Nogmaals de tegenprestatie

artikel - 2 november 2015

Een documentaire over de tegenprestatie zoals die maandag 19 oktober op NPO 2 te zien was, houdt de gemoederen bezig. Terecht, want het zal je maar gebeuren dat je gedwongen bent om een uitkering aan te vragen en dan op een weinig inlevende manier wordt behandeld. Ogenschijnlijk zonder dat er rekening wordt gehouden met de competenties, kwaliteiten en ervaring die iedereen gedurende zijn leven heeft opgedaan. Daar schiet niemand wat mee op. De betrokken mensen niet, wij als samenleving ook niet.

Hoewel de documentaire dus een onthutsend beeld gaf van de gang van zaken bij de sociale dienst, was de titel (tegenprestatie) wat misleidend. De tegenprestatie en andere vormen van ‘werken met behoud van uitkering’ liepen door elkaar heen, zonder dat expliciet werd gemaakt wanneer er sprake was van het een of van het ander. Voor de oningewijde TV-kijker zijn die verschillen misschien niet interessant, maar ze zijn wel degelijk significant. Vormen van ‘werken met behoud van uitkering’ zoals proefplaatsingen en participatieplaatsen hebben in elk geval de intentie om de afstand tot de arbeidsmarkt te verkleinen. Bij een tegenprestatie is dat nadrukkelijk niet het geval. Iemand die een tegenprestatie levert, krijgt daarmee niet per se een grotere kans op het vinden van (betaald) werk.

‘Straten vegen’

Wie dit uitgangspunt hanteert, kan inderdaad uitkomen op het idee dat 'iedereen straten moet vegen', ongeacht werkervaring of opleiding. De documentaire bracht dit ook treffend in beeld. Een aanpak die bijstandsgerechtigden ervaren als stigmatiserend en ze het gevoel geeft dat ze een taakstraf opgelegd krijgen. Niet onlogisch aangezien ze hetzelfde werk moeten doen en dezelfde kleding moeten dragen als de echte taakgestraften. De vraag is of dit wenselijk is. Terecht stelt de maker van de documentaire in een blog op Joop de vraag: wat levert het uiteindelijk op? Volgens hem is er een overweldigende hoeveelheid onderzoek waaruit blijkt dat een aanpak zoals in Rotterdam niet werkt.

De situatie in Rotterdam is niet uniek. Op verschillende sites worden door burgers meer van dergelijke voorbeelden verzameld. Zo waren in de gemeenten Aalten en Oude IJsselstreek bijstandsgerechtigden jarenlang verplicht om 32 uur per week met behoud van uitkering kunstbloemen te vouwen die vervolgens verkocht werden in tuincentra. Werk waarvan de burgemeester nu toegeeft dat het eigenlijk normaal betaald had moeten worden.

Averechts

In het verleden werden moeilijk bemiddelbare bijstandsgerechtigden vaak aan hun lot overgelaten. Er bestaat terecht nu de consensus dat dit onwenselijk is. Maar een aanpak zoals in Rotterdam of Aalten zou wel eens nadeliger kunnen uitpakken voor de participatie van de betreffende burgers dan de verwaarlozing uit het verleden. Zoals de kersverse hoogleraar Frank Hindriks betoogt op sociale vraagstukken, kan een als stigmatiserend ervaren aanpak juist averechts uitpakken.

Maatwerk

Hoe moet het dan wel? Volgens Movisie moet participatie vooral ook duurzaam zijn en dat houdt in dat welke activiteiten burgers in het kader van participatie ook uitvoeren, ze eerst en vooral voor henzelf zinvol moeten zijn. Alleen dan zullen burgers voldoende gemotiveerd blijven om ook op lange termijn een bijdrage aan de samenleving te blijven leveren. Die zin hoeft niet per se te liggen in een marktconform salaris. Zo’n 5 miljoen mensen (volgens het CBS) ontlenen op dit moment al zin aan hun vrijwillige inzet. Dit betekent dus uitgaan van de eigen kracht en motivatie van de burger, ook als hij toevallig even niet in zijn eigen inkomen kan voorzien en daarom bij de sociale dienst aanklopt. Maatwerk dus.

Er zijn gelukkig veel gemeenten die hun bijstandsgerechtigden daarin wel serieus nemen. Zij streven, ook als het om ‘werk met behoud van uitkering en de tegenprestatie’ gaat naar maatwerk. Veel klantmanagers behandelen hun klanten wel als echte klanten. Zij proberen samen met hun cliënten tot de voor hen juiste vorm van participatie te komen.

Movisie besteedt de komende periode op de website aandacht aan deze betere voorbeelden.

Thema’s zijn:

  • Het matchen tussen vraag en aanbod bij de Tegenprestatie in Apeldoorn;
  • De peer to peer aanpak in Overschie: Uitkeringsgerechtigden begeleiden andere uitkeringsgerechtigden naar participatie;
  • Klantmanagers die samen met hun cliënten tot de voor hen juiste vorm van participatie te komen in Den Bosch.
  • De relatie tussen activering en zorg binnen de tegenprestatie door Helmond.

Reacties

Waarom dan niet de gehele arbeidsmarkt verdelen? De meeste mensen hebben uit publieksgelden (DUO) of belastingaftrek opleidingen kunnen volgen om hopelijk een (goed) betaalde baan te kunnen krijgen. Dan gaat iedereen parttime werken en daarnaast kinderen opvoeden, vrijwilligerswerk, etc. en andere leuke dingen doen. Dus ook ministers en bankdirecteuren, enz. Dit zal een enorme besparing op ziekteverzuim kunnen opleveren, want mensen kunnen zich meer onthaasten en van het leven genieten, zoals het volgens mij ook bedoeld is. Nu moeten we leven om te werken en dat geeft veel stress. En als we dit dan koppelen aan een onvoorwaardelijke basisinkomen, dan kan de economie ook weer opleven.

Volgens mij worden de discussies over het basisinkomen volop gevoerd en is het concept 'werk' langzaam maar zeker aan het veranderen. Wie weet waar dat uitkomt.

Wat er aan toegevoegd mag worden is voor mij een structurele insteek. Waarom zouden we al het publiek betaald werk niet herverdelen? Iedereen krijgt dan deels betaald en levert deels een maatschappelijke bijdrage (tegenprestatie voor bijstaand of publiek betaald loon).

Dank voor uw reactie. Ik weet niet of ik helemaal scherp heb wat u bedoelt met een structurele insteek. Denkt u dan aan een aanpak waarin iedereen die in een uitkeringssituatie zit, ongeacht reden, iets kan terugdoen in de vorm van een tegenprestatie? Dan zou het aantal maatschappelijke activiteiten enorm toe kunnen nemen en ligt de nadruk minder op werk (en economische zelfstandigheid). We zijn benieuwd naar uw gedachten hierover!

Ik denk niet aan iedereen die in een uitkeringssituatie zit maar aan iedereen die zich beweegt in het publieke domein. Ook de ambtenaar beleidsadviseur wordt bijvoorbeeld betaald uit publieke middelen (de belasting die we allemaal betalen). Waarom zou de een voor zijn publieke werk betaald krijgen (bv 2500 euro netto per maand) en de andere dat voor 900 euro als tegenprestatie moeten doen? Laten we dan (bij vaak gelijke kwalificatie) het werk van de ambtenaar in het voorbeeld herverdelen: ieder 20 uur- ieder 1250 en ieder 20 uur tegenprestatie: ieder 450. Totaal salaris van ieder individu: 1700. Is dit duidelijk genoeg?

Ik vind dit een subliem plan, zelf werkzaam binnen de publieke sector. Zou hier graag aan mee willen werken. Wat mij betreft is dit een win-win situatie.

Reageer op dit artikel

1 + 4 =
Los deze eenvoudige rekenoefening op en voer het resultaat in. Bijvoorbeeld: voor 1+3, voer 4 in.