Professionalisering Wmo-adviesraden: hoe doe je dat?

artikel - 18 maart 2013
Afbeelding bij Professionalisering Wmo-adviesraden: hoe doe je dat?

Hoe professioneel moet een Wmo-adviesraadzijn en welke methoden helpen de professionaliteit versterken? Het Wmo-adviesplatform in Teylingen deed ervaring op met het 5xB-model voor vrijwilligersmanagement. 'De kunst is professionalisering voor je te laten werken en niet tegen je.'

Hoe professioneel moet een Wmo-adviesraadzijn en welke methoden helpen de professionaliteit versterken? Het Wmo-adviesplatform in Teylingen deed ervaring op met het 5xB-model voor vrijwilligersmanagement. 'De kunst is professionalisering voor je te laten werken en niet tegen je.'

Gert Hylkema, voorzitter van het Wmo-adviesplatform in Teylingen, is ‘niet echt tevreden’ over het professionele gehalte van zijn platform. ‘Ik vind dat we eigenlijk nog meer tijd moeten steken in deskundigheidsbevordering. Maar je kunt ook overvragen: sommige mensen willen graag hun inbreng geven, maar verder niet te veel lastig worden gevallen. De vraag is voortdurend: moet je deze vrijwilligers uit hun comfortzone halen? Ik weet het niet: we zijn een gezelschap van senioren, waarin het gros niet de ambitie heeft om de wereld te veranderen.’

Professionaliteit en ervaringsdeskundigheid

Voor Alies Bakker, beleidsadviseur maatschappelijke ontwikkeling in het Utrechtse Stichtse Vecht, houdt professionaliteit in dat de Wmo-adviesraad serieuze adviezen uitbrengt, zakelijk en efficiënt opereert. ‘Het hoeven geen professionals te zijn, maar het is wel goed als ze onderwerpen op een hoger abstractieniveau kunnen brengen. Ook ervaringsdeskundigheid is belangrijk, evenals  uiteenlopende expertise en lokale verbondenheid. Een sterk netwerk, contacten binnen de gemeente, communicatievaardigheden en vermogen tot samenwerken. Ook is het belangrijk dat  ze onderwerpen goed naar buiten kunnen brengen.’

Professionalisering geen doel op zich

Professionalisering is geen doel op zich, betoogt Maarten de Gouw, coördinator van de Koepel voor Wmo-raden, maar moet wel gericht zijn op een hoger liggend doel. ‘Je kunt vrijwilligerswerk wel degelijk professionaliseren. Dat kan als je werkt  vanuit een heldere, uitgeschreven goede visie, een heldere manier van werken hebt, transparante procedures en de goede mensen aan boord hebt. Professionalisering kan ook doorschieten in een te procedurele werkwijze. Het gaat erom dat je het spel goed speelt, dat je goede informele contacten hebt, dat je het lef hebt om soms ook iets te roepen en discussie op gang te brengen. De kunst is professionalisering voor je te laten werken en niet tegen je. Zodat het werk er prettiger en beter van wordt.’

Professionalisering volgens methode 5xB

Movisie voerde in 2011 en 2012 een pilotproject uit met een model voor vrijwilligersmanagement, waaraan drie Wmo-adviesraden deelnamen. Bij het proefproject rondom de  zogeheten 5xB-methode wordt het proces van een Wmo-raad opgesplitst in vijf fasen: het binnenhalen, begeleiden, belonen, behouden, beëindigen van de relatie met de leden. Het model geeft daarmee vooral inzicht in het groepsproces en in de rol van de voorzitter. 

5xB-model helpt bij organisatie werk

Maarten de Gouw (Koepel van Wmoraden) ziet in het 5xB-model een goed hulpmiddel om mensen aan boord van de Wmo-raad te houden. ‘Het is een prima model, dat goed kan werken. Het helpt om na te denken of je het werk wel goed georganiseerd hebt. Het probleem van Wmo-raden is dat ze vaak omkomen in de hoeveelheid werk en het model op zich ook bewerkelijk is.’

Gebruik 5xB-model bij evaluatie werkwijze

Het Wmo-adviesplatform in Teylingen gebruikte het model om de eigen werkwijze te evalueren, vertelt Else-Marije Boss, adviseur participatie en actief burgerschap bij Movisie. ‘Ze zijn huiverig voor het formaliseren van het model in een soort vrijwilligersbeleid als werkwijze voor het Wmo-adviesplatform. Ze vinden het model wel nuttig, maar dan om eens per jaar het werk als groep te evalueren.’

Verdere professionalisering: ambtelijke ondersteuning nodig

Daarom is voor verdere professionalisering vooral ambtelijke ondersteuning nodig, meent Maarten de Gouw.  Zo’n tachtig procent van de Wmoraden beschikt al over dergelijke ondersteuning en een eigen budget voor onder meer deskundigheidsbevordering.  Maarten: ‘Een ondersteuning van vier uur per week door een ambtelijk secretaris is gewoon wenselijk. Zo’n secretaris zorgt voor de juiste stukken, kijkt naar de procedures, organiseert de vergaderingen, notuleert. Daarnaast is een eigen budget nodig, voor het doen van onderzoek, voor scholing, voor lidmaatschap van de Koepel.’

Rol voorzitter cruciaal

Toch is rol van de voorzitter ook cruciaal, stelt Else-Marije Boss (Movisie). ‘Onderwerpen als het groepsproces, het met elkaar bezig zijn, de werkwijze, zijn vaak onderschikt voor veel Wmo-raadsleden. Voorzitters hebben daar ook heel verschillende visies over. Enkelen zeggen: “Ik bemoei me inhoudelijk niet, ik stel de agenda op en begeleid het gesprek. Dat is het”. Iemand als Gert Hylkema heeft, misschien onbewust, wel oog voor de expertise en kennis die de leden inbrengen en hoe dat bijdraagt aan de adviezen. Hij combineert aandacht voor ervaringsdeskundigheid en een brede beleidsvisie. Alleen, dat soort factoren worden nooit expliciet gemaakt in het gesprek met de gemeente.’ Hylkema beaamt dit met zoveel woorden:  inhoudelijke deskundigheid is in zijn ogen niet belangrijker dan coachende vaardigheden. ‘Belangrijker is het hoe je vergaderingen voorzit en je zo’n groep bij elkaar houdt.’

Kennis en kunde Wmo-raad als geheel

Zaken als deskundigheid, teambuilding en diversiteit in de samenstelling zijn ook een verantwoordelijkheid van de hele raad, vindt Alies Bakker (Stichtse Vecht). ‘De leden volgen om die reden een training voor Wmo-raden bij Movisie. Ze maakten nader kennis met elkaar, vertelden welke motivatie ze hebben en wat ze willen bereiken. Een onderdeel is ook de gemeentelijke organisatie, besluitvorming en invloed uitoefenen. Wacht je een adviesaanvraag af of neem je zelf initiatief? Hoe ga je om met de achterban? In de training is ook gevraagd of ze zich serieus genomen voelen. Afgezien van een aantal kritische noten waren ze tevreden.’

Gevolgen transities: omvorming tot brede participatieraad?

Met de decentralisatie van AWBZ, jeugdzorg en WWB komt er straks nog meer op de gemeente en het platform af. Maar een goed draaiende Wmo-raad zal er best in slagen een adviesraad voor jeugdzorg en werk en bijstand in zich op te nemen en zich zo nodig omvormen tot een brede participatieraad, denkt Maarten de Gouw. ‘Het risico van overvragen wordt dan natuurlijk wel groter. Als je moet adviseren over dingen waarover je geen expertise in huis hebt. Je moet ook in de gaten houden dat je de gemeente adviseert over het Wmo-beleid, maar je bent vrijwilliger, niet de beroepskracht, niet de dossierhouder van de Wmo. Je adviseert vanuit de eigenheid van de Wmo-raad en dat hoeft niet altijd vanuit volledige dossierkennis. Je kunt niet dezelfde kennis en slagkracht hebben als de gemeenteraad of ambtenarenapparaat, dat ga je niet redden.’

Dit artikel is een bewerking van ‘Professionalisering van Wmo-adviesraden’, een artikel uit Wmo magazine, voorjaar 2013. Auteur: Martin Zuithof

 

Reacties

Reageer op dit artikel

6 + 4 =
Los deze eenvoudige rekenoefening op en voer het resultaat in. Bijvoorbeeld: voor 1+3, voer 4 in.