Hoe ziet cliënten- en burgerparticipatie er in 2020 uit?

artikel - 29 oktober 2013
Afbeelding bij Hoe ziet cliënten- en burgerparticipatie er in 2020 uit?

Karin Sok (kennisprogramma cliëntenparticipatie) schreef samen met Maarten de Gouw (Koepel Wmo-raden) en Rita Meuwese (Zorgbelang Noord-Holland) ‘Modellen voor lokale participatie: een zoektocht naar toekomstbestendige, lokale burger- en cliëntenparticipatie’. De gemeente Medemblik ging er mee aan de slag.

Door de transities en de integrale aanpak stijgt participatie op de gemeentelijke agenda’s. Sommigen gemeenten ontwikkelen brede participatieraden. Andere gemeenten zoeken naar combinaties, samenwerking, nieuwe vormen. Wat doet de gemeente Medemblik?

Toekomstbestendige burger- en cliëntenparticipatie in Medemblik

Minke Jellema, beleidsmedewerker Welzijn van de gemeente Medemblik: 'In Medemblik zijn we veertien collectieve bewonersgroepen rijk die opkomen voor de belangen voor hun kern/dorp. Nu zijn ze nog vaak gericht op de ‘grijs- en groen-kant’. Ik zie dat hier zeker een wisseling in komt en dat we daar nu op in kunnen spelen als gemeente. Maar daar zit ook wel de crux: niet alle bewonersgroepen zijn die mening bedeeld, hoe kun je dat tij keren?'

Hoe zorg je dat cliënten worden vertegenwoordigd in de gemeenteraad?

Gevoel van afstand als fusiegemeente

Volgens de beleidsmedewerker sta je als fusiegemeente gevoelsmatig maar ook fysiek verder af van inwoners. 'Zeker in kernen die nu geen ‘gemeente’ meer zijn. De verschillende modellen zijn voor mij herkenbaar en in sommige kernen zijn we er al actief mee bezig en ontstaat het van onderaf. Ik ga ook zeker gebruik maken van de modellen om de lokale discussie op gang te brengen en wellicht tot andere inzichten te komen.'

Tegenstrijdige ontwikkelingen

Voorjaar 2013 organiseerde MOVISIE voor een breed gezelschap de bijeenkomst ‘Toekomstontwikkelingen cliënten- en burgerparticipatie sociale domein’. Karin Sok: 'Je ziet dan dat verschillende trajecten mogelijk zijn, maar dat iedereen meer dialoog, meer ontmoeting wil. Bij burgers en cliënten bestaat ook duidelijk de wens tot actievere participatie in projecten. Dit vraagt om thema’s die dichter bij mensen liggen, concreter en eenvoudiger zijn. Maar we zien vooralsnog vooral een reactie naar opschaling bij gemeenten en brede Wmo-raden, vanwege de omvang van decentralisaties en de regionale aanpak die daarbij wordt gekozen. Dit brengt thema’s en projecten niet dichterbij, maar juist verder weg en bemoeilijkt directe en concrete participatie van burgers en cliënten. Het is een tegenstrijdige ontwikkeling om alert op te zijn.'

MOVISIE biedt (meer dan) raad

MOVISIE begeleidt diverse steden bij dit soort trajecten, bijvoorbeeld begeleiding bij het fusieproces van raden. Karin Sok: 'Ambtenaren en wethouders zullen in dit proces hun rol moeten pakken en de stap naar cliënten en burgers moeten zetten en het gesprek aangaan. Dit kan richting dorps- en wijkraden, maar ook naar huiskamers van instellingen, activiteiten waaraan cliënten deelnemen en inloopochtenden. Op die manier bereikt een gemeente meer diverse mensen dan wanneer zij cliënten- en burgerparticipatie alleen vormgeeft via een raad.'

Informele en formele vormen van cliëntenparticipatie noodzakelijk

Alternatieve en meer informele vormen waarin burgers en cliënten kunnen meedoen in de beleidsvorming en waardoor er ontmoetingen plaatsvinden zijn belangrijk. 'Maar voor de continuïteit van cliënten- en burgerparticipatie en de formele stem van cliënten/burgers in het beleidsproces blijft een geïnstitutionaliseerde vorm belangrijk. Gemeenten moeten dus actief nadenken over hoe zij burgers en cliënten ten eerste op diverse manieren betrekken bij het beleid en ten tweede vertegenwoordigd zien in raden. Dus ook in de gemeenteraad.'

Dit artikel is afkomstig uit MOVISIES 18, oktober 2013. MOVISIES is de relatiekrant van MOVISIE en verschijnt drie keer per jaar. MOVISIES ook bij u in de brievenbus? Meld u nu aan!

Reacties

Reageer op dit artikel

2 + 0 =
Los deze eenvoudige rekenoefening op en voer het resultaat in. Bijvoorbeeld: voor 1+3, voer 4 in.