Gebiedsgericht werken

Er is zoveel meer mogelijk met sociaal ondernemerschap
 
Met het programma Gebiedsgericht werken willen we bewoners versterken in hun zelforganisatie, zelfsturing en het nemen van verantwoordelijkheid in hun eigen leefgebied (buurt, wijk, dorp, streek of regio). Dat doen we door samen te werken met kansrijke bestaande lokale initiatieven. Daarvan te leren wat werkt en de kennis te ontsluiten en over te dragen die nodig is om verbindingen te realiseren op economisch, cultureel en zingevingsvlak. Dit vanuit de leefwereld van bewoners.

In die verbindingen spelen vitale coalities van bedrijven, sociaal ondernemers, welzijn/zorgorganisaties, corporaties, vrijwilligerszelforganisaties en de lokale overheid een belangrijke rol. We stimuleren sociaal ondernemerschap, duurzaam maken van goede werkwijzen en het tot stand brengen van sociale verdienmodellen. Denk hierbij aan kleine buurtondernemingen op het snijvlak van sociale diensten, buurt- en groenbeheer, buurtcorporaties en buurtwinkels, kleine startende bedrijven van uit moeder- en vadercentra. Verbindingen tussen scholing, opleiding, empowerment en re-integratie met werkervaringsplekken in de buurt. Inzet van mensen met uitkering of in een activerende dagopvang  die een plek vinden in een buurtcafé, - restaurant  of maaltijdvoorziening. Deze zogeheten buurtkracht speelt een steeds grotere rol in de zelfredzaamheid van mensen.

Kracht als uitgangspunt

De talenten en de kracht van bewoners kunnen veel vaker het uitgangspunt en de spil van sociale interventies zijn. Dat blijkt uit de Wmo-praktijk (o.a. de trajecten van Welzijn Nieuwe Stijl), de visitatieronde van de krachtwijken en veel onderzoek. Professionele instellingen, waaronder de lokale overheid, laten hier kansen liggen. De inzet van welzijn is effectiever als bewoners zelf in sturing en uitvoering van het werk een grotere rol krijgen. Dat vraagt om een andere relatie tussen de gemeente en de instellingen.

Praktijkvoorbeelden

Bij het ontsluiten en ontginnen van praktijkvoorbeelden van buurtkracht streven we naar een diversiteit van context en schaalgrootte: krachtwijk, Vinex-wijk, bloemkoolwijk, krimp/achterstandstreek, verstedelijkt platteland etc. Juist het ontdekken van de overeenkomsten in de verschillen tussen stad en platteland levert nieuwe inzichten op. De gedwongen kleinschaligheid van het platteland biedt inspiratie tot stedelijk buurteigenaarschap en slim omgaan met voorzieningen. De aanpak op bijvoorbeeld het gebied van talentontwikkeling bij stadsjongeren geeft richting aan bestrijding van jeugdwerkloosheid op het platteland.

Slimme constructies

Bezuinigingen in de wijken en de buurten, de opgave om achterstanden in te lopen en nieuwe doelgroepen in de verdere decentralisatie van de AWBZ maakt slim en efficiënt werken noodzakelijk. De aantallen specifieke cliënten zijn binnen een kleine gemeente soms op een hand te tellen. Met de decentralisatie zullen gemeenten in regioverband moeten gaan samenwerken om een passend aanbod van ondersteuning, opvang en dagbesteding te kunnen blijven bieden. Daar is een flinke slag te maken.

Buurtkracht als tegenhanger

In de eerste periode van invoering van de Wmo hebben gemeenten alle functionaliteiten geregeld. Daarna zijn ze gaan kantelen naar werken vanuit de behoefte en de levenssituatie van de burger. Met de decentralisatie van AWBZ taken, de jeugdzorg en de toeleiding naar werk en participatie, gaat in combinatie met bezuinigingen veel aandacht naar de afbouw en het stoppen van activiteiten. Buurtkracht kan hier een goede tegenhanger van zijn. In dit programma nemen we de ambtenaar mee als coalitiepartner, waarbij gemeentelijk beleid richting geeft zonder dat het te dwingend wordt.

Voorbeeldprojecten

  • Buurt- en dorpskracht in de Wmo
    In beeld brengen bestaande verbanden en sociale ondernemers in buurt- en dorpskracht.
  • Wmo en domeinverbindingen
    Verbinden van bedrijfsleven met sociale inzet in buurt, van cultuur en community arts met welzijn, van buurt en sportsector. Bestendigen en uitbreiden allianties op het thema bevolkingskrimp.

Eerste prioriteit van Joost van Alkemade, senior adviseur Gebiedsgericht werken: gebiedsgericht soms de enige weg
‘Mijn eerste prioriteit is dat gemeenten beseffen dat sommige vraagstukken alleen gebiedsgericht kunnen worden aangepakt. Zoals bij de teruggang van voorzieningen in krimpgebieden en kleine dorpen, verpaupering van wijken, de overlast van jongeren, de participatiebevordering van vrouwen in achterstandswijken en bijvoorbeeld de inbreng van bewoners bij wijkrenovaties. We moeten deze buurtkracht in beeld brengen.’

Met wie
‘Samen met burgers (bewoners, ondernemers) en de sociale professionals (in welzijn, onderwijs, politie en corporaties.’ 

Het gewenste resultaat
‘Bewoners/burgers en de verbanden van werkgroepen, platforms en vrijwilligersorganisaties zijn steeds beter in staat samen problemen op te lossen.’