Goede hulp na seksueel geweld, waar vind ik die?

Keuzes maken op goede grond
artikel - 14 oktober 2014

Gemeenten worden volgens de Wet Maatschappelijk Ondersteuning in 2015 ook verantwoordelijk voor goede hulp na seksueel geweld. Maar welke hulp is effectief en waar vind je deze? Marit Moll en Suzanne Tan werpen licht op deze en andere vragen in het onderzoek 'In plaats van overleven'. Het is een onderzoek naar de toegevoegde waarde van Praktijk Tebéyo in het aanbod van psychologische hulpverlening voor slachtoffers van huiselijk en seksueel geweld in de regio Haaglanden. Het onderzoek biedt inzichten die ook voor andere gemeenten van belang zijn.

Slachtoffers van seksueel geweld wensen we vanzelfsprekend alle hulp en steun toe die mogelijk is. Maar toch gaat het daar vaak mis. Als slachtoffers al hun schuld- en schaamtegevoelens en angst overwinnen en er met iemand over durven te praten, is dat geen garantie voor gepaste hulp. Er is bij veel hulpverleners en (professionele) opvoeders sprake van zogenaamde ‘handelingsverlegenheid’. Als men al een vermoeden heeft van seksueel geweld, weet men zich vaak geen raad. ‘Weet ik het wel zeker, hoe maak ik het bespreekbaar zonder dat ik de relatie met de cliënt/patiënt schaadt? En waar vind ik goede hulp?'

Op basis waarvan kopen gemeenten hun zorg in? Hoe weten ze wat de noden zijn en wat de passende hulp is?

Keuzes maken op goede grond

Wat is ‘goede hulp’? Is dat de geprotocolleerde evidence based behandeling van de grote GGZ instellingen of de gesprekken met de vrijgevestigde therapeut die slachtoffers de tijd en de ruimte biedt de kwetsuren onder onder ogen te zien? Soms lijkt het dat de reguliere instellingen ziektebeelden behandelen en de vrijgevestigden 'de mens' proberen te helpen. Maar is dat wel zo en wat doen die vrijgevestigden dan? Dit zijn belangrijke vragen, zeker in deze tijd van transitie waar veel verantwoordelijkheden naar gemeenten gaan. Op basis waarvan kopen gemeenten hun zorg in? Hoe weten ze wat de noden zijn en wat de passende hulp is?

Zorgvuldig onderzoek

Marit Moll en Suzanne Tan werpen licht op deze en andere vragen in het onderzoek 'In plaats van overleven'. Het is een onderzoek naar de toegevoegde waarde van Praktijk Tebéyo in het aanbod van psychologische hulpverlening voor slachtoffers van huiselijk en seksueel geweld in de regio Haaglanden. Het schetst enerzijds de beschikbaarheid van hulp voor slachtoffers van huiselijk en seksueel geweld in de regio Haaglanden. Anderzijds geeft het op basis van kwantitatief en kwalitatief onderzoek inzicht in de aanpak van Praktijk Tebéyo. Wat doet de behandelaar van deze gespecialiseerde praktijk, helpt het en wat kost het? Het is een bijzonder dappere stap van Margreet Krotje om haar werk zo grondig te laten onderzoeken. En het is een knap werk van de onderzoekers om het zo zorgvuldig, met respect voor cliënten en hulpverleners te onderzoeken en vast te leggen.

In de regio Haaglanden is er perspectief op een goede sociale kaart en specialistische hulp, dat gun je álle slachtoffers.

Beperkt aanbod en verwijzing op toevallige basis

Het onderzoek biedt inzichten die ook voor andere gemeenten van belang zijn. Om er een paar te noemen: Het aanbod van specialistische hulp voor slachtoffers van seksueel en huiselijk geweld is beperkt en verwijzing geschiedt vaak op nogal toevallige basis. Een specialistisch en herkenbare aanpak zoals die van Margreet Krotj  is een wezenlijke aanvulling. In de regio Haaglanden is er perspectief op een goede sociale kaart en specialistische hulp, dat gun je álle slachtoffers.

Decentralisatie

Hoe staat het er landelijk gezien voor? In 2015 wordt veel overheidsbeleid gedecentraliseerd naar gemeenten; de Wet Maatschappelijk Ondersteuning. Het Rijk concentreert zich op haar systeemverantwoordelijkheid en de verantwoordelijkheid voor de uitvoering komt volledig bij de gemeenten te liggen. In de regiovisies van centrumgemeenten en regiogemeenten wordt het beleid verwoord. In de handreiking regiovisie huiselijk geweld en kindermishandeling wordt specifieke aandacht voor seksueel geweld gevraagd: ‘Seksueel misbruik vraagt om een specifieke aanpak op het gebied van preventie, op het gebied van signalering en op het gebied van de hulpverlening aan slachtoffers en plegers. Het is de vorm van huiselijk geweld en kindermishandeling waar het grootste taboe op rust en die alleen met de inzet van veel expertise veilig bespreekbaar te maken is. Professionals moeten getraind worden om door te vragen naar mogelijke ervaringen met seksueel geweld en om signalen goed te kunnen interpreteren. Vooral dat laatste is van groot belang’.

Kwaliteitsimpuls

Mooie woorden, maar hoe krijgt het vorm? Er zijn extra middelen ter beschikking gesteld om te zorgen voor een kwaliteitsimpuls in de aanpak van huiselijk en seksueel geweld. Gemeenten bepalen hoe zij hun verantwoordelijkheid met partners in het veld zo efficiënt mogelijk gaan organiseren. VWS schrijft echter geen bepaalde vorm voor. Het is aan de gemeenten om te bepalen welke voorzieningen in hun regio nodig en mogelijk zijn, en of er bijvoorbeeld naast een AMHK een apart Centrum Seksueel Geweld komt. Er is voor gemeenten veel werk aan de winkel. Welke functies specifiek met het oog op seksueel geweld moeten in ieder geval geregeld zijn en wat zijn de prioriteiten bij de ‘voordeur’?

Wat doet Movisie?

Movisie werkt samen met het Partnership Aanpak Seksueel Geweld mee aan het versterken van het hulpaanbod en het vergroten van de deskundigheid van de professionals. Movisie ondersteunt gemeenten, professionals en cliënten door een sociale kaart te bieden waarop hulpverleners hun aanbod kunnen tonen, als zij bereid zijn inzicht te geven in een aantal kwaliteitsindicatoren. Tevens brengen we eind 2014 de knelpunten wat betreft de financiering van de hulp in kaart. Zo dragen we bij aan een goede match tussen hulpvraag en hulpaanbod.

Meer informatie

Reacties

Goed dat deze onderzoeken uitgevoerd worden! Ook ik ben heel benieuwd hoe de transitie deze hulpverlening verder zal blijven ondersteunen. Hopelijk kan de sociale kaart daarin handvatten aanreiken.

Samenwerken is één van de belangrijkste zaken. Ik onderschrijf het artikel. Ik geef al jaren binnen organisaties voor mensen met een verstandelijke beperking waarbij ik professionals train op het gebied van signalering en preventie. Daarnaast geef ik psychosociale hulpverlening aan slachtoffers. Nu met de transitie van AWBZ naar de WMO/gemeente dreigt deze vorm van hulp nog niet voldoende geborgd te worden. Met name voor deze specifieke doelgroep. Ik maar mij zorgen over, maar ben ook benieuwd naar nieuwe mogelijkheden!

Mooi om te zien hoe iedereen samenwerkt om te komen tot wat we allemaal willen: duidelijkheid in het aanbod van de hulpverlening na seksueel misbruik.

Reageer op dit artikel

7 + 13 =
Los deze eenvoudige rekenoefening op en voer het resultaat in. Bijvoorbeeld: voor 1+3, voer 4 in.