Sociale wijkteams en beproefde methoden: het kind en het badwater

artikel - 21 april 2016

Politiek Den Haag zet in op de participatiesamenleving. Maar hoe doe je dat? Zeven kennisinstituten op het brede terrein van zorg en welzijn vragen via gezondenwelindewijk.nl aandacht voor beproefde methoden: preventieve collectieve interventies die dankbaar gebruik maken van de inzet van vrijwilligers, wijkbewoners, mantelzorgers en ervaringsdeskundigen. Wie denkt dat deze interventies juist nu gouden tijden beleven, heeft het mis. De aansluiting met de sociale wijkteams komt nog niet tot stand.

Het verlies van je partner is een ontwrichtende gebeurtenis. Zeker op oudere leeftijd nadat je een leven lang samen gedeeld hebt. Voor sommige weduwen en weduwnaars is het zo ontwrichtend dat ze in een neerwaartse spiraal terecht komen. Eenzaamheid en sociaal isolement dreigen. Bij de Bezoekdienst voor weduwen en weduwnaars bieden ervaringsdeskundige vrijwilligers gericht ondersteuning. Zij gaan gedurende een half jaar 1 of 2 keer per maand langs, luisteren, helpen bij de verwerking van het verlies en het weer op de rit krijgen van het dagelijks leven.

Hoewel uit onderzoek van het Trimbos-Instituut blijkt dat met name sociaal kwetsbare, laag opgeleide en lichamelijk zieke weduwen en weduwnaars veel baat hebben bij de hierboven beschreven preventieve interventie, zijn de meeste voorheen goed lopende bezoekdiensten sinds de decentralisaties op sterven na dood. Een interventie kan naadloos aansluiten bij het gedachtegoed van de participatiesamenleving, maar door diezelfde participatiesamenleving de pas worden afgesneden. Hoe kan dat?

Geen subsidie voor collectieve voorzieningen

Bijna alle gemeenten werken met sociale (wijk)teams. Ooit werden deze teams opgezet om burgers in de wijk te activeren het zelf te doen. In de praktijk blijkt dat deze teams zich nu vooral richten op individuele vragen van cliënten en gezinnen. Het integrale en vraaggerichte werken staat bij de wijkteams centraal. Een bezoekdienst zet je niet op voor een individuele vraag. Het is een collectieve, preventieve voorziening waarbij goed getrainde, ervaringsdeskundige vrijwilligers permanent in de startblokken staan om weduwen en weduwnaars bij te staan. Hoe goed zo’n voorziening ook past bij het gedachtegoed van de participatiesamenleving, de praktijk wijst uit dat gemeenten de subsidie voor deze activiteiten stopzetten. Zij verwijzen naar de sociale wijkteams. Maar de sociale wijkteams gaan gebukt onder het grote aantal individuele vragen. Hierdoor komen zij niet toe aan het ondersteunen of opzetten van collectieve voorzieningen in de wijk, zo blijkt uit het Movisie-rapport Sociale (wijk)teams in beeld.

Sociale wijkteams gaan gebukt onder het grote aantal individuele vragen

Afnemende vraag voor Grip & Glans

Ook de beproefde aanpak Grip & Glans heeft te maken met een afnemende vraag. Hier gaat het om een collectieve preventieve voorziening voor psychosociaal kwetsbare burgers. 8-12 Deelnemers leren tijdens een cursus van zes wekelijkse bijeenkomsten en een terugkombijeenkomst hoe zij actief hun eigen welzijn kunnen verbeteren. Uit onderzoek van de Rijksuniversiteit Groningen blijkt dat door deze groepscursus de zelfregie en het welbevinden van de deelnemers versterkt wordt en de eenzaamheid vermindert. Ook ontstaan door de groepscursus informele steunende netwerken. Waar Grip & Glans voorheen in een grote gemeente door één brede welzijnsorganisatie werd aangeboden, verwijzen gemeenten nu vaak naar de diverse sociale wijkteams. Diezelfde wijkteams komen nauwelijks toe aan het ondersteunen van collectieve voorzieningen. Laat staan dat ze er aan toekomen om na te gaan hoe en met welke aanpakken ze dat zouden kunnen organiseren.

Niet toekomen aan outreachend en preventief werken

De Bezoekdienst en Grip & Glans zouden de caseload van het sociale wijkteam aanzienlijk kunnen verlichten door eenzaamheid te voorkomen en sociale steun te versterken. Het is in dit licht onbegrijpelijk dat gemeenten deze voorzieningen niet meer ondersteunen. Daarmee gooien zij het kind met het badwater weg. Want ook zij weten dat sociale wijkteams op dit moment niet toekomen aan outreachend en preventief werken, het ondersteunen van collectieve voorzieningen en het organiseren van nuldelijnszorg door vrijwilligers, mantelzorgers, ervaringsdeskundigen en wijkbewoners. Het is de top vier van volgens de gemeenten bij de sociale wijkteams onderbelichte taken. Dat zien we ook terug in de samenstelling van de sociale (wijk)teams. Het aantal brede welzijnsinstellingen dat deelneemt aan sociale (wijk)teams neemt af. En juist bij die professionals ligt de kennis en kunde voor het ondersteunen en faciliteren van collectieve voorzieningen in de wijk.

Neem de participatiesamenleving serieus

Gemeenten, neem de participatiesamenleving serieus. Denk na hoe de wijkteams zo georganiseerd kunnen worden dat zij gebruik kunnen maken van bestaande kennis en kunde voor het versterken van onderlinge steun en betrokkenheid van burgers.

Reacties

Ook voor ons bij MEE is dit heel herkenbaar. In de loop der jaren vele mooie groepsinterventies opgezet vanuit de methode van maatschappelijk groepswerk: bundelen van individuele vragen, groepsgerichte aanpak, eigenaarschap bij deelnemers, directe inzet van het sociale netwerk. Waar is de aandacht voor deze effectieve en efficiënte aanpak gebleven?

Ik vind dit heel herkenbaar en ben zeer benieuwd naar vervolgstappen die 7 kennisinstituten hierin gaan zetten. De afgelopen jaren heb ik, werkend aan gezonde wijken in Utrecht en verbinding tussen het sociale, welzijns- en zorgdomein, precies dit zo vaak zien gebeuren: waardevolle collectieve interventies verdwenen op het gebied van opvoeding, ontmoeting, psychosociale ontwikkeling, integratie en gezondheidsbevordering, zoals in Overvecht. En in een jongere wijk zoals Leidsche Rijn ontbreekt de capaciteit en financiering on de benodigde samenwerkingsstructuur en know how voor dergelijke waardevolle interventies te vormen. Onder de noemer 'initiatief hiervoor ligt nu bij de burger' is veel kapitaal aan kennis, netwerk en inzet verloren gegaan. Ik kan hier nog veel meer voorbeelden van geven dan genoemd.

@Astrid van den Broek, hartelijk dank voor je reactie en aanvullende voorbeelden. Zou jij mij een email willen sturen, dan kunnen we mogelijk hier een keer verder over praten.

Reageer op dit artikel

10 + 4 =
Los deze eenvoudige rekenoefening op en voer het resultaat in. Bijvoorbeeld: voor 1+3, voer 4 in.