Margot Scholte over evenwichtskunstenaars en haar Marie Kamphuis Lezing

26 september 2019

In het sociaal werk moet meer aandacht zijn voor de aanpak van structurele problemen in het sociaal domein, stelde Margot Scholte in haar Marie Kamphuis Lezing 2018. Zij zette daarmee een debat over individuele hulpverlening of het agenderen van problemen in gang. Movisie sprak met Margot over haar lezing en over haar nieuwe boek ‘Evenwichtskunstenaars’.

Margot Scholte kreeg vorig jaar heel veel instemmende reacties op haar lezing: 'Veel mensen herkenden dat er allerlei structurele problemen in het sociaal domein zijn die te weinig aan de orde komen en dat er sterk individu-gericht wordt gewerkt. Dat vond ik wel aardig. Werken in de wijk is natuurlijk wel een verbreding, maar daarbinnen zie je vaak dat het zich beperkt tot een op een werken terwijl er zoveel meer te doen is. Dus van die reacties werd ik wel blij, maar ik vraag me wel af of er echt zoveel mee gebeurt.'

De agenda van het sociaal werk

Op 14 november organiseren Movisie, Beroepsvereniging van professionals in sociaal werk (BPSW), Marie Kamphuis Stichting, Platform voor Sociale Vraagstukken en Platform voor Buurtontwikkeling Buurtwijs ‘De agenda van het sociaal werk’. Centraal staat de dubbele Marie Kamphuis Lezing 2019 van Rudi Roose en van Margo Trappenburg. Daarnaast vindt een debat plaats onder leiding van Evert van Rest. Al meer dan 400 mensen hebben zich aangemeld. Je kunt je nog aanmelden.

Laten we de knuppel maar eens in het hoenderhok gooien

Bij het voorbereiden van haar lezing neusde Margot in de oude bibliotheek van Lex Noyons, die zij na zijn overlijden had gekregen. In oude tijdschriften zocht zij naar een onderwerp voor haar lezing: 'Ik was eigenlijk op zoek naar oude, vergeten methodieken, die verguisd zijn of die op een of andere manier zijn teruggekomen. Daarin kwam ik onder meer sociale actie tegen, een methode waarbij sociaal werkers samen met cliënten/bewoners/burgers ‘actie voeren’ met de bedoeling om gewenste veranderingen te bewerkstelligen. Toen ik begon in het sociaal werk was die werkwijze echt taboe. Voor de Kamphuislezing ben ik me erin gaan verdiepen, en ik ontdekte dat de methodiek eigenlijk heel interessant is, best ver uitgewerkt ook. Niet per se op de manier zoals we dat nu zouden doen, maar wel zo dat er hele interessante aanknopingspunten aan zaten. Ik was al veel langer kritisch op de huidige tijd met het individueel werken terwijl er zoveel meer aan de hand is. Als sociaal werker kun je nu vaak je best doen, maar je gaat het op de lange termijn toch niet redden. Dan help je één gezin of persoon maar eigenlijk zijn het veel bredere problemen die je ter discussie moet stellen. Toen dacht ik: laten we de knuppel maar eens in het hoenderhok gooien. Ik stond daar overigens niet alleen in, want als je je erin gaat verdiepen zie je dat die discussie over structurele problemen en sociale actie in België en het Verenigd Koninkrijk al langer gevoerd wordt. In die zin is het eerder een beweging die op gang komt.'

Kom op jongens, het is een vak, laten we het alsjeblieft serieus nemen.

Margot: 'Ik houd het nu niet meer zo bij, maar er was toen in België een aanbesteding in Antwerpen, meen ik. Door een breed gedragen actie in het sociaal werk hebben ze die aanbesteding toen tegen kunnen houden. Dat vind ik heel erg positief. Dan denk ik ’Kom op jongens, het is een vak, laten we het alsjeblieft serieus nemen.’ Ik denk dat je het alleen serieus kunt nemen, als je zelf je vak ook serieus neemt en opkomt voor wat jij denkt dat belangrijk is. Dus dat vond ik heel mooi.'

Cover van het boek van Margot Scholte

Wie is Margot Scholte?

Margot Scholte is voormalig medewerker van Movisie en lector maatschappelijk werk bij de Hogeschool InHolland. Vanwege ziekte heeft zij enkele jaren geleden haar actieve loopbaan beëindigd. Vanuit de zijlijn blijft ze betrokken. Zo hield zij op 14 maart 2018 tijdens De Dag van de Sociaal Werker de elfde Marie Kamphuis Lezing. Lees het interview met Margot daarover of de verkorte versie van haar lezing. Haar nieuwe boek ‘Evenwichtskunstenaars’ is uitgegeven door Coutinho.

Je moet kijken naar wat je verbindt

Margot is enthousiast dat bij De agenda van het sociaal werk de beroepsvereniging BPSW en Movisie samenwerken: 'Je kunt samen een steviger vuist maken. Je moet voorkomen dat je allemaal in je eigen bubble zit en dat je je vooral richt op wat je onderscheidt van elkaar. Ik denk dat je veel meer moet kijken naar wat je verbindt. Samenwerken in plaats van elkaar negeren of aftroeven. Ik denk daarbij dat er heel veel is dat sociaal werkers verbindt. Dat is grappig, want dat was bij mijn laatste project ‘Evenwichtskunstenaars’ ook zo. Wil je iets betekenen en wil je door de samenleving en de overheid serieus worden genomen dan moet je de breedte opzoeken en samenwerken.'

Margot Scholte

Wat moet op de agenda van het sociaal werk staan?

Margot: 'Wat in elk geval op de agenda hoort is dat de opleidingen zich richten op ‘wat bindt’. Laten we voorkomen dat opleidingen allemaal hun eigen specialisaties gaan bedenken. Dus zorgen voor een stevige basis.  Daarna kunnen sociaal werkers zich verder specialiseren. Het heet nu allemaal wel sociaal werk, maar in de praktijk is de variatie enorm. Ik denk dat daarbij veel winst te behalen is. Veel docenten geven graag les in het, vaak theoretische, vak waarin ze zelf opgeleid zijn. Ik denk dat je ook docenten goed moet scholen zodat ze op de hoogte zijn van de nieuwste ontwikkelingen in het vakgebied en daar een visie op ontwikkelen. Als ik terug mag komen op sociale actie; elk jaar horen we: er leven zoveel kinderen in armoede en de aantallen nemen alleen maar toe. Dat zijn typisch onderwerpen waar je vanuit sociaal werk iets mee moet. Maar dan moet je het probleem wel doorgronden en daarbij ook bedenken wat het sociaal werk aandeel daarin zou kunnen zijn.  In dit geval gaat het om een complex en structureel probleem waarbij mogelijk sociale actie ingezet kan worden. Ik ben ervan overtuigd dat allerlei structurele problemen verholpen kunnen, als de politieke wil er maar is. Ik denk dat die er vaak helemaal niet is. Zo vind ik het onbegrijpelijk dat in zo’n rijk land als Nederland er zulke gigantische aantallen mensen in armoede leven. En dan maar roepen dat een oplossing niet kan en dat daar geen geld voor is. Ik denk dan ‘kom op, je moet willen’. Het kan geen kwaad om de druk op te voeren en te zorgen dat het onderwerp breed gekend wordt en er serieus oplossingen bedacht worden. Niet iedereen kan het maar de hele tijd beter en beter krijgen.' Lachend voegt ze eraan toe: 'Ja, ik heb makkelijk kletsen in mijn mooie huis. Maar een ondergrens in de gaten houden en zorgen voor een goed vangnet is een kwestie van beschaving, een maatschappelijke plicht om ervoor te zorgen dat de verschillen niet te groot zijn.'

Ik overtrad de deadline

Margot vertelt over haar nieuwe boek ‘Evenwichtskunstenaars – Leven met ongeneeslijke kanker’: 'In 2012 kreeg ik te horen dat ik ongeneeslijk ziek was en dat het ook wel eens heel snel zou kunnen gaan. Maar het bleek helemaal niet zo snel te gaan. Ik overtrad, zeg maar, de deadline. Nou heb ik dat wel vaker gedaan in mijn leven, maar in dat geval was het wel bijzonder omdat je eigenlijk je houvast kwijtraakt. Je denkt dat je weet waar je aan toe bent, maar eigenlijk weet je dat helemaal niet. Artsen weten dat net zomin. Je merkt dat je zelf een manier vindt om ermee om te gaan en langzaamaan ontstond bij mij een nieuwsgierigheid naar hoe andere mensen in soortgelijke situaties daarmee omgaan. Hoe geef je je leven weer zin en inhoud? Hoe ga je verder na zo’n diagnose? Je kunt heel verdrietig in een hoekje in de bank gaan zitten en er niet meer uitkomen. Maar dan verpest je het voor jezelf en voor je omgeving. Dat was niet wat ik van plan was. In het begin staat de ziekte heel erg op de voorgrond en ben je er eigenlijk 24 uur per dag mee bezig. Je staat ermee op en gaat ermee naar bed. Langzaam verandert dat. Je vergeet het nooit, het is wel ergens aanwezig, maar het verschuift meer naar de achtergrond. Goede dingen komen weer meer op de voorgrond.'

Mentaal herstel

'Ik heb voor het boek twaalf interviews gedaan en Heleen van Deur, mede-auteur, heeft mij begin dit jaar geïnterviewd. Wat ik op voorhand dacht was dat het onderzoek over mentaal herstel zou gaan. Herstel betekent niet dat je beter wordt maar dat je in je hoofd afstand kan nemen van je ziekte, van het ziek zijn en van je patiëntenrol. Ik heb die term, mentaal herstel, aan al mijn geïnterviewden voorgelegd en meer dan de helft had er helemaal niets mee. Dat kwam denk ik vooral door de foute associatie met die het woord herstel oproept. Sommigen herkenden het wel, hoor. Maar het grappige was dat de interviews met diegenen die het niet herkenden toch gingen over mentaal herstel, over hoe zij zich hernamen en hoe zij weer meer gingen genieten. Dat is ook datgene waar instellingen hulp bij kunnen bieden, bij mentaal herstel, mensen helpen om zich weer bij elkaar te rapen. Dat geldt voor alle ‘langlevers’, mensen zoals ik, die het langer volhouden dan men in eerste instantie verwacht. Er komen tenslotte steeds meer nieuwe behandelmethoden. Ik heb het ook vier jaar heel goed gedaan op een behandeling die er nog niet was op het moment dat ik ziek werd. Dat maakt dat je het langer volhoudt dan men in eerste instantie verwacht. Begin dit jaar, na een epileptische aanval door een hersentumor, was het idee dat het nu wel snel afgelopen zou zijn, maar mijn arts is weer helemaal enthousiast en verbaasd dat ik er nog steeds ben en dat ik het zo goed doe. Nou, ik maak hem graag blij.'

Foto’s: Arjan Doolaar / Marie Kamphuis Stichting