De PALED Methode

praktijkvoorbeeld - 30 april 2015
 

Met de PALED-methode (Plan van Actuele Leefbaarheidsdoelen) wordt het huidige en het gewenste leefbaarheidsniveau van een dorp in beeld gebracht. Tegelijkertijd oefenen betrokkenen om op een nieuwe manier met elkaar om te gaan. In enkele goed voorbereide bijeenkomsten worden de wensen, ideeën en prioriteiten van bewoners en verenigingen geïnventariseerd, vervolgens besproken met gemeente en instanties en tenslotte vertaald in een dorpsplan.
De PALED-methode wordt niet alleen gebruikt om tot een dorpsplan te komen, maar vooral ook om voor dit dorpsplan draagvlak te kweken onder dorpsbewoners én bij het gemeentelijk bestuur en de ambtenaren. Het dorpsplan bevat ontwikkelpunten voor de korte en middellange termijn.

Aanpak
Een dorpsorganisatie neemt het initiatief tot het uitvoeren van PALED. Een vrijwillig begeleider of een sociaal professional (bijvoorbeeld van een Vereniging voor Kleine Kernen) begeleidt het proces. Verenigingen en individuele bewoners worden een aantal malen uitgenodigd om hun ideeën te spuien en prioriteiten aan te geven. In een later stadium wordt een tussenrapportage aan de gemeente voorgelegd om het bestuurlijk en ambtelijk draagvlak voor de wensen van bewoners te peilen. Dit is richtinggevend, maar niet bepalend. Hierna wordt een dorpsplan opgesteld en aan de gemeente aangeboden. Dorpsorganisatie, werkgroepen en individuele bewoners gaan ermee aan de slag.

Snel resultaat
Het proces is kort: twee à drie maanden. In het dorpsplan staat concreet beschreven wat er op een aantal punten aan de huidige situatie veranderd moet worden. De PALED-methode is niet bedoeld om een dorpsvisie voor de langere termijn op te stellen.

Zeven fasen 
De methode kent de volgende zeven fasen.

1. Voorbereiding:
Een lokale partij neemt het initiatief, een procesbegeleider wordt aangesteld.

2. Inventarisatie van bestaand beleid:
De procesbegeleider inventariseert bestaand beleid dat van invloed is op het dorp en reeds bekende knelpunten en vat deze samen in een korte startnotitie. Deze wordt besproken met de dorpsbelangenorganisatie.

3. Inventarisatie leefbaarheidspunten:
In twee bijeenkomsten geven individuele bewoners hun ideeën, suggesties en opmerkingen mee aan de dorpsbelangenorganisatie.

4. Verwerken van gegevens:
Er wordt een tussenrapportage gemaakt met aandachtspunten en voorstellen voor maatregelen.

5. Interactie met gemeente en instanties:
Gemeente en instanties worden door de dorpsorganisatie op de hoogte gesteld van de inhoud van de tussenrapportage en gaan hierover met elkaar in gesprek.

6. Opstellen van het dorpsplan:
Startnotitie, tussenrapportage en uitkomsten van tussentijds overleg worden samengevoegd tot het
dorpsplan.

7. Vervolg: De gemeente, maar ook de dorpsbelangenorganisatie gaat samen met dorpsbewoners en werkgroepen aan de slag met de leefbaarheidsdoelen uit het dorpsplan.

Regie
De dorpsorganisatie neemt het initiatief en het besluit tot het uitvoeren van de PALED-methode. De procesbegeleiding ligt in handen van een sociale professional. De belangstelling van dorpsbewoners om bij te dragen aan het dorpsplan, is afhankelijk van de inzet van de dorpsbelangenorganisatie. In die zin vervult deze een beslissende rol.

Ontwikkelaar
De PALED-methode is begin jaren negentig ontwikkeld door Mart Schouten Advies (in opdracht van de toenmalige Vereniging van Kleine Kernen Achterhoek / De Liemers). Zie www.martschoutenadvies.nl  e-mail martschouten@hetnet.nl De PALED-methode ligt aan de basis van de methodische begeleiding zoals de VKK Gelderland die vandaag de dag nog inzet bij dorpsplanontwikkeling.

Materiaal
De processtappen staan beschreven in:
M. Schouten (2005) PALED-methode. In: E. Engbersen, M. Uyterlinde, S. van Arum & A. van der Kooij (2005) Dorpsbewoners maken het dorp. Toolkit bewonersparticipatie Platteland. Utrecht: MOVISIE, pp. 41-60.

De standaard structuur van de dorpsplannen staat beschreven in: 
R. van den Boogaard (2000) PALED-methode geeft kleine kernen meer kleur! Evaluatie van een interactieve planvormingsmethode toegepast op dorpsniveau. Wageningen: Wetenschapswinkel Universiteit van Wageningen.

Onderzoek
De methode is onderzocht door R. van den Boogaard, verbonden aan de Universiteit van Wageningen. Hij heeft de methode tevens vergeleken met twee andere methoden voor dorpsplanvorming, te weten de LENS-methode en BuitenGewoonLeefbaar.
R. van den Boogaard (2000) PALED-methode geeft kleine kernen meer kleur! Evaluatie van een interactieve planvormingsmethode toegepast op dorpsniveau. Wageningen: Wetenschapswinkel Universiteit van Wageningen.