Project voor betere toegang tot zorg en ondersteuning

Inwoners goed en snel van dienst zijn

17 november 2020

Inwoners moeten sneller en makkelijker toegang kunnen krijgen tot de zorg en ondersteuning die ze nodig hebben. Zeker als het gaat om inwoners en gezinnen in een kwetsbare positie. Anita Peters, expert sociaal domein bij Movisie, vertelt over de achtergronden van het onlangs gestarte Verbetertraject ‘Samenwerken aan een betere toegang'.

‘Gemeenten zijn inmiddels vijf jaar verantwoordelijk voor de omvangrijke taken op het gebied van de ondersteuning en zorg aan inwoners thuis. Hoewel er al veel goed gaat, ervaren inwoners dat de uitvoering op een aantal thema’s beter kan’, zegt Anita Peters. ‘Inwoners ervaren keer op keer knelpunten als ze met vragen over ondersteuning en zorg aankloppen.’

'Inzet is dat inwoners makkelijk de ondersteuning kunnen vinden die ze nodig hebben'

In het Verbetertraject 'Samenwerken aan een betere toegang' werken gemeenten aan verbetering van de toegang tot hulp en ondersteuning binnen het sociaal domein. Aan dit traject hebben diverse organisaties zich verbonden, waaronder Ieder(in), Per Saldo en Mind. De VNG en cliëntorganisaties behoren tot de initiatiefnemers. ‘In het project werken we mét en vóór gemeenten aan het verbeteren van de toegang tot zorg en ondersteuning’, zegt Peters. ‘Inzet is dat inwoners makkelijk de ondersteuning kunnen vinden die ze nodig hebben. Of het nu gaat om het vinden van werk of dagbesteding, hulp bij het wegwerken van schulden, of bijvoorbeeld om hulp bij het voeren van hun huishouding.’

Met het project beogen Movisie en de samenwerkingspartners structurele verbetering. Peters: ‘We richten ons op de kwaliteit van de uitvoering en het aanpakken van de knelpunten in de deelnemende gemeenten, maar ook in gemeenten die niet direct betrokken zijn. Gemeenten, cliëntorganisaties en aanbieders nemen gezamenlijk verantwoordelijkheid voor verbeteracties en trekken lokaal samen op. Leren en verbeteren is een wezenlijk onderdeel van het traject. De kennis die we opbouwen, gaan we breed toegankelijk maken.’ 

'Door elkaar aan te spreken op zaken die nog niet goed gaan, willen we snelle verbeterslagen gaan maken'

Snelle verbeterslagen

De verbeteracties moeten een landelijke uitstraling krijgen en worden concreet uitgewerkt, zodat zoveel mogelijk gemeenten geïnspireerd raken om ze in hun lokale praktijk te implementeren. Peters: ‘Onze inzet is dat inwoners zo snel mogelijk de vruchten gaan plukken van de verbeterslag. We sluiten daarom nauw aan bij de lokale behoeften en wensen van inwoners, professionals en gemeenten en gaan alle beschikbare kennis en inzichten benutten. Door elkaar aan te spreken op zaken die nog niet goed gaan, willen we snelle verbeterslagen gaan maken.’

Directe betrokkenheid

Inzichten en ervaringen van cliënten en inwoners worden in het project nadrukkelijk meegenomen. ‘Grotere betrokkenheid tussen inwoners onderling, tussen inwoners en professionals en tussen inwoners en gemeente werkt positief’, zegt Peters. ‘Naar mate de verhouding gelijkwaardiger is, neemt de directe betrokkenheid bij beleid, uitvoering, evaluaties en verantwoording afleggen toe. Gelijkwaardigheid tussen inwoners, de organisaties die hen lokaal vertegenwoordigen, aanbieders en verstrekkers van hulpmiddelen draagt eraan bij dat men elkaar sneller feedback geeft. En dat kan de responsiviteit van overheid en beleid vergroten. Zo kunnen gemeenten en aanbieders beter, sneller en mogelijk ook efficiënter inspelen op de behoeften van inwoners.’

In het Verbetertraject is volop aandacht voor hoe collectieve inspraak, burgerinitiatieven en ervaringsdeskundigheid de toegang tot zorg en ondersteuning kunnen versterken. Peters: ‘Dat betekent onder andere dat cliënten betrokken worden bij beleid en uitvoeringspraktijk, want ook dat is een van de doelen van dit belangrijke project waar de komende jaren hopelijk veel gemeenten aan zullen deelnemen.’

Dit artikel verscheen eerder in Binnenlands Bestuur.

Meer weten over het Verbetertraject?

Lees de achtergrondinformatie of neem contact op via toegang@movisie.nl.