lokaal niveau hebben collectieven behoefte aan inzicht in de impact van wat zij doen op hun eigen lokale gemeenschap. Vooral om er zelf van te leren en verbeteren, maar ook als verantwoording naar hun achterban en naar samenwerkingspartners of financiers. Movisie heeft hierover ook een brochure ‘Effecten zichtbaar maken’ samengesteld. De basis van de methode die hierin beschreven wordt is het Veranderverhaal, ook wel Theory of Change genoemd. 

Concepttool veranderverhalen maken

Om lokale bewonerscollectieven verder toe te rusten hebben Vilans, Movisie en Nederland Zorgt voor Elkaar een experiment uitgevoerd met een concepttool, die het opstellen van een veranderverhaal  gemakkelijker maakt (zie figuur 1). Deze tool is gebaseerd op resultaten van de Monitor Zorgzame Gemeenschappen. Deze monitor is in de tweede helft van 2020 ingevuld door 323 bewonerscollectieven met veel variatie in geografische ligging, grootte en inhoudelijke focus. De voorbeelden in de tool zijn dan ook voor veel initiatieven herkenbaar.  

Figuur 1  (Gebruik + en -  om in en uit te zoomen of download figuur 1)

De resultaten van de monitor zijn omgezet naar bouwstenen voor een veranderverhaal. In de tool worden voorbeelden gegeven van doelgroepen, activiteiten, directe effecten en hogere effecten van bewonerscollectieven (zie figuur 2). De voorbeelden die op jouw initiatief van toepassing zijn, kun je gebruiken als inspiratie om jouw veranderverhaal op te bouwen. 

Figuur 2  (Gebruik + en -  om in en uit te zoomen of download figuur 2)

In de tool doorloopt een collectief vier stappen om tot een eigen veranderverhaal te komen. De stappen zijn: 

  1.  Doelgroep bepalen. Wie zijn de belangrijkste doelgroep(en) van het collectief? Zijn alle buurtbewoners welkom of zijn (sommige) activiteiten van het initiatief vooral gericht op een specifieke groep bewoners?
  2. Aanpak vaststellen. Welke belangrijkste activiteiten of werkwijze organiseer je voor de doelgroep(en)? Noem de acties die direct bijdragen aan de gewenste situatie voor de doelgroep(en). 
  3. Vaststellen directe effecten door initiatief.  Wat zie je bij de doelgroep(en) veranderen door je initiatief? 
  4. Vaststellen hogere effecten. Waar draagt het initiatief op de langere termijn aan bij? Wat zijn de maatschappelijke effecten voor de buurt/ de gemeenschap?

Randvoorwaarden

In de tool zijn ook randvoorwaarden opgenomen. Dit zijn activiteiten om je initiatief draaiende te houden. Denk aan fondsen of vrijwilligers werven. Het zijn geen activiteiten die direct bijdragen aan gewenste effecten bij de doelgroep van je initiatief. Om die reden maken die activiteiten geen onderdeel uit van je veranderverhaal, maar zijn het belangrijke randvoorwaarden. 

Waarom een veranderverhaal maken? 

Een veranderverhaal beschrijft de beoogde verandering van een initiatief: ‘als we dit doen, dan hopen we dat te bereiken’. Als initiatief wil je een bepaald lokaal vraagstuk aanpakken, zoals het stimuleren van contact tussen bewoners. Vervolgens onderneem je activiteiten die hieraan bijdragen. Denk aan een koffie-uurtje in het dorpshuis. De redenatie welke activiteiten (het meest) bijdragen aan het beoogde doel is je veranderverhaal. Het veranderverhaal maakt de samenhang tussen de activiteiten van een initiatief en de effecten op de wijk of omgeving dus expliciet. Het veranderverhaal kun je vervolgens vertalen naar indicatoren en vragen voor betrokkenen, om zo te achterhalen of de beoogde resultaten ook daadwerkelijk behaald worden en wat mogelijke neveneffecten zijn. 
In de publicatie ‘Effecten zichtbaar maken’ worden de stappen toegelicht.

Experiment

De concepttool is nog in ontwikkeling. Als onderdeel van de ontwikkeling heeft Zorgcorporatie Mariënvelde de tool getest. Deze zorgcorporatie streeft het vergroten van de leefbaarheid in Mariënvelde na. Op het gebied van wonen, zorg en welzijn regelen actieve inwoners veel zelf. Diverse activiteiten en ondersteuning wordt georganiseerd, onder andere voor ouderen, chronisch zieken, mantelzorgers, en mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt.. De zorgcorporatie heeft naast alle vrijwilligers drie betaalde krachten. Samen met twee van hen, Fleur Wieggers en Iris Nieuwenhuis, hebben we met behulp van de concepttool het veranderverhaal van Mariënvelde doorlopen. Het resultaat van één digitale sessie van 1,5 uur is een potlootschets van het veranderververhaal van Zorgcorporatie Mariënvelde. 

Verschil directe effecten en hogeren effecten

‘Het doorlopen van de stappen om tot het veranderverhaal te komen structureert je manier van denken, het maakt duidelijk waar je als initiatief direct en indirect aan bijdraagt’, vertelt zorgcoördinator Fleur Wieggers. Als initiatief los je bijvoorbeeld niet in je eentje de eenzaamheid op. Daarop zijn ook veel andere factoren van invloed, zoals een landelijke lockdown tijdens de Coronapandemie. Het initiatief zorgt er echter wel voor dat mensen meerdere contacten hebben. Dat is het directe effect wat je als initiatief realiseert. Zorgcorporatie Mariënvelde geeft aan dat het opstellen van een veranderverhaal ook kan helpen in het verkrijgen van financiering. Door de toegenomen contacten te meten maak je voor financiers en de gemeenschap aannemelijk en inzichtelijk dat je bijdraagt aan het verkleinen van bijvoorbeeld eenzaamheid in de wijk. 

Toegevoegde waarde centraal zetten

Vaak hebben initiatieven meerdere doelen en bedienen ze verschillende groepen inwoners. Om effectmeting behapbaar te houden, is het belangrijk om tot de kern te komen: waarmee maak je het verschil? Of andersom: wanneer ben je niet tevreden? Dat zou centraal moeten staan in je veranderverhaal en je meting, omdat daar de grootste toegevoegde waarde van je initiatief zit. Het belang van het centraal zetten van je toegevoegde waarde in je veranderverhaal en meting beaamt de zorgcorporatie. ‘Als je al je activiteiten noemt, kan je toegevoegde waarde ondersneeuwen. Terwijl je juist wilt laten zien hoe je laagdrempeliger,  effectiever en daardoor uiteindelijk goedkoper werkt dan regulier aanbod’, benadrukt zorgcoördinator Iris Nieuwenhuis. 

Preventie

De preventieve werking van de zorgcorporatie is zo’n onderscheidend element. Het veranderverhaal maakt helder hoe een zorgcorporatie preventief werkt (zie figuur 3). In de zorgcorporatie vinden allerlei activiteiten plaats waar veel verschillende buurtbewoners op afkomen. In het multifunctionele gebouw waar de zorgcorporatie gehuisvest is, komen inwoners voor ontmoeting, vragen, een kopje koffie, een gesprek en luisterend oor. Tijdens al deze activiteiten signaleren de zorgcoördinatoren van de zorgcorporatie en lokale professionals behoeften en vragen bij inwoners. Vaak nog voordat inwoners zelf hun hulpvraag stellen. De zorgcorporatie zorgt ervoor dat buurtbehoeften tijdig gesignaleerd en passend opgepakt worden. Hiermee voorkom je crisissituaties.

Figuur 3 (Gebruik + en -  om in en uit te zoomen of download figuur 3)

Het veranderverhaal maakt duidelijk welke aspecten van de aanpak van de zorgcorporatie gezamenlijk bijdragen aan dit effect. Bijvoorbeeld: het laagdrempelig contact, professionals die verder kijken dan hun opdracht en korte lijnen tussen zorgcoördinatoren en reguliere professionals.

Aanleiding tot dialoog

In Mariënvelde houden betrokken beleidsambtenaren, een teamleider van de wmo-consulenten, een controller en de zorgcoördinatoren en bestuursleden van de zorgcorporatie vanaf 2017 monitoringssessies. Zij werden hierbij in het verleden ondersteund door de onderzoekers van DRIFT. Meer informatie over dit traject is te vinden op de website van DRIFT. Op basis van haar ervaring met deze monitoringssessies geeft Nieuwenhuis mee: ‘Het opstellen van een veranderverhaal kun je als initiatiefnemers en gemeenteambtenaren aangrijpen als aanleiding om in dialoog te gaan. Uiteindelijk is het gesprek het belangrijkste.’ ‘Als initiatiefnemers en ambtenaren stel je bijvoorbeeld in eerste instantie zelf het veranderverhaal op van het bewonersinitiatief. Om vervolgens uit te wisselen over verschillen en overeenkomsten. Op deze manier komt boven water wat elke partij van het initiatief wil weten, en wat dus zinvol is om te meten. Meten kan zowel door tellen als door het ophalen van verhalen’, vult Wieggers aan.
Wieggers en Nieuwenhuis zijn het erover eens dat een veranderverhaal vooral ook een mooi middel is voor initiatieven die nog niet zo lang bezig zijn. ‘Dit helpt in de communicatie over je toegevoegde waarde als initiatief naar fondsen en naar de gemeente toe’. 

Vervolg

Op basis van de positieve ervaringen van Mariënvelde is NLZVE van plan om in samenwerking met Movisie en Vilans verdere ervaringen op te doen met de Veranderverhaal methode en de concepttool, om deze zodoende te verfijnen en waar nodig aan te passen.  Los van de doorontwikkeling van de concepttool, zijn er ook andere mogelijkheden. Wil je zelf aan de slag met een veranderverhaal opstellen en outcome-meting? Movisie start op 21 juni aanstaande met de leerkring ‘outcome-meting voor bewonersinitiatieven’. Doe mee!