We hebben in de aanpak van seksueel geweld een kantelpunt nodig

Reactie op Nationaal Actieprogramma

16 januari 2023

Een structureel probleem vraagt om een structurele oplossing én een kantelpunt. Het Nationaal Actieprogramma Aanpak seksueel grensoverschrijdend gedrag en seksueel geweld dat op vrijdag 13 januari uitkwam zou dat kunnen zijn.

Het Actieprogramma komt op een moment dat er vanuit de samenleving erkenning is voor de gevolgen van seksueel geweld. En voor de noodzaak om seksueel geweld niet als een privézaak te zien, maar als verantwoordelijkheid van de samenleving en overheid om aan te pakken. Movisie is dan ook blij met het plan en de inzet van de regeringscommissaris. Om het actieprogramma een kantelpunt te laten zijn is structurele inzet en doorzettingsvermogen nodig. Met specifieke aandacht voor geweld in huiselijke kring en de rol van (mannelijke) omstanders.

Toen de regering in 2002 als titel voor haar kabinetsnota over huiselijk geweld koos voor ‘Privé geweld, publieke zaak’, bleek dit later een kantelpunt. Huiselijk geweld werd eindelijk erkend als een veiligheidskwestie en onderdeel van de opdracht aan de overheid om haar burgers te beschermen. Hopelijk geldt voor het Nationaal Actieprogramma Aanpak seksueel grensoverschrijdend gedrag en seksueel geweld hetzelfde.

Seksueel geweld in huiselijke kring

Uit de nieuwste cijfers (Prevalentiemonitor huiselijk geweld en grensoverschrijdend gedrag 2022, CBS) blijkt dat een enorm percentage van de Nederlandse bevolking seksueel grensoverschrijdend gedrag meemaakt. In de media zien we veel voorbeelden langskomen van seksueel grensoverschrijdend gedrag op de werkvloer en het uitgaansleven. Maar ook achter de voordeur, in de familie- of vrienden-kring, richt seksueel geweld enorme schade aan. Het gaat dan vaak om situaties waarin het slachtoffer steeds opnieuw geweld meemaakt en vaak ook van heel ernstige aard. We verwachten bovendien dat we niet de reële cijfers kennen: slachtoffers herkennen seksueel geweld in hun partner- en familierelatie niet altijd en vertellen er liever niet over. Ook voor deze groep slachtoffers is voldoende toegankelijke en passende hulpverlening nodig.

Omstanders die luisteren en ingrijpen

Al jaren vraagt Movisie aandacht voor seksueel geweld en ondersteunt de aanpak ervan. Daarbij is de aandacht voor omstanders toegenomen. Omstanders spelen een belangrijke rol in het signaleren en aanpakken van geweld, maar we weten dat zij minder snel geneigd zijn om in te grijpen wanneer ze denken dat het om een 'ruzie tussen geliefden' gaat. Geweld kan echter niet altijd in de privésfeer worden opgelost. Door de verantwoordelijkheid van de samenleving te erkennen en te benoemen, zijn er hopelijk steeds meer mensen bereid naar slachtoffers te luisteren, te helpen en in te grijpen. Voor de overheid liggen er kansen in het invoeren van wetgeving, het ondersteunen van de ontwikkeling van werkzame instrumenten en het bieden van passende hulp aan slachtoffers én plegers. Hiertoe wordt een aanzet gedaan met het Nationaal Actieprogramma Aanpak seksueel grensoverschrijdend gedrag en seksueel geweld.

Investeren in jonge vrouwen én mannen

Ervaring met seksueel grensoverschrijdend gedrag is niet gelijkelijk verdeeld over alle bevolkingsgroepen. Zo zijn er grote verschillen tussen leeftijdsgroepen en seksen: jonge vrouwen zijn het vaakst en met grote regelmaat slachtoffer van seksuele intimidatie. Soms elke week. Het beperkt hen in waar ze hun vrije tijd doorbrengen, of ze het gevoel hebben alleen te kunnen reizen, of ze zich uitspreken online en offline. Het beperkt vrouwen in het gebruiken van hun stem en hun talent en dat kunnen we als samenleving niet veroorloven.

De meeste mannen en jongens plegen geen grensoverschrijdend gedrag, maar mannen en jongens voelen zich vaak niet in staat om in te grijpen als ze het zien. Emancipator presenteerde in november een rapport over de rol van jongens en mannen, waaruit naar voren komt dat die veel groter zou kunnen zijn in het tegengaan van seksueel geweld en seksueel grensoverschrijdend gedrag. De overheid kan een belangrijke impuls geven aan verandering. Er zijn echter nog niet zo veel bewezen werkzame interventies bekend om mannen en jongens ‘deel van de oplossing’ te maken, zoals het Nationaal Actieprogramma ambieert. We kunnen er dus niet omheen: hier moeten we meer over leren, ontwikkelen en in investeren.

Criteria om gedrag te beoordelen

Er wordt in het Actieprogramma in actielijn 1 gesteld dat het ontwikkelen van maatschappelijke normen rond seksueel grensoverschrijdend gedrag van groot belang is. Movisie deelt die opvatting. We weten dat er handelingsverlegenheid bestaat om over seksueel gedrag te praten. Dit leidt tot overreactie en onderreactie: bagatelliseren of juist veel te heftig reageren door professionals. Criteria of normen kunnen helpen bij het bespreekbaar maken van seksueel gedrag. Gelukkig is er al behoorlijk wat bekend over hoe groepen en organisaties hiermee aan het werk kunnen. In het jeugdwerk gebruiken professionals het Vlaggensysteem als een methode om op basis van gedrag en los van persoon en intentie met elkaar over seksueel gedrag te spreken en tot een reactie te komen. Ook voor partnergeweld is een methodiek beschikbaar onder de naam RelatieWijs. Voor seksueel grensoverschrijdend gedrag op de werkvloer werkt Movisie aan een instrument. Door het hanteren van criteria wordt meer objectiviteit in de discussie gebracht.

We hebben het dan over criteria zoals vrijwilligheid, toestemming en gelijkwaardigheid. Hoe zit het met zelfbeschikking, wat past bij de leeftijd van minderjarigen, is er respect voor jezelf en de ander en hoe zit het met de omgeving waarin het gedrag plaatsvindt? Deze criteria zijn niet alleen in bovenstaande instrumenten terug te vinden, maar ook in de nieuwe wet seksuele misdrijven. We kunnen deze met elkaar uitdragen. Te beginnen met degenen die leiding geven, besturen en beleid maken.

Ondersteunen initiatieven en onderzoek

Het Nationaal Actieprogramma is een meerjarig programma, maar het beslaat slechts drie jaar. Er is 11 miljoen aan financiering beschikbaar, maar hiervan is onder meer de regeringscommissaris en haar bureau bekostigd en ambtenaren op alle betrokken ministeries. Hoewel er wordt gepleit voor een impuls voor de samenleving en een onderzoeksagenda is onduidelijk of hier geld voor is gereserveerd en hoeveel. Juist wanneer het gaat om het onderzoeken en uitproberen van interventies, het duurzaam veranderen van praktijken en het verbeteren van de hulp voor slachtoffers is de inzet buiten de ministeries cruciaal. We hopen dat hier snel ruimte, tijd en financiering voor wordt vrijgemaakt.