Hoe laat u een cliënt aan het stuur?

Zelfregie voor Johan, 25 en licht verstandelijk beperkt
artikel - 20 januari 2015
Hoe laat u een cliënt aan het stuur?

Werken vanuit zelfregie, soms lijkt het onmogelijk. Er zijn nu eenmaal mensen die te kwetsbaar zijn om zelf aan het roer te staan. Waar of niet waar? In een serie artikelen kijken we aan de hand van praktijkvoorbeelden naar de mogelijkheden en onmogelijkheden van het werken vanuit zelfregie. Dit keer is het ‘podium’ voor Johan.

Werken vanuit zelfregie wil zeggen dat u een cliënt de ruimte geeft om zelf richting te geven aan zijn leven. Maar wat als je cliënt onverstandige keuzes maakt, waardoor hij bijvoorbeeld zijn baan op het spel zet? Hoe laat je hem toch aan het stuur? Maak kennis met Johan:

Johan (25 jaar) heeft een licht verstandelijke beperking. Zijn ouders konden hem niet aan, daarom heeft hij een aantal jaar in een instelling gewoond. Sinds kort woont hij onder begeleiding. Hij heeft het voortgezet speciaal onderwijs afgerond en werkt als vakkenvuller in een supermarkt. Maar hij komt vaak te laat en dreigt daardoor zijn baan te verliezen. Dan kan hij zijn huur niet meer betalen. Naar een instelling wil Johan niet meer.

Werken vanuit zelfregie in de situatie van Johan?

In het filmpje passen we de vier elementen van zelfregie toe op de situatie van Johan: eigenaarschap, motivatie, kracht en contacten. Hoe ga je het gesprek aan en welke vragen kun je stellen?

Eigenaarschap

Belangrijk is om het eigenaarschap en de verantwoordelijkheid bij Johan te leggen of laten. Het is zijn leven, als hij niet wil veranderen, gaat het ook niet lukken. Dat betekent voor u als professional dat u hem ondersteunt bij het bedenken wat hij zou willen en hoe hij dat kan bereiken. Wat is voor Johan belangrijk en wat is het probleem? Vraag bijvoorbeeld Johan naar:

  • wat hij wil veranderen en wat hij zo wil houden;
  • wat hij daarbij nodig heeft;
  • hoe hij keuzes maakt, wie daar invloed op heeft;
  • wat hij van u verwacht.

Kracht

Het is voor Johan belangrijk om helder te krijgen waar hij goed in is en waar hij ondersteuning bij no-dig heeft. Dat is goed voor zijn zelfvertrouwen en maakt voor hemzelf duidelijk waar hij ondersteuning bij moet vragen en accepteren. ‘Waar ben je goed in?’ is een vraag die veel gesteld wordt, maar vaak maar moeizaam beantwoord wordt. Niet omdat de cliënt geen kracht heeft, maar omdat hij er geen woorden voor heeft en niet gewend is om in dergelijke termen over zichzelf te denken. Vraag Johan bijvoorbeeld:

  • waar hij anderen mee helpt of waarvoor hij gevraagd wordt om te helpen;
  • waar anderen hem in aan kunnen vullen en of hij anderen weleens om hulp vraagt;
  • waar hij trots op is en wat hij leuk vindt;
  • wat hij doet om overeind te blijven in moeilijke periodes en hoe hij dat in het verleden gedaan heeft.

Zo is Johan veel met muziek bezig en wil hij werken bij de bakkersafdeling van de supermarkt. De uitdaging is om met Johan te kijken hoe hij dit met elkaar kan combineren. In de methodiek van moti-verende gespreksvoering wordt vaak gewerkt met de balans in wel en niet willen veranderen. Op zoek gaan naar die balans kan helpen om te zien waarin iemand bereid is om een stapje te maken en of dit het juiste moment is. Het kan zijn dat Johan er nog niet aan toe is en er eerst iets anders moet gebeu-ren: vaardigheden leren, kleinere stapjes maken.

Motivatie

Je wilt van Johan weten wat er écht toe doet voor hem, hoe hij zijn toekomst ziet en wat hij zou willen. Johan wil zelfstandig zijn, maar ziet ook dat dat niet vanzelf gaat. Hoe ziet hij een zelfstandig leven voor zich: wat is voor hem het belangrijkst van die zelfstandigheid? Wat geeft hem plezier? Eigenlijk ben je op zoek naar de glans in de ogen van Johan. Dat kan gaan over grote onderwerpen of soms over iets kleins, maar essentieels. Vraag Johan bijvoorbeeld:

  • naar welk moment van de dag hij uitkijkt en waar we hem midden in de nacht voor wakker kunnen maken;
  • wat activiteiten zijn die vanzelf lijken te gaan en hoe zijn ideale dag eruit ziet;
  • wie een voorbeeldfiguur voor hem is.

Het vierde element is de specie tussen de andere elementen: het verbindt alle elementen met elkaar en is apart ook van groot belang.

Contacten

Johan is sociaal niet zo actief. Hij wil graag zelfstandig zijn en houdt hulp af. Het is goed om in beeld te brengen welke mensen er bij hem betrokken zijn en op welke manier Johan wil dat die mensen een rol spelen in zijn leven. Wie zijn zijn vrienden, met wie maakt hij regelmatig een praatje en bij wie kan hij met vragen of problemen terecht? Vraag Johan bijvoorbeeld:

  • met wie hij regelmatig contact heeft en bij wie hij zich op zijn gemak voelt;
  • aan wie hij zelf steun geeft;
  • of hij familie en vrienden wil vragen om hem te helpen en of u hem daarbij kunt helpen.

Bekijk het filmpje om te zien waar Johan en zijn begeleider op uit komen!

Lees ook het vorige artikel uit deze serie: mevrouw Jansen (81) wil thuis blijven wonen.

Reacties

Mooi filmpje.
Misschien kunnen we een keer praten om na te gaan of we de hoofdlijn (eenvoudig) ook kunnen gebruiken voor thema 'Zelfregie en arbeid/werk' in arbeidsorganisaties. We willen met OR-en in gesprek en aan de slag met zelfregie en zelfsturing (zie ook www.zelfregie-werkt.nl )
Met wie kan ik het beste daarover contact hebben?
Kerst

Beste Kerst,
Bedankt voor je reactie. Je kunt contact opnemen met één van de contactpersonen in de rechterkolom. Alvast bedankt!

Mooi artikel!

Maar een vraag, waar ik zelf tegenaan loop:
wat te doen als Johan (op gebied van contacten) geen behoefte heeft aan contacten? Terwijl er, zoals in veel organisaties/situaties het geval is, meer gebruik gemaakt moet worden van vrijwilligers/sociaal netwerk van de cliënt. Hoe ga je daar als begeleider mee om? Hoe verhoudt deze 'beleidsaanpak' tot de zelfregie van de cliënt?

Dag liesbeth,

Dank voor je complimenten en je vraag/dilemma is zeer herkenbaar. Zelfregie betekent niet dat het altijd gaat zoals de cliënt het wil. Het gaat erom om te starten vanuit de wens/behoefte van de cliënt of burger. Om deze wens of behoefte te realiseren zal er gezocht moeten worden naar hulpbronnen en het netwerk kan daarbij helpen. Mocht de cliënt daar geen behoefte aan hebben, dan is het van belang om met de cliënt te onderzoeken of aan die wens vervuld kan worden zonder netwerk: via een methodiek als motiverende gespreksvoering of waarderend interviewen kan bijvoorbeeld in kaart gebracht worden wat er allemaal speelt. Mocht de cliënt er dan uitkomen zonder iemand in te schakelen, dan is dat geen punt. Meestal, zoals in het geval van Johan, zal het er op neerkomen dat de cliënt inziet dat het netwerk juist ondersteunend kan zijn om de behoefte beter te vervullen.

Reageer op dit artikel

7 + 9 =
Los deze eenvoudige rekenoefening op en voer het resultaat in. Bijvoorbeeld: voor 1+3, voer 4 in.