“Ik ben trots dat de regenboogvlag echt iets betekent voor de provincie Drenthe”

In gesprek met Henk Nijmeijer over de Regenboogprovincies

In 2016 werd Drenthe als eerste provincie een Regenboogprovincie: een provincie die zich vanuit de provinciale organisatie inzet voor lesbische, homoseksuele, bi+, transgender en intersekse (lhbti+) inwoners. Inmiddels zijn alle twaalf provincies Regenboogprovincie. Naar aanleiding van de ontwikkelingen van de laatste jaren ging Movisie in gesprek met een baanbreker van Regenboogbeleid: Henk Nijmeijer.

Nijmeijer, een Drents statenlid (GroenLinks), staat aan de wieg van het fenomeen Regenboogprovincies. We spraken met hem over zijn kijk op de laatste ontwikkelingen, de provincie Drenthe, en de toekomst van het provinciaal Regenboogbeleid. 

De ontwikkelingen van de laatste jaren 

De laatste jaren zijn steeds meer provincies een Regenboogprovincie geworden. In 2020 sloot Friesland zich als laatste aan. Hoewel provincies soms nog zoekende zijn in hoe ze invulling geven aan deze rol, krijgt het Regenboogbeleid in veel provincies steeds meer vorm en inhoud. Nijmeijer kijkt positief naar die ontwikkeling. Hij vertelt: “Het is natuurlijk hartstikke goed dat alle provincies nu Regenboogprovincie zijn. Ik ben er ook echt blij om dat in die provincies er ook een beweging ontstaat om juist die regionale versterking te zoeken op dit beleid en niet alleen te richten op het gemeentelijk beleid. Ik ben er ook blij om, omdat als kleine provincies met weinig grote steden zoals Drenthe, Friesland, Groningen en Zeeland, zichzelf ook Regenboogprovincie verklaren, je al een grote stap gezet hebt. Alleen dat al is zo belangrijk. Dat zegt iets over veranderingen in de maatschappij die langzaam doordruppelen en dit zijn de signalen daarvan. Dat stemt mij wel hoopvol.” Bovendien zijn volgens hem juist ook de kleine gemeenten en provincies belangrijk in het Regenboogbeleid, en niet alleen de grote steden. “Mensen moeten ook veilig kunnen wonen in een dorp, niet alleen in een grote stad”, aldus Nijmeijer. 

Regenboogprovincies

Alle Nederlandse provincies hebben zich uitgeroepen tot ‘Regenboogprovincie’. Dit betekent dat deze provincies zich inzetten om gelijke behandeling en emancipatie van lhbti+ personen in hun provincies te bevorderen. De provincie Drenthe nam medio 2016 het voortouw, waarna andere provincies rap volgden. In 2020 sloot de provincie Friesland zich als laatste bij de provincies aan. De provincies geven op verschillende manieren invulling aan het feit dat zij Regenboogprovincie zijn. Movisie ondersteunt hen hierbij sinds september 2021. In ieder geval tot en met 2022 wordt er gewerkt aan versterking van het provinciale lhbti+ netwerk en het uitwisselen van kennis en ervaringen.

Inventarisatie Regenboogbeleid

In 2019 heeft Movisie een inventarisatie van de stand van zaken van het regenboogbeleid in provincies gedaan. Dit jaar is deze inventarisatie opnieuw uitgevoerd. Wat de vergelijking tussen 2019 en 2022 laat zien is dat provincies de laatste jaren heuse stappen hebben gezet op het gebied van lhbti+ beleid. Provincies ondernemen meer activiteiten vanuit hun rol als Regenboogprovincie, en besteden er over het algemeen meer tijd en middelen aan. Hoewel er nog een hoop te bereiken is, gaan deze ontwikkelingen volgens Nijmeijer snel genoeg. Zorgvuldigheid is volgens hem belangrijk: “Je kan gras niet harder laten groeien door er aan te trekken. Dit is een transformatieproces en dat heeft gewoon zijn tijd nodig. Het is geen knop die je omdraait. Als er geld beschikbaar is, betekent dat niet per se dat je ook het beleid veranderd hebt. Als het geld wegvalt, dan zakt het weer in. Ik heb liever dat het langzaam gaat, dat het goed onderbouwd is, en dat fundamenten worden gebouwd. Het is belangrijk dat het stevig staat”, meent Nijmeijer. 

Verankering van het Regenboogbeleid 

Maar hoe kan je er als provincie voor zorgen dat het Regenboogbeleid stevig staat? Nijmeijer vertelt: “Het Regenboogbeleid van de provincie Drenthe heeft een vaste plek gekregen in de sociale agenda. De provincie Drenthe is de eerste provincie in Nederland die een eigen sociale agenda heeft opgesteld, en het Regenboogbeleid is onderdeel van het Inclusiebeleid. Dat vind ik ook goed, dat het daarin geïntegreerd is. In principe zijn de problemen op het gebied van inclusie, met alle nuances, in hoofdzaak hetzelfde. Het gaat vaak om het feit dat mensen zich buitengesloten voelen, en dus is het belangrijk om de sociale cohesie en acceptatie voor iedereen te vergroten. Dus, geef het een plek in je sociale agenda en neem het mee in je hele diversiteitsbeleid. Haak het ook aan veiligheid, want dat is eigenlijk waar het over gaat: je veilig kunnen voelen zoals je bent. Daar hebben politici ook een verantwoordelijkheid in.”

Een andere tip die Nijmeijer meegeeft is om ook in overleg te gaan met de gemeenten. Met de Regenbooggemeenten, maar ook de gemeenten die dat niet zijn. “Ik denk dat het heel belangrijk is dat provincies met de gemeenten in overleg gaan. Er zijn allerlei provinciale overleggen op het gebied van het sociaal domein. Daar zou dit een vast agendapunt op moeten zijn. We moeten ook de gemeentelijke beleidsambtenaren en de wethouders motiveren en stimuleren en daar ligt een taak bij de provincie”, aldus Nijmeijer. Onlangs schreef Movisie dit artikel met meer concrete tips over hoe provincies invulling kunnen geven aan hun rol als Regenboogprovincie.

Terug- en vooruitblik 

Drenthe, waar Nijmeijer statenlid is, is inmiddels al zes jaar Regenboogprovincie. Nijmeijer is trots op wat er de laatste jaren in Drenthe bereikt is. Hij vertelt: “Ik ben trots dat het overal bespreekbaar is. Dat de regenboogvlag niet meer wordt gezien als iets vulgairs en dat het ook echt wat betekent voor de provincie Drenthe. Ik ben er gewoon trots op dat Drenthe Regenboogprovincie is en dat dat verankerd is in de sociale agenda.” 

Hoewel er al veel bereikt is, blijft Regenboogbeleid voorlopig nog nodig. De ambitie van Nijmeijer is dat lhbti+ personen in Drenthe, en in Nederland als geheel, volledig geaccepteerd en veilig zijn. Dit hoopt hij ook vanuit zijn eigen ervaringen. Nijmeijer vertelt: “Ik wil gewoon veilig op straat kunnen lopen met mijn man, hand in hand. Zo ver zijn we nog niet, maar dat is wel mijn ambitie. En tot zo lang zal ik ook vechten. Door het gesprek aan te gaan, mensen te overtuigen, en mensen mee te nemen in wat het mij doet.”