Provincie Utrecht lanceert pilot voor een veilig schoolklimaat voor LHBTI-leerlingen

In gesprek met gedeputeerde Rob van Muilekom

6 december 2021

Provincie Utrecht is sinds 2018 een Regenboogprovincie. Uit de inventarisatie die Movisie in dat jaar onder Regenboogprovincies heeft gedaan, bleek dat de provincie Utrecht toen nog zoekende was in hoe ze invulling kon gaan geven aan deze rol. Daar is de laatste jaren het een en ander in veranderd. Gedeputeerde Rob van Muilekom (PvdA) ging hier met Movisie over in gesprek.

Op Paarse Vrijdag kondigt de provincie Utrecht in samenwerking met de steden Utrecht en Amersfoort een pilot aan om het schoolklimaat rondom seksuele- en genderdiversiteit te verbeteren op middelbare scholen in de provincie. Het programma SchoolsOUT van de gemeente Nijmegen dient als inspiratie voor deze pilot.

Net als in Nijmegen, wil Provincie Utrecht middelbare scholen ondersteunen bij het werken aan een veilig schoolklimaat voor lesbische, homoseksuele, bi, transgender en intersekse (LHBTI) leerlingen en aandacht voor hen op de lange termijn te borgen binnen deze scholen. De provincie zal hierin samenwerken met gemeenten, de GGD en de scholen zelf. Hoewel de pilot  wordt uitgerold in alle 26 Utrechtse gemeenten, zijn in de voorbereiding van het project vooral gemeente Utrecht en gemeente Amersfoort betrokken. Van Muilekom vertelt: “Utrecht en Amersfoort hebben aangegeven graag mee te willen denken om de pilot echt invulling te gaan geven. Om een goede start te maken is het fijn al een stevige kopgroep te hebben. Ik zie Utrecht en Amersfoort als twee goede partners die ook deskundigheid in huis hebben en zelf al het nodige doen op dit gebied.”

Regenboogprovincies

Alle Nederlandse provincies hebben zich uitgeroepen tot ‘Regenboogprovincie’. Dit betekent dat deze provincies zich inzetten om gelijke behandeling en emancipatie van LHBTI-personen in hun provincies te bevorderen. De provincie Drenthe nam medio 2016 het voortouw, waarna andere provincies rap volgden. In 2020 sloot de provincie Friesland zich als laatste bij de provincies aan. De provincies geven op verschillende manieren invulling aan het feit dat zij Regenboogprovincie zijn. Movisie ondersteunt hen hierbij. Tot en met 2022 wordt er gewerkt aan versterking van het provinciale LHBTI-netwerk en het uitwisselen van kennis en ervaringen. 

Concrete invulling Regenboogprovincie

Van Muilekom is blij dat er met deze pilot concreet invulling wordt gegeven aan het zijn van een Regenboogprovincie: “In 2018 is er een motie aangenomen in de provincie dat we een Regenboogprovincie willen zijn. Je kunt natuurlijk een motie aannemen, maar dat betekent niet meteen dat er ook wat gebeurt. Uiteindelijk hebben we bij de onderhandelingen voor een nieuw coalitieakkoord in 2019 gezegd: als we dit serieus willen nemen moeten we er ook inhoud en vorm aan geven. Dat coalitieakkoord gaat er ook over voor wie we er willen zijn en voor wie we willen opkomen, dus toen hebben we dit geagendeerd om een sociale agenda voor de Provincie op te stellen. Ik vind het mooi dat we nu concreet als Regenboogprovincie aan de gang zijn gegaan.” 

Volgens Van Muilekom kan de provincie een belangrijke rol vervullen in de aanpak van vraagstukken zoals LHBTI-acceptatie, die de grenzen van gemeenten overstijgen. “Ik vind het belangrijk dat daar waar je ziet dat vraagstukken niet bij één gemeente spelen, je als provincie een rol kunt vervullen door het onderwerp te agenderen, te kijken hoe je dingen voor elkaar krijgt en een netwerkstructuur te creëren. Als provincie kan je een proces echt op gang helpen. Uiteindelijk wil je natuurlijk dat het project geland is in alle gemeenten en scholen en dat ze ons niet meer nodig hebben, maar in deze fase kunnen we als provincie een goede rol vervullen in het bundelen van krachten”, meent hij. 

Maatwerk en onderlinge uitwisseling

Hoewel de gemeenten Utrecht en Amersfoort direct betrokken zijn bij het opzetten van de pilot, richt deze zich nadrukkelijk op alle Utrechtse gemeenten. Van Muilekom hoopt dan ook dat de impact van dit project in alle gemeenten voelbaar zal zijn: “Mijn ambitie is eigenlijk dat het gedachtengoed wat in de Regenboogprovincies zit, dat iedereen zichzelf mag zijn, gaat landen in alle 26 Utrechtse gemeenten”, aldus Van Muilekom. 

Van Muilekom erkent wel dat de uitrol van de pilot niet in iedere gemeente en op iedere school even makkelijk zal gaan. Daarom is maatwerk nodig. Hij vertelt: “Er zullen wel grote verschillen zijn tussen de ene gemeente en de andere gemeente. Vanwege de diversiteit in scholen die er is binnen die gemeenten, is het belangrijk dat er maatwerk geleverd kan worden. De één is al veel verder dan de ander. Ik denk ook dat het voor veel scholen nog een lastig onderwerp is om op een goede manier aandacht aan te geven, dus hebben ze daar steun bij nodig. Met steun bedoel ik dan niet één keer met de mensen om tafel zitten, maar echt kijken hoe je het op de lange termijn kan borgen. Scholen onderling kunnen elkaar daar ook in helpen. We moeten zorgen dat er ook een netwerk komt waar scholen van elkaar kunnen leren en goede voorbeelden kunnen zien van hoe anderen het hebben aangepakt.”’

Naast deze uitwisseling tussen scholen, ziet Van Muilekom ook de meerwaarde van uitwisseling met partijen elders in het land: “In Nijmegen hebben ze best wel heel veel ervaring. Je moet altijd goed kijken waar zij al tegenaan zijn gelopen. Misschien zeggen zij al: “dit kan je beter zo doen”, of “dit werkt goed”. Daar kunnen we van leren. Ik denk ook naar de toekomst toe dat we goed moeten kijken hoe we het netwerk in Utrecht goed op kunnen zetten, maar ook hoe je met andere plekken in het land dingen kunt delen. Dit vraagstuk is natuurlijk niet typisch Utrechts.”

Een sneeuwbaleffect 

Door het LHBTI-thema op scholen bespreekbaar te maken en te werken aan de acceptatie van LHBTI-leerlingen, hoopt Van Muilekom uiteindelijk ook een breder publiek te bereiken. Van Muilekom vertelt: “Ik hoop heel erg dat veel scholen mee gaan doen en dat de scholieren, die in een levensfase zitten waarin ze aan het uitzoeken zijn wie ze zijn, merken dat het op hun school gewoongoed is geworden en het bespreekbaar is gemaakt. Dat nemen ze dan hun hele leven mee. Ik hoop ook dat niet alleen de leerlingen zelf dat ervaren, maar ook de leerkrachten en ouders. Ik zie het als een soort sneeuwbal, we beginnen bij de scholen, maar uiteindelijk hopen we dat iedereen ziet dat het iets normaals is waar je een gesprek over mag en kan hebben en wat gewoon gedeeld mag worden.”

De huidige collegeperiode bij de provincie duurt nu nog twee jaar. Van Muilekom hoopt in die tijd nog een hoop te bereiken. “Ik hoop dat we als er in 2023 weer provinciale verkiezingen zijn echt kunnen constateren dat we stappen hebben gezet. Dat een hoop scholen mee zijn gaan doen en dat we veel leerlingen bereiken. Tegelijkertijd zeg ik ook: dit is niet klaar in 2023.”

Online training: Weet jij hoe het ècht gaat met je leerlingen?

Werk je op school met leerlingen? Dan is de kans aanwezig dat je er een paar kent die worstelen met depressieve gevoelens of zelfmoordgedachten. Om die beter te signaleren en bespreekbaar te maken, biedt deze gratis e-learning nieuwe kennis, inzichten, oefenmateriaal en praktische handvatten. Uit onderzoek blijkt dat LHBTI-jongeren veel vaker kampen met depressie dan hun heteroseksuele leeftijdsgenoten. Daarom besteedt de module ook aandacht aan thema’s als seksuele en genderdiversiteit.

Bekijk de training

Meer weten? Lees in dit nieuwsbericht meer over het ‘beleidskader Sociale Agenda’ waar het LHBTI-beleid van de provincie onderdeel van is.