G-KRACHT panel in Almere geeft stem aan mensen met een licht verstandelijke beperking

22 november 2021

Almere werkt vanuit een breed actieprogramma aan inclusie van alle inwoners. Specifiek voor mensen met een licht verstandelijke beperking is er het zogeheten G-KRACHT politiek panel, dat in 2009 door de lokale Stichting ABRI werd opgezet. Het panel speelt een belangrijke rol: mensen met een licht verstandelijke beperking wisselen er ervaringen uit over waar ze tegenaan lopen. Vanuit het panel worden problemen en mogelijke oplossingen geagendeerd bij politiek en beleid.

Hoe versterk je de participatie van mensen met een licht verstandelijke beperking in politiek en beleid? Samen met gemeenten en ervaringsdeskundigen gaan Movisie en Zorgbelang Inclusief op zoek naar antwoorden op die vraag. Begin dit jaar zetten ze samen een leernetwerk op, dat in 2021 drie keer bij elkaar komt. De deelnemende gemeenten delen ervaringen en leren zo van elkaar. Tijdens de tweede leerbijeenkomst, op 12 juli, stond de aanpak van de gemeente Almere centraal.

Inclusieve stad

‘Almere voor iedereen, door iedereen’ is de titel van een overkoepelend actieprogramma voor 2020-2022 waarin Almere schetst hoe de gemeente werkt aan een inclusieve stad voor álle inwoners. In 2018 werd al een Inclusieagenda opgesteld, op basis van het VN-verdrag Handicap, gericht op het opheffen van belemmeringen voor mensen met een zichtbare of niet zichtbare beperking.  

Participatie bevorderen

Specifiek voor mensen met een verstandelijke beperking is er in Almere het G-KRACHT politiek panel, dat tot doel heeft om de participatie van deze inwoners in de stad te bevorderen. Het panel werd in 2009 opgericht door Stichting ABRI nadat de doelgroep had aangegeven graag met de gemeente in gesprek te willen komen over onderwerpen als Wmo-voorzieningen, beleidsparticipatie of bijvoorbeeld over het stemmen bij de verkiezingen. De toenmalige burgemeester Annemarie Jorritsma, die zich erg inzette voor deze doelgroep, installeerde het G-KRACHT politiek panel. Het panel komt elke maand bij elkaar en bestaat uit 10 deelnemers en 4 ondersteuners.
De burgemeester van Almere, sinds 2015 is dat Franc Weerwind, bezoekt het panel twee keer per jaar. Hij geeft adviezen, bijvoorbeeld over waar de inwoners kunnen aankloppen als ze tegen een probleem aanlopen. Ook met de gemeenteraad heeft het panel contact. Driemaal per jaar gaat het panel met een aantal politieke partijen in gesprek in het stadhuis van Almere. Op die manier vormt het G-KRACHT politiek panel een schakel tussen de leefwereld van mensen met een beperking en de systeemwereld van de gemeente. En het toont aan dat mensen met een licht verstandelijke beperking serieus genomen worden: ze worden gehoord én erkend. 

Op de agenda

Het panel zet geregeld zaken op de agenda die voor de doelgroep van belang zijn maar die de politiek niet altijd goed op het netvlies heeft. In aanloop naar de gemeenteraadsverkiezingen van 2022 bespreken de betrokkenen momenteel bijvoorbeeld het belang van ‘een leven lang leren’, óók voor mensen met een licht verstandelijke beperking. Ingrid Thijs, begeleider van het panel: ‘Jongeren uit onze doelgroep stoppen vaak met leren als ze 18 jaar zijn, want dan houdt het speciaal onderwijs op. Dat voelen velen als gemis. Wij brengen nu samen in kaart wat er mogelijk is en gaan dat bij de politiek onder de aandacht brengen.’
Marjan Heidstra geeft nog een voorbeeld van een succes. ‘Wij kregen signalen over onvrede bij mensen met een licht verstandelijke beperking over het Wmo-vervoer. De onvrede moesten echter geuit worden bij de vervoersaanbieder. Merkwaardig, want zo krijg je dat de slager zijn eigen vlees keurt. Het G-KRACHT politiek panel ging daarop in gesprek met de toenmalige wethouder en dat leidde ertoe dat er nu een onafhankelijke klachtencommissie actief is.’

Ingewikkelde taal

Een blijvend punt van aandacht van het panel is de ingewikkelde taal die de gemeente in communicatie met inwoners gebruikt. Ingrid: ‘We horen heel vaak van onze doelgroep dat brieven van de gemeente te complex zijn en dat signaal geven we dat uiteraard door aan de gemeente.  Die heeft wel actie ondernomen: ze stelde een groepje samen: een projectleider van de gemeente en 2 panelleden. Samen namen zij enkele gemeentebrieven onder de loep. Mede op basis van de zo verzamelde input is er een training begrijpelijk schrijven georganiseerd voor een groep ambtenaren van de gemeente.’ 
De begeleiders en betrokkenen van het G-KRACHT politiek panel begrijpen goed dat niet alles waar ze tegenaan lopen kan worden opgelost. ‘Soms moet je gewoon met dingen leren omgaan. Dat er naar ons geluisterd wordt en dat er nagedacht wordt over besluiten die ons raken, is op zich ook al heel belangrijk’, zegt Ingrid.

Input gevraagd

Het G-KRACHT politiek panel agendeert dus geregeld onderwerpen bij beleid en politiek. Maar het gebeurt ook dat de gemeente actief de betrokkenen uitnodigt om input te leveren. Peter Deenen, beleidsadviseur van de Afdeling Zorg en Welzijn: ‘In het kader van ons inclusiebeleid vragen wij de VIP-groep geregeld om input.’ In deze VIP-groep, afkorting van VN-verdrag in de praktijk, zitten vertegenwoordigers van inwoners met uiteenlopende beperkingen. Peter: ‘Ambtenaren vanuit verschillende afdelingen van de gemeente zitten tegenwoordig in één team inclusie en mensen van de VIP-groep sluiten aan bij onze vergaderingen. Zij komen met van alles en nog wat en wij kunnen al die verschillende onderwerpen oppakken, omdat we er met alle afdelingen vertegenwoordigd zijn.’

Persoonlijke groei 

Het G-KRACHT politiek panel levert veel op, ook voor de deelnemers persoonlijk, ziet Ingrid Thijs. ‘Mensen groeien doordat ze in het panel actief zijn. Het is goed voor hun gevoel van eigenwaarde. Zo had een van de leden problemen met een bepaald kruispunt in Almere, hij vond het erg onveilig. Ik ben daar toen samen met hem mee aan de slag gegaan. Met een politieagent hebben we het kruispunt bezocht. Toen die agent zich er nader in verdiepte, bleek dat er inderdaad relatief veel ongelukken gebeurden. Het kruispunt is daarom uiteindelijk ook aangepast.’  
Dankzij deze ervaring is het zelfvertrouwen van het panellid gegroeid. Ingrid: ‘Inmiddels woont hij zelfstandig in een woonvoorziening. Hij geeft ook daar sneller aan als hij tegen dingen aanloopt. Dat was vroeger echt anders.’

Zelf aan het woord

Het G-KRACHT politiek panel brengt veel goeds, maar er blijven nog zeker dingen te wensen over. ‘We merken dat de begrippen die in vergaderingen gebruikt worden door de leden van het panel soms niet begrepen worden. Onze leden hebben ook aangegeven dat Marjan en ik tijdens overleggen met raadsleden erg veel aan het woord zijn’, zegt Ingrid. ‘Ze zouden zelf graag meer willen zeggen, maar vinden dat dat spannend. Een cursus vergaderen en discussiëren zou erg kunnen helpen. Gelukkig heeft de stichting PRAGO in Almere zich bereid verklaard om een training voor ons te verzorgen.’
Het G-KRACHT politiek panel hoopt daar binnenkort mee aan de slag te gaan. ‘Dan kunnen de panelleden meer zelf oppakken. Ze worden nu vaak ondersteund door een maatje, iemand die een panellid helpt om zijn doel te bereiken, bijvoorbeeld door te helpen met stukken lezen, of dingen te schrijven. We zouden het liefst voor alle panelleden een maatje regelen, maar ze zijn lastig te vinden’, zegt Ingrid. 
Marjan vindt dat zij en Ingrid moeten leren om vaker achterover te leunen. ‘We moeten minder voor de panelleden invullen. Hoe meer zij zelf aan het woord komen, hoe beter het contact met toehoorders verloopt’, zien we. ‘Er is vaak sprake van grote verlegenheid bij mensen die in gesprek komen met ons panel. Als de doelgroep meer zelf aan het woord komt en er meer rechtstreeks contact ontstaat met derden, zie je die verlegenheid meteen afnemen.’

Marjan heeft ten slotte nog een hartenkreet. ‘We hebben de mond vaak vol over inclusie en participatie. Maar hoe kun je meedoen als je, zoals velen van onze doelgroep, niet kunt lezen en schrijven? Hoe rusten we mensen toe, zodat ze inderdaad kunnen meedoen en niet verkommeren in een instelling? Het is een vraag waar we als samenleving een antwoord op moeten proberen te vinden.’