Evaluatie Man actief

Tussen droom en daad…
artikel - 4 maart 2014
Afbeelding bij Evaluatie Man actief

Vier studenten van de Hogeschool van Arnhem en Nijmegen evalueerden de interventie Man actief en kwamen met concrete aanbevelingen. Leerzaam? Ja,  voor zowel evaluatoren als ontwikkelaar. Uitvoerbaar? Moeilijk. Het leert ons vooral dat  theorie en praktijk soms erg ver uit elkaar liggen.

Vier studenten van de Hogeschool van Arnhem en Nijmegen evalueerden de interventie Man actief en kwamen met concrete aanbevelingen. Leerzaam? Ja,  voor zowel evaluatoren als ontwikkelaar. Uitvoerbaar? Moeilijk. Het leert ons vooral dat  theorie en praktijk soms erg ver uit elkaar liggen.

De interventie Man Actief wil het sociaal isolement van allochtone mannen verminderen. De  doorstroom naar vrijwilligerswerk of betaald werk is een mogelijke vervolgstap. De beschrijving is gebaseerd op ervaringen in pilots in Den Haag, Utrecht, Amsterdam en Rotterdam.  Eind 2013 evalueerden vier studenten van de Hogeschool van Arnhem en Nijmegen* de interventie aan de hand van de Preffi 2.0, REFKA en EKI-methoden. Hun belangrijkste bevindingen in vier punten: een wetenschappelijke onderbouwing ontbreekt, de doelgroep kan specifieker worden gedefinieerd, de doelen hadden meer SMART beschreven mogen worden en er is geen uitgebreide evaluatie geweest. Lees het gehele rapport onderaan dit artikel.

Bestaande kennis is belangrijk

Het is leerzaam om te zien hoe studenten met een objectief, deskundig en methodisch oog de interventie beschouwen. Ook wordt het verschil tussen theorie en praktijk weer eens heel duidelijk. Bijvoorbeeld het punt van de wetenschappelijke onderbouwing. De evaluatoren hebben groot gelijk met hun stelling dat die ontbreekt. Zij schrijven: ’Het is belangrijk om te weten wat er al bekend is over het probleem en hoe dit te verwerken in de interventie. De incidentie- en prevalentiecijfers zijn van belang als men dit probleem op grote schaal wil invoeren. Daarnaast zou het verstandig zijn om onderzoek te doen naar relevante interventies die wellicht met dezelfde problematiek te maken hebben.’

Gebaseerd op één rapport

De praktijk is dat de interventie Man Actief is gebaseerd op slechts  één rapport: het rapport ‘Bidden en boodschappen doen’, een onderzoek naar de emancipatie van laagopgeleide allochtone mannen in Amsterdam. Hierin wordt de doelgroep omschreven en wordt aanbevolen om activiteiten voor hen te ontwikkelen. Daarnaast hanteren de ontwikkelaars de zogenoemde mannelijkheidscoderingen: expliciete waarden en normen die  de mannelijke identiteit en het gevoel van eigenwaarde van mannen bepalen. Meer wetenschappelijke onderbouwing is er in de interventie niet te vinden.

Ontstaan vanuit de praktijk

De aanleiding om  de methodiek te ontwikkelen, was de roep van allochtone vrouwen en vrouwenorganisaties om ’meer voor hun mannen te doen’. Zij voelden zich namelijk door hun mannen geremd  in hun eigen ontwikkeling. Deze roep is absoluut niet wetenschappelijk onderbouwd, maar werd door de ontwikkelaars en de financier - het ministerie van OCW, directie Emancipatiezaken - wel regelmatig gehoord. Uiteindelijk resulteerde deze herhaalde roep  in de ontwikkeling van Man actief. Dit is inderdaad geen wetenschappelijke aanpak, maar het is wel ontstaan vanuit de praktijk.

Onontgonnen terrein

Als start van de interventie zochten de ontwikkelaars  naar alles wat er al bekend was over de doelgroep, over het probleem en over relevante interventies die mogelijk met dezelfde problematiek te maken hadden.  Juist omdat bleek dat er geen informatie te vinden was, was dat  aanleiding om met de interventie aan de gang te gaan. En tegelijkertijd ook een beperking, want een wetenschappelijke onderbouwing is dus niet te geven.

Geen uitgebreide evaluatie

Een uitgebreide evaluatie van de interventie is er ook niet geweest. Want hoe gaat dat? De interventie is beschreven, gedrukt, gepresenteerd en verspreid, het project verantwoord aan de subsidiegever en het geld op. Meer dan een informele procesevaluatie zat er niet in. Een uitgebreide evaluatie is de droom van menig interventie-ontwikkelaar, die vaak verdampt in het hectische einde van het project en de waan van alle dag.

Leermoment voor student en ontwikkelaar

Wat zegt dit over het onderzoek van de vier studenten, en misschien ook over andere evaluatieonderzoeken die studenten van Hogescholen en Universiteiten uitvoeren? Wat mij betreft: ga daar vooral mee door. Het laat studenten kennis maken met de praktijk die vaak weerbarstiger is dan de studieboeken doen vermoeden. Voor de ontwikkelaars is het een uitstekende manier om bij de les te blijven. Is het niet om de betreffende interventie aan te scherpen, dan wel voor de volgende keer.

*) Job van Lare, Adriaan von Harenberg, Gérard Hanssen en Samuël Schipperheijn. Opleiding Sport, Gezondheid en Management.

DownloadsTypeGrootte
Adviesrapport_Man_Actief pdf799.85 KB

Reacties

Reageer op dit artikel

3 + 1 =
Los deze eenvoudige rekenoefening op en voer het resultaat in. Bijvoorbeeld: voor 1+3, voer 4 in.