Maak een arbeidsmarkt voor iedereen

Praktijkvoorbeelden aan het woord

De arbeidsmarkt is momenteel krap, maar toch staan meer dan een miljoen mensen langs de kant die willen én kunnen werken. Je kunt stellen dat de arbeidsmarkt weinig inclusief is. Om inclusie daadwerkelijk vorm te geven, moeten we anders gaan kijken, denken en vooral doen. De Transitiearena Waardevol Werk faciliteert dit anders kijken. Deze keer zijn Het Bruisnest en Stadskamer te gast, inmiddels gevestigde organisaties op het gebied van herstel en inclusieve arbeidsmarkt.

Wanneer je wilt werken aan maatschappelijke verandering is het belangrijk om inzicht te krijgen in de waarden die onder die gewenste verandering liggen. Tientallen jaren geleden betekende goede zorg en ondersteuning bijvoorbeeld dat mensen met een beperking in aparte dorpen leefden en werkten. Vandaag de dag streven we juist naar een inclusieve arbeidsmarkt waar iedereen deel uitmaakt van dezelfde samenleving. Ook ligt de nadruk steeds minder op zorg en bescherming, en meer op activeren en eigen regie. Verandering van dit waardeperspectief en die waarden vervolgens omzetten in concrete handelingen, zien we terug in Het Bruisnest en Stadskamer.

Transitiearena Waardevol Werk

Sinds 2014 organiseert Movisie transitiearena’s Waardevol Werk. Dit is een serie van bijeenkomsten met innovatieve manieren om te komen tot een inclusieve arbeidsmarkt. Doel is het stimuleren van vernieuwing, experimenten uitwisselen, vraagstukken delen en bespreken en samen vooruitkijken.  Inmiddels is er een heel netwerk van vaste en sporadische deelnemers ontstaan. Beleidsadviseurs, aanbieders, onderzoekers, werkgevers, sociale ondernemingen, ervaringsdeskundigen, eigenlijk iedereen met interesse in de inclusieve arbeidsmarkt sluit aan.  

Op 14 februari is de volgende transitiearena Waardevol Werk (online). 

Het Bruisnest

Het Bruisnest is onderdeel van Kwintes, een zorgorganisatie die ondersteuning biedt aan mensen met psychiatrische of psychosociale kwetsbaarheden. In Het Bruisnest komen ongeveer 75 vrijwilligers die willen ontdekken en leren wat zij nodig hebben op hun weg naar herstel en werk. Veel mensen komen vanuit een sociaal isolement en zijn het contact met de lokale samenleving vrijwel volledig kwijt. Bij het Bruisnest leren zij hun kwaliteiten ontdekken. Zo kunnen ze ook meedoen en meetellen in de samenleving. De waarden gelijkwaardigheid, positiviteit en verantwoordelijkheid komen binnen Het Bruisnest tot leven.  

Vrijwilliger 

Het Bruisnest bestaat sinds 2014. Geheel op eigen kracht hebben deelnemers met een achtergrond in de geestelijke gezondheidzorg een ontmoetingsplek geopend, waar zij geen cliënt zijn, maar bezoeker of vrijwilliger. ‘We laten zien wat er mogelijk is, op eigen kracht en op onze eigen manier’, begint Yvonne, initiatiefnemer van Het Bruisnest. Binnen Het Bruisnest wordt voornamelijk aandacht besteed aan de gezonde kant van het vrijwilligerswerk. Zo ligt de focus op werken en niet op zorg. Het herstelproces van de vrijwilligers krijgt vorm door het volgen van cursussen en werkzaamheden op een bepaald vakgebied. Zo wordt de persoonlijke effectiviteit vergroot, bijvoorbeeld door te leren omgaan met feedback en je eigen kwetsbaarheid, het vergroten van je netwerk, krijgen van een dagritme en het leren van werknemersvaardigheden. Werkzaamheden vinden bijvoorbeeld plaats in de keuken, logistiek of de administratie. Binnen Het Bruisnest kunnen vrijwilligers op hun eigen tempo hun werkinteresses ontdekken en zich verder ontwikkelen. Meer weten over Het Bruisnest? In deze PowerPoint vertellen vrijwilligers in een video over hun ervaringen. 

Mensen aan het koken

Sleutel krijgen 

Het geven van verantwoordelijkheden aan de vrijwilligers is een belangrijk onderdeel van de werkwijze en visie van Het Bruisnest. De geestelijke gezondheidszorg heeft nog altijd een beschermend karakter dat gericht is op diagnoses. Vrijwilligers van Het Bruisnest krijgen en nemen juist verantwoordelijkheden. ‘Vrijwilligers die openen en afsluiten krijgen de sleutel van het pand. Ook doet een vrijwilliger de administratie’, zegt Yvonne. 

Gelijkwaardigheid in de praktijk

De waarde gelijkwaardigheid komt niet alleen terug binnen Het Bruisnest, het gaat verder dan dat. Neem de contacten met werkgevers in de regio. Twee vrijwilligers werken nu in de kinderopvang. Een van de vaste medewerkers van Het Bruisnest begeleidt hen op de werkervaringsplek. Deze medewerker spreekt de vrijwilligers en werkgevers regelmatig over hoe het gaat en wat van beide kanten nodig is om het werk uit te voeren. Een ander voorbeeld: zowel de vrijwilligers als toekomstige werkgevers krijgen een sollicitatietraining. ‘Beide partijen - vrijwilliger en werkgever - leren elkaar kennen en oefenen welke vragen goed werken, en welke niet’, duidt Yvonne.  

Stimuleren 

Naast de kracht van de oprichters en vrijwilligers van Het Bruisnest, hebben Kwintes en de gemeente Gouda een essentiële rol in het succes van Het Bruisnest. De houding van deze organisaties kan een initiatief als Het Bruisnest immers maken of breken. De gemeente Gouda wil niet met indicaties voor dagbesteding werken, maar geeft subsidies. Het Bruisnest is hier een proeftuin van. Zo kan iedereen bij Het Bruisnest binnenkomen en is er veel minder administratiewerk. Stelt een gemeente gedetailleerde verantwoordingseisen aan een subsidieregeling, dan kan dat de teleurgang van een initiatief als Het Bruisnest betekenen.  

Stadskamer - Doetinchem

Vervolgens nemen Mark en Frits van Stadskamer het woord. Het begon allemaal met een tafel, koffie en een broodje in een oud winkelpand in Doetinchem. ‘We gingen gewoon met mensen in gesprek: ‘waar word je blij van, wat wil je doen?’. Juist de mensen die niet naar het GGNet gingen, kwamen hier wel binnen. Waarom? Omdat ze hier niets hoefden. Niet een traject met vaststaande behandelingen en doelen. ‘Iedereen wil gezien worden, maar niet altijd op voorwaarden van de ander’, schrijft Janneke, een van de oprichters van Stadskamer op hun website. Onder het genot van een broodje of door samen de muren te schilderen van het winkelpand kwamen de gesprekken los. Zo werd het een plek van iedereen en zijn mensen geen cliënten, maar gewoon mensen die samen bezig zijn.  

man aan het werk

Aan de slag gaan

Stadskamer is gestart vanuit een heldere visie - iedereen doet mee -, met één belangrijke voorwaarde: mensen hebben geen indicatie nodig om mee te doen. Het plan werd geschreven op twee kantjes, waarmee de gemeente Doetinchem financiering voor één jaar bekostigde. De kracht zit in eenvoud en gaan doen. Tijdens het doen merk je wat wel en niet werkt, waarna weer vervolgstappen gezet worden. In de praktijk van Stadskamer én in beleid en financiering vanuit de gemeente. Vanuit de veranderkunde wordt deze succesfactor geduid met muddling through: in kleine stappen bereik je sneller iets, dan in grote masterplannen. Grote lange termijnplannen kunnen mensen niet overzien of het vraagt om een te grote investering vooraf, waardoor mensen afhaken. 

Waar word je blij van?  

In tien jaar tijd zit Stadskamer op elf verschillende locaties in de Achterhoek. Elke plek krijgt invulling door de mensen die er komen. De ene plek heeft een werkplaats en sportactiviteiten, de andere plek heeft een keuken en een schilderatelier. ‘Als iemand voor het eerst binnenkomt, laat ik niet al het aanbod zien. Ik ga in gesprek over waar iemand blij van wordt en hoe een goede dag er voor iemand uitziet,’ vertelt Mark, maatschappelijk werker bij Stadskamer.  

Tijd

Veel mensen weten niet wat ze willen. Ze hebben nooit geleerd om zelf keuzes te maken, dat werd vaak voor hen gedaan. Het kan zo een half jaar duren voordat mensen weten wat ze willen in de toekomst. Om deelnemers hierbij te helpen is de methodiek ‘De Route van de Vraag’ ontwikkeld. De kern van deze methodiek is de vraag wat iemand wil, waar iemand van droomt en hoe de Stadskamer kan bijdragen deze droom te vervullen. Dat kunnen grote dromen zijn, maar ook hele kleine. Voor sommigen is de stap om naar een Stadskamerlocatie te komen al een vervulling van een droom. ‘We maken inzichtelijk wat mensen al in hen hebben: welke kwaliteiten bezit je, hoe ga je om met tegenslag, hoe help je anderen in hun proces’, vertelt Mark.  

Samen herstellen 

Stadskamer laat zien dat als het even niet loopt in je hoofd, lijf of leven, dat dit niet betekent dat er iets mis is met jou als persoon. ‘Als je langer somber bent, hoef je niet direct een behandeling te krijgen’, stelt Frits, ervaringsdeskundige bij Stadskamer. De wachtlijsten in de GGZ laten zien dat behandelingen niet altijd werken, mensen komen gewoon weer terug. In een omgeving van steun waarin je samen aan de slag gaat kunnen veel mensen herstellen, eventueel in combinatie met een behandeling. De een zet stappen door gesprekken met peers, de andere heeft een praktische oplossing nodig en weer een andere kiest voor creatieve therapie. ‘Het mooie is, je bent hier nooit ‘uitbehandeld’, zegt Frits trots. In behandelingen verlies je je netwerk als je traject klaar is. Dan sta je er (weer) alleen voor. Bij Stadskamer is iedereen altijd welkom. Zo hoef je geen afscheid te nemen van de mensen die je hebt leren kennen en een steun voor je zijn. 

Fotografie: Anja Onstenk