Tegenprestatie: vrijwillig of verplicht?

artikel - 12 juni 2015
Afbeelding bij Hulp bij vragen tegenprestatie voor uitkering

Vanaf dit jaar kunnen gemeenten mensen met een uitkering om een tegenprestatie vragen. De gedachte hierachter is dat iemand iets terug doet voor de uitkering die hij ontvangt. Gemeenten vullen de tegenprestatie op verschillende manieren in. Het scala loopt van 500 uur verplichte inzet tot een tegenprestatie uitsluitend op basis van vrijwilligheid. Staatssecretaris Klijnsma van SZW laat nu weten in Verzamelbrief gemeenten 2015-1 dat deze laatste variant in strijd is met de participatiewet.

De gemeenten Eindhoven, Den Bosch, Dordrecht en Arnhem kiezen voor een tegenprestatie waarbij sprake is van geen enkele verplichting voor de uitkeringsgerechtigden. Arnhem heeft in haar Verordening Tegenprestatie Arnhem 2015 (geraadpleegd op 11 juni 2015) onder artikel 4 als uitgangspunt opgenomen dat ‘een tegenprestatie wordt verricht op basis van vrijwilligheid’.

Over deze verordening van de gemeente Arnhem ontstond al eerder discussie in de regionale pers (zie bijvoorbeeld de artikelen in de Gelderlander van 16 maart en 24 maart). De VVD-fractie in de gemeenteraad waarschuwde er al voor dat de verordening niet aan de wet voldeed. Het leverde ook een telefoontje van  Staatssecretaris Klijnsma op waarin zij haar zorgen uitte. Volgens het Arnhemse college werd daarbij echter geen expliciet oordeel over de invulling door Arnhem uitgesproken. (Bron: Binnenlands Bestuur ; Jrg. 36 nr. 21 (Mei 2015) p.12-14)

Duidelijkheid

Nu maakt de staatssecretaris in de Verzamelbrief een eind aan de onduidelijkheid. Zij schrijft onder punt 5: Er zijn aanwijzingen dat meerdere gemeenten een verordening maken waarin ze een uitsluitend vrijwillige tegenprestatie neerleggen.  Een dergelijke verordening voldoet niet aan de wet. Vrijwilligheid behoeft geen wettelijke grondslag of verordening. De wettelijke grondslag en de verordening zijn bedoeld om de tegenprestatie als een verplichting te kunnen opleggen.
Daarnaast kondigt zij een onderzoek aan van de inspectie SZW om te bezien of de gemeentelijke verordeningen Tegenprestatie aan de wet voldoen.  Blijven gemeenten hardleers en passen zij hun verordening Tegenprestatie niet aan conform de wet, dan kunnen zij maatregelen van het kabinet tegemoet zien.

Verordeningen aanpassen

De betreffende gemeenten zullen de tekst van hun verordeningen dus moeten aanpassen. In de participatiewet (geraadpleegd op 12 juni 2015) staat onder artikel 9c dat uitkeringsgerechtigden verplicht zijn om naar vermogen door het college opgedragen onbeloonde maatschappelijk nuttige werkzaamheden te verrichten. Teksten in gemeentelijke Verordeningen Tegenprestatie die het mogelijk maken dat uitkeringsgerechtigden dergelijke opdrachten niet hoeven op te volgen (zoals Arnhem met haar tegenprestatie op basis van vrijwilligheid), zullen dus moeten worden aangepast.

Verschillende manieren van invulling tegenprestatie

Het onderzoek van Binnenlands Bestuur (Binnenlands Bestuur ; Jrg. 36 nr. 21 (Mei 2015) p.12-14) maakt duidelijk dat er in de praktijk vele mogelijkheden zijn om invulling te geven aan te tegenprestatie. Arnhem heeft er tot nu toe voor gekozen om via een sociale kaart zichtbaar te maken welke maatschappelijke activiteiten er in haar wijken plaatsvinden. Onder het mom van ‘stimuleren in plaats van frustreren’ worden uitkeringsgerechtigden aangemoedigd om bij deze activiteiten te gaan kijken. Het opnemen van een verplichting op papier hoeft deze aanpak niet in de weg te staan. 

Movisie heeft samen met Divosa, Stimulansz en RCF Kenniscentrum Handhaving de ‘Werkwijzer Tegenprestatie’ gemaakt. Deze behandelt vragen als: Is het wel een tegenprestatie? Wat zijn de randvoorwaarden? Hoe kom je aan tegenprestatieplekken?  Hier vindt u meer informatie over deze Werkwijzer.

 

Reacties

De staatssecretaris kent haar eigen wet niet. Gemeenten zijn volgens de Participatiewet verplicht om hun beleid inzake de tegenprestatie in een verordening vast te leggen. Dit betekent niet dat zij daarmee worden verplicht om van alle bijstandsgerechtigden een tegenprestatie te vragen. In een eerdere versie van het wetsvoorstel was dit wel het geval.

Juridisch dienstverlener Schulinck meldde hierover:
“Per 1 januari 2015 krijgt de gemeenteraad de verplichting om bij verordening regels te stellen over het opdragen van een tegenprestatie aan bijstandsgerechtigden. In het oorspronkelijke wetsvoorstel Wet maatregelen WWB was het opdragen van een tegenprestatie als een verplichting opgenomen. Daarop is veel kritiek gekomen: gemeenten zouden hierdoor minder beleidsvrijheid hebben. In de eerste Nota van wijziging op het wetsvoorstel heeft staatssecretaris Klijnsma de verplichting gewijzigd: gemeenten moeten beleid ontwikkelen over het verrichten van een tegenprestatie. De verordeningsplicht is gebleven. Ondanks dat de tegenprestatie niet meer als verplichting in het wetsvoorstel is neergelegd, voorzie ik nog steeds onduidelijkheden voor de uitvoeringspraktijk.”

De P-wet is gebaseerd op een negatief mensbeeld en werkt een onheuse bejegening van de doelgroep in de hand. Denk aan de stroom van klachten over re-integratiebedrijven en -projecten sinds de jaren negentig. Die klachten bereiken wel de vakbonden, maar worden door de verantwoordelijken niet serieus genomen. Denk aan het rapport "Oog voor mensen met een arbeidsbeperking" van de Nationale ombudsman, september 2014. Daarin staat dat de (vaak zeer kwetsbare) mensen om wie het gaat, met eventuele klachten nergens terechtkunnen. Zelfs dit rapport wordt niet serieus genomen, althans niet door Staatssecretaris Klijnsma.

Ik heb grote waardering voor gemeentes die, tegen de druk van bovenaf in, een lakmoesproef inbouwen of ze van onderaf bezien wel goed bezig zijn. Als je mensen niets te bieden hebt, vraag dan ook geen tegenprestatie.

Bedankt voor je reactie. Er wordt inderdaad door gemeenten heel verschillend omgegaan met de Participatiewet en soms lijkt de handhaving van de wet voorrang te hebben op de empowerment van de doelgroep. We zijn idd op zoek naar goede voorbeelden van gemeenten die het gelukt is om een vruchtbare samenwerking met maatschappelijke organisaties (de plekken) op te bouwen zodat er maatwerk geleverd kan worden aan mensen die de tegenprestatie moeten invullen. Als je nog voorbeelden kent, dan houden wij ons aanbevolen.

Dat is dan wederzijds: ik zou ook heel graag goede voorbeelden zien. Het schijnt dat Rotterdam al heel lang op een goede manier bezig is, en dat ze daar al mee begonnen zijn nog voordat het woord participatie was uitgevonden. Maar het fijne weet ik er niet van.

Eén van de dingen waar ik zelf voor pleit, is om een deel van de participeerders in te zetten op de nieuwe taken die uit de P-wet voortvloeien, bijvoorbeeld als coach voor de rest van de groep. Ervaringsdeskundigen voelen het beste aan wat de specifieke problemen en behoeftes zijn. Maar dat heb ik alleen maar bedacht vanuit de leunstoel. Ik zou graag weten of zoiets in de praktijk al gebeurt en wat daar dan de ervaringen mee zijn.

Reageer op dit artikel

9 + 6 =
Los deze eenvoudige rekenoefening op en voer het resultaat in. Bijvoorbeeld: voor 1+3, voer 4 in.