Toekomstgerichte Begeleiding

1 februari 2011

De methode Toekomstgerichte Begeleiding ondersteunt cliënten in opvangvoorzieningen bij het ontwikkelen van een realistisch toekomstbeeld. Dit gebeurt door samen met de cliënt capaciteiten en potenties te benoemen en vaardigheids- en kennistekorten vast te stellen. De cliënten maken zelf een toekomstplan, op basis van wat ze zélf willen bereiken.

Methodebeschrijving-toekomstgerichte-begeleiding.pdf 555.42 KB

Evaluatie- en monitoringsonderzoek naar de methode is positief over de bruikbaarheid van de methode. Uit onderzoek naar de uitstroom van cliënten uit een instelling voor meidenopvang blijkt dat ruim driekwart de opvang verlaat met een duidelijk perspectief. De kracht blijkt de toekomstgerichtheid, waardoor het negatieve wordt omgebogen in het positieve.

Doel

Het hoofddoel van de methode Toekomstgerichte Begeleiding is om cliënten in opvangvoorzieningen te ondersteunen bij het ontwikkelen van een realistisch toekomstbeeld en bij het onderzoeken en creëren van voorwaarden om dit te verwezenlijken.

Doelgroep

De doelgroep bestaat uit cliënten van opvangvoorzieningen, zoals de maatschappelijke opvang en de vrouwenopvang, waarvan het leven ernstig is ontwricht doordat zij zowel materiële als immateriële problemen hebben op verschillende terreinen van het leven.

Aanpak

De methode is vooral gericht op uitstroom en nazorg (‘toekomst’) van cliënten in de opvangvoorzieningen, maar wordt in een vroeg stadium in het opvangtraject ingezet. De methode concentreert zich op het ontwikkelen van toekomstperspectieven door samen met de cliënt capaciteiten en potenties op te sporen en vaardigheids- en kennistekorten vast te stellen. De cliënten maken zelf een toekomstplan, op basis van wat ze zélf willen bereiken. Dit gebeurt in zes fasen die elke cliënt in zijn eigen tempo doorloopt.

  1. Motiveren en brainstormen.
  2. Toewerken naar inzicht in wensen, verwachtingen en doelen.
  3. Formuleren van concrete doelen en stellen van prioriteiten.
  4. Opsporen en verkennen van stressfactoren en protectieve factoren.
  5. Formuleren van taken en actiepunten en organiseren van een steunstructuur.
  6. Overdracht.

Uitvoerende organisaties

Instellingen die de methode Toekomstgerichte Begeleiding hanteren of hebben gehanteerd, zijn opvangvoorzieningen, waaronder Blijf van m’n Lijf Leeuwarden (nu Fier Fryslân),  Vrouwenopvang Overijssel, Vrouwenopvang Rotterdam, Amersfoort, Maastricht en Hera vrouwenopvang Gelderland. De methode kent dus een ruime regionale spreiding. De methode Toekomstgerichte Begeleiding is onderdeel van het reguliere aanbod en biedt tevens een kapstok voor diverse eigen modules. Naast deze instellingen voor vrouwenopvang werkt ook het Leger des Heils in Den Haag met de methode Toekomstgerichte Begeleiding.

Ontwikkelaar
Agnes van Heel en Saskia Warmer
Nederlands Instituut voor Zorg en Welzijn (tegenwoordig Movisie)

Huidige contactpersoon bij Movisie
Petra van Leeuwen
P.vanLeeuwen@movisie.nl
030 789 20 71
3511 GC Utrecht
030 789 2071

Onderzoek

Toekomstgerichte begeleiding wordt, ook onder de noemer Toekomstgericht werken, door verschillende opvangvoorzieningen in Nederland toegepast. Terpstra en Van Dijke (2002) hebben de bruikbaarheid van de methode geëvalueerd bij een opvangvoorziening voor meisjes en jonge vrouwen van 16 tot 23 jaar die de (gedwongen) prostitutie willen verlaten. In dit onderzoek wordt gesteld dat de kracht van de methode de toekomstgerichtheid is. Doordat men niet in het verleden blijft hangen, kan het negatieve omgebogen worden naar het positieve, waarbij vooral wordt gelet op wat mensen wel kunnen. Een aantal professionals noemt als nadeel van de methode dat er te weinig wordt stilgestaan bij wat er is gebeurd, bij het verleden. De toekomstgerichte methode biedt volgens hen te weinig ruimte voor frustratie en angst. Toch wordt de methode in het onderzoek als zeer bruikbaar gekwalificeerd en is op basis daarvan deel gaan uitmaken van het reguliere aanbod van de instelling.

Uit monitoring van Terpstra en Van Dijke (2001, 2002a & 2002b) blijkt dat ruim driekwart van de 35 cliënten (77%) de opvang verlaat met een duidelijk perspectief. Zeven cliënten (22%) pakten hun gewone leven op door zelfstandig te gaan wonen of terug te keren naar hun ouderlijk huis. Vier illegaal in Nederland verblijvende cliënten (10%) die in Nederland zijn gekomen door vrouwenhandel, zijn teruggekeerd naar hun land van herkomst. Van de 35 cliënten zijn er 17 (46%) doorverwezen naar een andere vorm van opvang. Van één meisje is zeker dat ze is teruggekeerd naar haar loverboy. Zes meisjes zijn op een ongewenste manier, bijvoorbeeld zonder enig overleg, uit het opvanghuis vertrokken. Dit maakt hen kwetsbaar voor terugval.

Samenvatting werkzame elementen

  • Het werken met een duidelijk perspectief als doel.
  • Het niet blijven hangen in het verleden, waardoor het negatieve kan worden omgebogen naar het positieve.
  • Het nadenken over de toekomst: inzicht krijgen in manifeste en verborgen wensen, verwachtingen, angsten en onzekerheden.
  • Uitgaan van wat mensen wél kunnen in plaats van wat ze niet kunnen.
  • Het formuleren en rangschikken van concrete doelen naar de mate van belangrijkheid voor de cliënt.
  • Het omzetten van doelen/wensen in taken en actiepunten en het in kaart brengen en organiseren van een steunstructuur.
  • Het vergroten van competentie door het leren van vaardigheden en door het verlichten of juist uitbreiden van taken.
  • Het samen met de cliënt opsporen van stressfactoren en protectieve factoren en een inschatting maken van mogelijke problemen en teleurstellingen in de toekomst.