Een lange adem voor de thuiszitter

15 februari 2021

Al jaren is er veel aandacht voor het fenomeen thuiszitters (leerlingen die niet naar school gaan). Er wordt vanuit verschillende hoeken hard gewerkt aan verbetering, onder andere vanuit het ministerie van OCW en VWS en op verschillende plekken in het sociaal domein. Helaas vermindert het aantal thuiszitters nog niet. In 2020 alleen al kwamen er 300 bij. Gaat er wel voldoende aandacht naar de thuiszitter zelf? En wat is er veranderd voor de thuiszitter en zijn of haar ouders?

Afhankelijk van de definitie die je hanteert, varieert het aantal geregistreerde thuiszitters van 4.790 jongeren tot bijna 15.000. Als ook de niet-geregistreerde thuiszitters meetellen, dan zijn het er nog veel meer. Voor iedereen die zich hiermee bezighoudt is wel duidelijk dat, ondanks alle inspanningen, het aantal thuiszitters niet vermindert. Hoewel het resultaat van alle aandacht tegenvalt, wordt er vanuit alle hoeken wél hard gewerkt om te voorkomen dat jeugdigen thuis komen te zitten. Ingrado, de vereniging voor leerplicht en regionale meld- en coördinatiefunctie voortijdig schoolverlaten, heeft veel informatie over thuiszitters verzameld. Sommige inspanningen zijn meer gericht op de organisatorische kant, anderen gaan vooral over de inhoud en proberen een analyse te maken over de oorzaak en waar mogelijke oplossingen, buiten het huidige aanbod, liggen. 

Wetswijzigingen 

Eén van de lijnen is om de belemmeringen in de wet- en regelgeving nader te onderzoeken. Afgelopen november is de motie van Kwint en Westerveld aangenomen. Die gaat over het direct starten van proeftuinen om in de praktijk innovaties uit te proberen. En om experimenten van bestaande initiatieven voor thuiszitters te ondersteunen, waarbij het mogelijk is om af te wijken van de huidige wet- en regelgeving. De ministeries van VWS en OCW zijn hier aan zet om te ontdekken welke wetswijzigingen nodig zijn om de belemmeringen weg te nemen.

'Streven naar een ontwikkelrecht voor ieder kind'

Samenwerking tussen partijen versterken

Het rapport ‘Met andere ogen’ geeft als focus aan om de samenwerking tussen de betrokken partijen te leggen. Het ministerie van VWS subsidieert het programma, waarin een brede coalitie van landelijke organisaties - op het gebied van onderwijs, kinderopvang, (jeugd)zorg en overheid - betrokken zijn. Hun missie ‘alle kinderen moeten de kans krijgen om zich te ontwikkelen op basis van de eigen behoefte en mogelijkheden’ is gemeenschappelijk met anderen die zich met het onderwerp thuiszitters verbonden voelen. ‘Met andere ogen’ wil dit bereiken door de samenwerking tussen onderwijs, zorg en jeugd te versterken. Ook Gedragswerk houdt zich bezig met thuiszitters - in opdracht van het ministerie van OCW - en doet er alles aan om de samenwerking tussen onderwijs, jeugdhulporganisaties en gemeenten te bevorderen. Ze zien dat sommige kinderen en jongeren anders leren waardoor het gebruikelijke aanbod niet past. Zij streven naar een ontwikkelrecht voor ieder kind. 

Thuiszittersinitiatieven doen het anders

Aan de inhoudelijke kant wordt de vraag gesteld: ‘Waar komt de uitval vandaan en wat hebben anders lerenden dan nodig?’ In dat kader heeft Movisie binnen het programma Ondersteuning Passend Zorgaanbod van het ministerie van VWS begin 2019 initiatieven bezocht en beschreven. Initiatieven die iets bieden aan kinderen en jongeren die in het reguliere onderwijs en zorg geen plek vonden of kregen. De gesprekken met de jongeren, hun ouders en de initiatieven hebben veel inzicht gegeven in hun perspectief. Uit dit rapport ‘Leren van thuiszittersinitiatieven’ komen de volgende gemeenschappelijke elementen naar voren:

  • rust, tijd, ruimte, herstel, zelfvertrouwen, veiligheid;
  • het probleem wordt niet in het kind gezocht, maar in het niet passen in het systeem;
  • aansluiten bij waar het kind is en het kind zien zoals het is, niet zoals het zou moeten zijn. Talenten herkennen en het gevoel geven dat hij/zij er toe doet;
  • veilige openingen maken naar een haalbaar toekomstperspectief en koersen op optimale ontwikkeling die bij hem of haar past. Zoeken naar nieuwe wegen en een passende plek in de maatschappij. 

Buiten de lijntjes

In gesprek gaan met degenen om wie het gaat, is recentelijk ook gedaan door Team nuNmber 5 Foundation en beschreven in Buiten de lijntjes. Hun conclusies sluiten naadloos aan op de bevindingen van Movisie: 

  • maatwerk voor iedere leerling als uitgangspunt en ontdekken wat dat precies betekent;
  • ontwikkel oplossingen altijd met de mensen om wie het gaat;
  • van symptoombestrijding naar structurele aanpak;
  • samen aan de slag.

'Het is nodig om de thuiszittersinitiatieven als volwaardige partij te zien en ook te financieren'

Alternatieve routes

Het ligt voor de hand om verder te bouwen op de ervaringen van bestaande initiatieven, daarom hebben Movisie en Gedragswerk het afgelopen jaar een aantal bijeenkomsten georganiseerd met een aantal thuiszittersinitiatieven. Samen willen ze de kracht van de initiatieven benadrukken en bewerkstelligen dat alternatieve routes beter in beeld komen als mogelijke oplossing bij het reguliere veld. Omdat ze inhoudelijk veel te bieden hebben, blijkt dat deze initiatieven voor de ‘moeilijke gevallen’ wel benaderd worden door bijvoorbeeld gemeenten of scholen. Alsnog moeten ze vervolgens veel moeite doen om de financiering rond te krijgen. Ze worden niet uitgenodigd bij overlegtafels, terwijl zij juist goed weten wat anders leren betekent. Een goed voorbeeld is het Centrum voor Autisme en Onderwijs. Dit initiatief wordt goed beschreven in Maatwerk in leren en ontwikkelen. Hierin wordt heel inzichtelijk wat ontwikkelen en aansluiten precies betekent; kinderen leren niet om gedrag en vaardigheden te reproduceren, maar leren op basis van hun eigen motivatie en ontwikkeling die er op dat moment is. Deze ontwikkeling verloopt niet volgens een vast patroon, dus dat vergt veel creativiteit van de begeleiders.

Leren en profiteren

Het lijkt een goede weg om de thuiszittersinitiatieven te verbinden met de onderwijs- en zorgorganisaties, zodat zij van elkaar kunnen leren en profiteren. Daarvoor is het nodig om de thuiszittersinitiatieven als volwaardige partij te zien en ook te financieren. Daarmee komt het doel ‘ontwikkelrecht voor ieder kind’ weer een stapje dichterbij.

En de thuiszitter zelf en zijn of haar ouders? Op basis van de onverminderde aantallen thuiszitters kan men concluderen dat zij nog niet profiteren van alle aandacht. Daarbij blijkt dat een thuiszittersinitiatief plotseling kan stoppen als het in financieel zwaar weer terecht komt, zoals bijvoorbeeld bij autismecentrum 2play. Al bestaande passende ontwikkelplekken zijn nog nauwelijks bekend bij alle partijen. Toch lijkt een structurelere oplossing langzaamaan dichterbij te komen.

paasei