Column: De meeste professionals deugen

Balanceren tussen protocollen en de leefwereld sinds de coronacrisis

Sinds de uitbraak van het coronavirus in ons land zijn er in alle sectoren nieuwe regels en protocollen ontwikkeld om de gezondheidsschade en de economische schade te beperken. Het RIVM had verwacht dat zo’n 60% van de Nederlanders zich aan die regels zou houden. Dat bleek in de praktijk 90% te zijn. ‘De meeste mensen deugen’ dus, zoals Rutger Bregman dat in zijn gelijknamige boek ook beeldend beschrijft.

Professionals in de zorg en in het sociaal domein kregen ook met nieuwe regels en protocollen te maken. En ook zij deden hun best om die  in te passen in hun dagelijks werk. Maar precies daar liep het ook spaak. Want waar de medische wereld behoefte heeft aan protocollen en richtlijnen en de economie behoefte heeft aan duidelijkheid en voorspelbaarheid, is de leefwereld van mensen gebaat bij nabijheid, compassie en maatwerk. Juist die aspecten kwamen door de medische- en economische dominantie van de maatregelen onder druk te staan.

Beheerst door angst, niet door kennis of betrokkenheid

Mensen in verpleeghuizen gingen letterlijk kapot door het gemis aan nabijheid van hun geliefden. Dat zagen we ook gebeuren bij mensen met een psychische kwetsbaarheid, die niet meer naar hun dagbesteding konden, bij ouderen die in hun eigen huis in een neerwaartse spiraal van eenzaamheid belandden, bij kinderen met een beperking, die hun ouders niet meer mochten zien. Hun schrijnende verhalen komen de laatste tijd steeds meer naar buiten.

Anita Peters en Janny Bakker-Klein

Zoals het verhaal van de man die wekenlang zijn vrouw in het verpleeghuis niet mocht bezoeken, waardoor zij ook niet meer dagelijks door hem werd geholpen met eten en drinken zoals zij dat gewend was. Ze verloor haar levenslust en kwijnde weg in het verpleeghuis, totdat zij naar huis mocht om daar aan de gevolgen van ondervoeding te overlijden.

Of de mevrouw die ons schreef dat ze haar dementerende schoonouders twee maanden in huis had genomen, om hen de gevolgen van de sociale isolatie te besparen. Toen ze weer bezoek mochten krijgen in het verpleeghuis brachten zij en haar man hen weer terug. Maar ze mochten niet mee naar binnen, want er mocht maar één persoon op bezoek komen en dat was hun dochter. Na al die weken moet je dan je schoonouders met al hun spullen buiten voor de deur afzetten. Ze schreef: 'Wij begrijpen dat ze het aantal bezoekers willen beperken, maar hier ontbrak alle logica. We hebben het gevoel dat de instelling wordt beheerst door angst en niet door kennis of betrokkenheid. Oplossing voor de angst is een serie protocollen, die gelden als wet. Ik maak mij zorgen dat dit in het algemeen een groeiende cultuur is.'

Mensen in een kwetsbare positie hebben recht op zelfregie, ook in tijden van corona.

Zelfbewuste professionals verschuilen zich niet achter protocollen

Het beleid van sluiting van de verpleeghuizen, te weinig beschermingsmateriaal en de berichten in de media met de nadruk op levens redden, lieten professionals in de zorg en in het sociaal domein aanvankelijk weinig ruimte bij het uitoefenen van hun vak. Zij kregen te maken met vastgelegde regels, protocollen en procedures. Daarmee werd hen veiligheid, houvast en zekerheid geboden, want zeg nou zelf: zou jij degene willen zijn die mogelijk heeft  bijgedragen aan een besmetting van mensen met een verhoogd gezondheidsrisico? Maar diezelfde professionals werden ook geconfronteerd met de sociale gevolgen van al die regels en protocollen. Zoals de mevrouw die na negen weken haar man niet meer te hebben gezien eindelijk weer op bezoek mocht komen in het verpleeghuis waar hij woonde. Hij smeekte haar om een knuffel. Maar dat mocht niet. Waarom eigenlijk niet? Ze zou hem toch - zo nodig met een mondmasker, schort en handschoenen die in deze tijd gelukkig weer voldoende voorradig zijn - even stevig kunnen vasthouden? Dat hadden zij beiden zo hard nodig.

Een arts ouderengeneeskunde die werkzaam was in een verpleeghuis verzuchtte: 'Als we het nou eens aan die ouderen zelf zouden vragen, wat zij belangrijk vinden, dan zou 90% van hen een andere afweging maken.' Mensen in een kwetsbare positie hebben recht op zelfregie, ook in tijden van corona. Zij hebben er baat bij dat professionals de vraagstukken waar zij mee kampen centraal stellen en zich niet verschuilen achter regels en protocollen.

Responsiviteit in tijden van corona

In het proefschrift 'Anders Kijken' gaat het over responsieve professionals. Zij hebben het vermogen om in te schatten wat werkelijk voor de ander van betekenis is. Maar uit dit onderzoek komt ook naar voren dat formele regels en protocollen zich in de praktijk slecht verhouden tot hun responsiviteit.

Normatieve professionaliteit is nodig om antwoorden te vinden op vragen die voorbij de standaard oplossingen gaan.

Responsiviteit in de zorg en in het sociaal domein is veel meer dan het systematisch toepassen van specialistische, gestandaardiseerde of duidelijk begrensde wetenschappelijke kennis in de praktijk. Sennett* maakt duidelijk dat een responsieve professional de ander moet kennen en begrijpen, om te kunnen doen wat voor de ander van betekenis is. Daarvoor is ook persoonlijke betrokkenheid van de professional nodig. Maar professionals in de zorg en in het sociaal domein bieden ook ruimte voor beraad over bestaansvragen en zijn meer in de kwaliteit van de relatie geïnteresseerd dan in de planmatige productie van kant-en-klare oplossingen. Volgens Wilken houdt deze ‘normatieve professionaliteit ‘ in, dat professionals expliciet zoeken naar wat het leven voor een ander tot een goed leven kan maken. Dat gaat veel verder dan alleen de vraag hoe men gevrijwaard blijft van een virus. Het betreft ook en vooral de leefwereld van mensen. Normatieve professionaliteit is dan ook nodig om antwoorden te vinden op vragen die voorbij de standaard oplossingen gaan. Mogelijk was daar door alle onzekerheid aan het begin van een levensbedreigende crisis minder tijd voor. Ons pleidooi is dat het daar nú toch wel echt de hoogste tijd voor is.

Vertrouwen in vakmanschap en professionaliteit

Wij pleiten voor meer eigen afwegingsruimte voor professionals die dagelijks betrokken zijn bij de zorg of de ondersteuning van mensen in een kwetsbare situatie. Laten we niet vergeten dat
deze professionals zelfbewuste, reflectieve vakmensen zijn, die een intrinsieke motivatie hebben om hun werk goed te doen. Regels en protocollen mogen daarbij niet in de weg staan, maar moeten helpend zijn voor lastige afwegingen die zij dagelijks moeten maken. Bij voorkeur vragen we deze betrokken professionals nu hoe het verder moet. En hoe we bijvoorbeeld in de verpleeghuizen snel terug kunnen naar een ‘thuis’ voor de mensen die er wonen.

Responsief zijn betekent niet dat alle regels opzij gelegd moeten worden. Maar het betekent wel bewust kiezen voor een andere volgorde. Eerst kijken wat de mensen die het betreft zélf van waarde vinden en dan pas kijken hoe zich dat verhoudt ten opzichte van andere waarden, zoals bijvoorbeeld gezondheid of veiligheid van anderen. Professionals die de ruimte en het vertrouwen krijgen om die afweging te maken vinden dan wel creatieve oplossingen. Want de meeste professionals in de zorg en het sociaal domein deugen.

*Sennett, R. (2008). De ambachtsman. De mens als maker. Amsterdam: J.M. Meulenhoff BV.

Een verkorte versie van dit blog is eerder verschenen op Zorg+Welzijn