Ouderenmishandeling herken je niet zomaar

20 november 2019

Hoe herken je als vrijwilliger ouderenmishandeling als je bij een oudere op bezoek gaat? Movisie heeft speciaal voor vrijwilligers een e-learning gemaakt. Op 18 november 2019 presenteert Movisie de nieuwe e-learning op een bijeenkomst voor vrijwilligers. Begin 2020 is deze beschikbaar.

Door: Marijke Gemser

Ouderenmishandeling blijft een lastig onderwerp. Voor veel ouderen rust er een groot taboe op. Vanuit schaamte of loyaliteit naar hun naaste die soms hun mantelzorger is, praten zij er liever niet over. Reden te meer om te zorgen dat de mensen die de ouderen ondersteunen en bij hen thuis komen de signalen leren herkennen. Om vrijwilligers die ouderen bezoeken hierbij te ondersteunen, heeft Movisie een aanbod ontwikkeld om hen te helpen hun signalerende functie beter te benutten. De e-learning geeft inzicht in casuïstiek en handelswijzen. 

'Financieel misbruik is de meest voorkomende vorm van ouderenmishandeling'

E-learning

Hoe herken je als professional of vrijwilliger de signalen van ouderenmishandeling? En hoe zorg je dat dit onderwerp bespreekbaar wordt? Vooral omdat het vaak gepaard gaat met schaamte en loyaliteit en in een groot deel van de gevallen ontstaat uit onmacht in plaats van opzet. Annette van Delft, senior adviseur sociale veiligheid bij Movisie is betrokken bij de ontwikkeling van een e-learning die vrijwilligers hierbij gaat ondersteunen. Movisie zocht hiervoor samenwerking met ouderenorganisaties en ontwikkelt met input van vrijwilligers van o.a. Humanitas en KBO/PCOB een e-learningprogramma. 

Vrijwilligers

Van Delft: ‘We zijn blij met de input van de vrijwilligers van deze organisaties. Zij hebben ons laten zien wat vrijwilligers nodig hebben om de signalen die op ouderenmishandeling kunnen duiden te herkennen en komen met casuïstiek uit de praktijk. Zo ontwikkelen we een e-learning die aansluit bij de doelgroep waarvoor deze bedoeld is.’ De e-learning is kan opgenomen worden in het trainingsaanbod dat veel ouderenorganisaties hebben voor hun vrijwilligers. Doel van de e-learning is dat iedere vrijwilliger die ouderen bezoekt de signalen kan leren herkennen en weet wat hem of haar in een dergelijke situatie te doen staat.

Achter de voordeur

Er is bewust gekozen voor de doelgroep vrijwilligers, omdat zij in diverse hoedanigheden bij de ouderen in de thuissituatie komen. Er zijn vrijwilligers die ouderen administratief ondersteunen, vrijwilligers die ouderen helpen met de belastingaangifte, ouderenadviseurs die de mensen thuis bezoeken en de bezoekvrijwilligers die mensen bezoeken om samen koffie te drinken of een activiteit te doen. Al deze mensen komen achter de voordeur en zien de signalen die op ouderenmishandeling kunnen duiden. Volgens Van Delft is het doel van de e-learning dat vrijwilligers de signalen leren herkennen. ‘Deze vrijwilligers zien heel veel ouderen. Ze komen bij hen op bezoek en zien veel van wat er achter de voordeur speelt, maar ze herkennen de signalen vaak niet. Hier willen we een verbeterslag in maken. De e-learning leert vrijwilligers signalen die duiden op ouderenmishandeling eerder te zien.’

Cijfers

In 2018 is onderzoek gedaan naar de aard en omvang van ouderenmishandeling, in opdracht van het WODC. Uit dit onderzoek komt naar voren dat één op de twintig thuiswonende ouderen ooit te maken heeft gehad met ouderenmishandeling en één op de vijftig ouderen jaarlijks slachtoffer wordt. Dit onderzoek is uitgevoerd in drie gemeenten van verschillende omvang: Rotterdam, Boxtel en Tilburg onder een representatieve groep 65-plussers. Het is aangevuld met informatie vanuit verschillende beroepsgroepen die ouderenmishandeling registreren en de registraties van Veilig thuis. 

Wat is ouderenmishandeling?

Er zijn verschillende vormen van ouderenmishandeling. Niet alleen lichamelijke mishandeling (slaan, schoppen, dreigen, etc.), maar ook psychische mishandeling komt voor. Ouderen worden gekleineerd, herhaaldelijk uitgescholden, bezoek wordt hen ontzegd of de bewegingsvrijheid wordt beperkt. 

De meest voorkomende vorm van ouderenmishandeling is echter financieel misbruik. Veel ouderen hebben moeite om zelf overzicht te houden over hun financiën. Zij besteden dit uit aan een familielid of andere naaste. Het komt nogal eens voor dat mensen deze vraag naar financiële ondersteuning misbruiken om er zelf beter van te worden. Maar het kan ook veel kleiner en ongemerkt beginnen. Van Delft: ‘Soms doet een familielid boodschappen voor een oudere en zegt de oudere: neem voor jezelf maar een bloemetje mee. De week erna wordt het niet gezegd, maar wordt dat bloemetje toch gekocht. En zo wordt er geld uitgegeven waar geen toestemming voor is.’

Ook verwaarlozing komt voor als vorm van ouderenmishandeling. Mensen worden onthouden van lichamelijke zorg, voeding, medische zorg of affectie. En in enkele gevallen worden ouderen zelfs seksueel misbruikt. Ouderenmishandeling kent dus vele vormen, maar wordt altijd gekenmerkt door de afhankelijkheidsrelatie die tussen de oudere en de dader bestaat. Van Delft: ‘In de e-learning is aandacht voor drie soorten ouderenmishandeling middels een casus. Dit zijn financieel misbruik, verwaarlozing en ontspoorde mantelzorg. Dit zijn de meest voorkomende vormen. Maar wel moet worden gezegd dat het vaak een combinatie is van verschillende vormen waar de oudere mee te maken heeft.’

Ontspoorde mantelzorg

De meeste ouderenmishandeling is geen kwade opzet. Ook een overbelaste mantelzorger kan dader worden van ouderenmishandeling. Door de overbelasting verliest iemand het geduld en begint te schreeuwen en te snauwen tegen de kwetsbare oudere. Dit is een vorm van ouderenmishandeling die met regelmaat voorkomt en ontspoorde mantelzorg wordt genoemd. Ook hier speelt schaamte vaak een rol. Mantelzorgers willen hun taken blijven uitoefenen en durven niet toe te geven dat zij het niet meer aankunnen. Ouderen willen geen melding maken, omdat zij hun mantelzorger die hen vaak zeer nabij staat niet willen afvallen. Van Delft: ‘De loyaliteit is groot, daarom is ouderenmishandeling moeilijk boven water te krijgen. Ook is er de angst dat een naaste of mantelzorger niet meer komt en dan worden mensen nog eenzamer.’ 

Schaamte

De meeste ouderenmishandeling wordt gepleegd door familieleden: kinderen en kleinkinderen. Maar het gebeurt ook door kennissen en buren. Vaak staan degenen die zich schuldig maken aan ouderenmishandeling zeer dicht bij de oudere, zij kunnen makkelijker invloed uitoefenen dan iemand van buitenaf. Naast loyaliteit naar de naaste, kan schaamte ook een rol spelen. Veel ouderen schamen zich voor de positie waarin zij terecht zijn gekomen en voelen het als falen dat zij dit zelf niet kunnen oplossen. Doordat ouderen in de samenleving worden weggezet als een kwetsbare en zwakkere doelgroep, gaan mensen van een bepaalde leeftijd zichzelf ook zo zien. Hierdoor daalt het zelfvertrouwen en worden mensen kwetsbaarder. En dan groeit het risico dat je slachtoffer wordt van ouderenmishandeling. 

Dit artikel is geschreven door Marijke Gemser en verscheen eerder in in ons relatieblad Movisies, nummer 3, november 2019. Movisies verschijnt drie keer per jaar en een abonnement is gratis.