‘Piekeren hoort erbij, zegt men’

Portretserie: eenzaamheid

5 oktober 2020

De in Marokko geboren Brahim noemt zichzelf niet eenzaam. Wel zit hij vaker thuis dan dat hij zou willen, en dan steekt bezorgdheid nog weleens de kop op. Gelukkig geniet hij nog enorm van zijn kinderen. 'Niemand is ooit naar mij toegekomen om over hen te klagen.'

Brahim (78) kwam in 1970 naar Nederland. Naast de drie kinderen die hij in Marokko al had gekregen, kwamen daar in Nederland nog twee kinderen bij. Zijn relatie met hen is goed, of zoals hij zelf zegt: 'Tweehonderd procent, met dank aan Allah.' Twee van hen wonen nog thuis. Zijn vrouw is geboren in 1954 en dus wat jonger. Brahim, lachend: 'Ja, natuurlijk. Ik neem iemand die jonger is.'

Taalbarrière 

Hij brengt zijn dagen voornamelijk thuis door. Daar kijkt hij veel televisie, vooral het journaal. De overige tijd is hij in de moskee te vinden, maar de taal is soms een barrière. 'Ik ben niet geschoold, heb geen Arabisch of Frans geleerd. Ik ben uit Marokko gekomen zonder iets geleerd te hebben, daar ga ik niet over liegen. De Nederlandse taal spreken lukt nog wel een beetje, maar om te zeggen dat ik op hoog niveau Nederlands spreek, nee.'
Brahim is een gemotiveerd aanhanger van de islam. 'Mijn vader bad en vastte, dus deed ik dat ook. En voor mijn kinderen wil ik hetzelfde. Ik bid vijf keer per dag, ik geef mijn giften, ga op bedevaart en doe geloofsbelijdenis.'

Staren naar de muren

Brahim is grotendeels gezond, al zit een hernia die hij tijdens een trip naar Marokko opliep hem nog dagelijks dwars. Het liefst zou hij een plek vinden om te kunnen sporten, of op excursie, maar daarvoor zoekt hij iemand om hem een handje te helpen, de juiste wegen te wijzen. Wat dat betreft is Brahim ietwat afwachtend. Het gevolg is dat hij vaker thuiszit dan hij zou willen, soms starend naar de muren. 'Dan ben ik aan het piekeren, al hoort piekeren erbij, zegt men. Waarover ik pieker? Over mijn twee dochters en zoon die nog niet getrouwd zijn. Soms denk ik dat mijn vrouw nog meer piekert dan ik, bijvoorbeeld over conflictjes die onze kinderen weleens hebben. Daar wil ze zich niet te veel mee bemoeien, dus laat ze het aan mij over.'

Niettemin gaat de opvoeding beide ouders aan, vind Brahim. 'De dag dat een man en vrouw trouwen, hebben ze beide een bepaalde verantwoordelijkheid. Als je deze tafel wilt optillen, moeten er twee mensen aan beide uiteinden staan om hem omhoog te krijgen. Daarbij is goede communicatie belangrijk; ik ga weleens met ze zitten praten, en dan hebben we fijne gesprekken. Ik heb ze meegegeven dat ze niet mogen liegen, bedriegen, stelen, enzovoorts. Mijn kinderen hebben nog nooit in de gevangenis gezeten; niemand is ooit naar mij toegekomen om over hen te klagen.'

Geld vragen

Brahim zou zichzelf niet eenzaam willen noemen, op dit moment. 'Met alle dank aan Allah. Maar ik hoor weleens van andere mensen dat ze zich eenzaam voelen. Mensen die problemen hebben, van wie de kinderen hen in de steek hebben gelaten, maar dat ligt ook een beetje aan die ouders zelf. Ik zie wel eens om me heen dat de kinderen niet werken, maar hun ouders wel om geld vragen. Ik geef altijd geld. Toen mijn dochter kleiner was, zei ik altijd: pak maar wat je nodig hebt, uit mijn zak, dagelijks. Dat gebeurde, al ging het maar om een paar euro per keer. Ik heb liever dat hun kwesties mijn portemonnee raken dan die van anderen.'

Dit portret van Brahim is onderdeel van een reeks portretten, geschreven door Wilfred Hermans, rondom het thema eenzaamheid. Eerder verschenen de verhalen van Rita, Rianne en Michiel op onze website. De gebruikte namen zijn om privacyredenen gefingeerd.