Ervaringsdeskundigen en professionals in de opleiding Social Work: een meeromvattend perspectief

13 oktober 2021

Hoe integreer je ervaringskennis uit de praktijk in een beroepsopleiding tot maatschappelijk werker? De opleiding Social Work aan de Hogeschool van Arnhem en Nijmegen (HAN) heeft dit jaar voor een cruciaal vak naast de reguliere docent twee extra docenten aangesteld: de een belichaamt het perspectief van de professional en de ander het perspectief van de cliënt. De HAN wil zo een ander soort professionals opleiden.

Jeroen de Haan-Rißmann, Yuk Sie Cheung en Janneke Lakerveld geven gezamenlijk een belangrijk eerstejaars vak in de opleiding Social Work. Werkvelddocent Jeroen doet dit in de hoedanigheid van ervaringsdeskundige (cliëntperspectief), werkvelddocent Yuk Sie doet dit vanuit het perspectief van de professional in de beroepspraktijk en Janneke als (regulier) vakdocent. Ze hebben vanaf het begin af aan een klik en passen qua energie en persoonlijkheid goed bij elkaar. Daarnaast weten ze goed van elkaar waar de ander het over heeft: Jeroen is ooit opgeleid als docent, Yuk Sie heeft communicatiewetenschappen gestudeerd en Janneke was voorheen werkzaam als maatschappelijk werker. Het kunnen spreken van elkaars taal helpt hen, maar ze zijn zich ervan bewust dat dit in andere samenwerkingen wel eens een extra uitdaging is.

De rollen van ervaringsdeskundigen

Dit artikel is het tweede deel van een reeks op Movisie.nl over de verschillende rollen die ervaringsdeskundigen vervullen, bijvoorbeeld in het welzijnswerk, maar ook in het onderwijs en bij beleidsvorming. Lees ook deel 1: Spiegels in het welzijnswerk: ervaringsdeskundigheid als gelijkwaardige kennisbron

Je moet over je eigen proces kunnen praten én hier bovenuit kunnen stijgen naar bredere thema's

Hulpsinterklaas

Jeroen is 11 jaar werkzaam als ervaringsdeskundige. Zelf noemt hij zich professioneel ervaringswerker. ‘De term ervaringsdeskundige is een containerbegrip geworden en wordt vaak verkeerd gebruikt’, vertelt Jeroen, ‘en hierdoor hangt er een negatieve connotatie aan.’ Alleen het vertellen van een ervaringsverhaal als een soort levende dia maakt je volgens hem nog geen ervaringsdeskundige. ‘Je moet over je eigen proces kunnen praten én hier bovenuit kunnen stijgen naar bredere thema’s van herstel, zelfbeeld, schaamte, verloren jaren enzovoort. Je stelt je kwetsbaar op en moet praktiseren wat je predikt: aansluiten bij de belevingswereld van de ander. In dit geval is het de student, maar het kan in een andere setting een professional of bestuurder zijn.’ Dit schakelen tussen niveaus en belevingswerelden is volgens hem dan ook een belangrijke kerncompetentie van ervaringsdeskundigen. Het vakmanschap van de ervaringsdeskundige wordt echter te vaak miskend, volgens Jeroen: ‘Het begint vaak als vrijwilligheid en voor je het weet word je ingezet als hulpsinterklaas. De professional bedenkt dan dat het tijd wordt voor de inzet van iemand met ervaringskennis met een bijhorend doel en neemt het weer over als dit doel is bereikt.’ In de lessen laat het drietal dan ook studenten nadenken over hun toekomstige rol en de inzet van ervaringsdeskundigen.

Belang van de cliënt

Het cliëntperspectief als ervaringsdeskundige kan goed worden ingezet tijdens de bespreking van een casus. Een student van het drietal liep stage in een verzorgingshuis. Zij hoorde haar collega’s praten over een cliënte – een vrouw die de hele dag protesteerde tegen het aanstaan van de televisie. De student vertelt dat de doelstelling vanuit het team was dat de vrouw moest (leren) accepteren dat de televisie aanstond. ‘Hoe zou jij het vinden als je naar een verzorgingshuis moest?’, vraagt Jeroen aan de studenten. ‘Je wordt plotseling uit je vertrouwde omgeving gerukt. Je kunt niet meer spontaan bepalen dat je zuurkool gaat eten als je hier trek in hebt. Misschien mag je je vertrouwde schilderij niet ophangen vanwege de regels… En terwijl je gewend bent aan rust, staat er ook nog eens de hele dag een televisie aan. Dat is de druppel die de emmer doet overlopen.’ Deze uitleg zet alle studenten aan het denken. Was het accepteren van de situatie in het belang van de vrouw of van de werknemers? Na een lange dialoog concluderen ze het tweede: het ‘lastige’ protest zou het werk verstoren en vertragen.

Portretfoto Janneke, Jeroen en Yuk Sie, lachend naast elkaar op straat

Foto van Janneke, Jeroen en Yuk Sie – gemaakt door Mariët Sieffers © MacSiers Imaging

Meerwaarde van perspectiefwisseling

Het cliëntperspectief, maar ook het perspectief van de professional en diens werkervaring, zorgt voor een continue uitdaging in perspectiefwisseling. De studenten leren zich over het algemeen (beter) in te leven en hierdoor wordt de sfeer opener volgens Yuk Sie, Jeroen en Janneke. ‘Je bent dit als het ware aan het voorleven’, aldus Jeroen. Ze vertellen dat veel van hun studenten ook rugzakjes hebben en dat ze hier stigma’s en taboes in doorbreken. Yuk Sie durft zich als professional in haar andere baan tegenwoordig ook kwetsbaarder op te stellen: ‘Eén plus één plus één is in dit geval echt vijf: ik leer er als professional in de schuldhulpverlening heel veel van! En ik neem dit ervaringsperspectief mee terug naar mijn dagelijkse praktijk als budgetcoach en gezondheidsmakelaar armoede.’ Dit geldt ook voor Janneke als docent: ‘Ik blijk in het verleden weleens de plank mis te hebben geslagen bij het handen en voeten geven aan bijvoorbeeld de presentiebenadering – de theorie dat je naast de cliënt moet staan.’ Naar eigen zeggen heeft deze samenwerking haar bescheidener gemaakt als persoon en bescheiden in haar rol als docent.

Gedeelde verantwoordelijkheid

Het drietal geeft aan dat sociaal werkers vaak een (te) groot gevoel van verantwoordelijkheid hebben richting de mensen die ze helpen. Deze druk komt vaak ook van bovenaf. Door het meeromvattend perspectief leren de studenten dat uiteindelijk de cliënt zelf echt verantwoordelijk is. ‘Eigen regie lijkt een open deur, maar is nog zeker geen vanzelfsprekendheid’, vertelt Jeroen. ‘Daarbij staan de processen soms haaks op elkaar’, gaat Yuk Sie verder, ‘en in de lessen staan wij open voor elkaars perspectief erop zonder oordeel. Het gaat niet om goed of fout. Hierdoor gaan de studenten zelf nadenken.’ Jeroen reageert: ‘Het gaat erom dat je inderdaad bij de oorspronkelijke bedoeling blijft: bijvoorbeeld doelenschema’s invullen omdat het helpt en niet omdat het moet.’ Janneke vult aan: ‘Voor de studenten is het toevoegen van het professionele perspectief en ervaringsperspectief daarom meer verdiepend en verrijkend, maar zeker niet eenvoudig.’ Jeroen, Yuk Sie en Janneke zijn het erover eens dat het mooi zou zijn als deze perspectieven in de toekomst ook in de toetsing terug kunnen komen. Zo wordt het een meer gelijkwaardige kennisbron.

Jeroen de Haan-Rißmann is lang associate member van Movisie geweest en sinds oktober in dienst als Senior Ervaringsdeskundige.

Interview: Sharon Koks - den Outer

7 december: Congres Ervaringsdeskundigheid in het sociaal domein

Steeds meer ervaringsdeskundigen werken binnen het sociaal domein. Dat vraagt om een nieuwe kijk op zorg en welzijn en een open houding van betrokken partijen. Hoe zorgen we dat ervaringsdeskundigheid een volwaardige plek krijgt in beleid en praktijk? Zorg + Welzijn en Movisie organiseren op 7 december in de ReeHorst te Ede een congres over dit onderwerp.

Lees meer over het congres en meld je aan

op de foto is een zelfgemaakte vaas te zien. De vaas en de foto ervan zijn gemaakt door Sander Griek – ervaringsdeskundige bij Movisie. De vaas heeft een gemeenschappelijke grond en loopt dan naar boven uit in drie delen

Foto vaas: Sander Griek

Stockfoto van de Vruchtbare Vaas. Deze vaas en de foto zijn gemaakt door Sander Griek, ervaringsdeskundige bij Movisie. In deze context symboliseert de vaas de drie-eenheid van de verschillende kennisbronnen met een gemeenschappelijke grond.
Lees ook de column van Sander over de achtergrond en de initiële betekenis van de vruchtbare vaas.