Suïcidepreventie LHBT-jongeren: wat kunnen we doen?

16 december 2021

Suïcidepogingen komen onder Nederlandse LHB-jongeren 4,5 keer vaker voor dan onder heteroseksuele jongeren. En transgenderjongeren doen maar liefst 10 keer vaker zo’n poging dan niet-transgenderjongeren. Wat kunnen we eraan doen? Op 18 november gingen experts hierover in gesprek tijdens het mini-symposium ‘Suïcidepreventie onder LHBT-jongeren’.

Het hoge aantal suïcidepogingen onder LHBT-jongeren is verontrustend en noopt tot actie. Er gebeurt zeker al het nodige. De Rijksuniversiteit Groningen en Movisie deden de afgelopen jaren onderzoek, ontwikkelden twee handige factsheets: eentje voor ouders en eentje voor professionals. Ook werken ze aan een online interventietool voor LHBT-jongeren voor op Praten Online en op www.iedereenisanders.nl. Maar zijn er nog meer mogelijkheden om LHBT-jongeren goed te helpen en suïcidaal gedrag bij hen te voorkomen? Tijdens een minisymposium op 18 november stelden experts een actieagenda op van drie punten. 

Meer kennis hulpverleners 

Volgens de experts ontbreekt het bij hulpverleners aan kennis over suïcide én over LHBTI-zijn. Daar moet verandering in komen, zeggen ze. Ook moeten hulpverleners het verschil leren kennen tussen seksuele oriëntatie, genderidentiteit, genderexpressie en seksekenmerken, en weten dat één persoon op al deze kenmerken kan verschillen. Maar ook over de verschillende subculturen binnen de LHBTI+-gemeenschap is meer kennis nodig bij hulpverleners en sociaal professionals. Zeker als die subculturen een link hebben met religie en/of verschillende culturele waarden en normen. Door gebrek aan kennis hierover worden signalen en risico’s momenteel lang niet altijd goed ingeschat.

Hulpverleners weten te weinig over deze doelgroep en de risico's. Daardoor missen ze soms belangrijke signalen. (Hulpverlener in de specialistische GGZ)

Ook over suïcidepreventie in het algemeen schiet de kennis bij hulpverleners/ sociaal professionals tekort. Volgens experts zouden opleidingen en bijscholingsinstellingen hier meer aandacht aan moeten besteden.  

Suïcidepreventie per groep 

Volgens experts is daarnaast specifieke aandacht nodig voor suïcide-preventie bij de verschillende groepen binnen de LHBTI+-gemeenschap. Zo zou het goed zijn als hulpverlening wordt toegespitst op de specifieke kenmerken van elke ‘letter’. Nu worden bijvoorbeeld transgender personen en homoseksuele personen nogal eens op een hoop gegooid. Ten onrechte, want meestal is een verschillende aanpak nodig van de suïcideproblematiek. Ervaringsdeskundigen zouden hierin een grotere rol moeten krijgen, vinden experts. Te vaak lopen hulpinstanties er echter tegenaan dat ervaringsdeskundigen niet goed kunnen worden ingezet. Dit heeft voornamelijk met de financiering te maken. Het zou goed zijn als daar oplossingen voor worden gevonden.

Praten, praten, praten

Ten slotte vinden experts dat er in de samenleving veel meer over suïcide moet worden gepraat. Dat geldt in het algemeen, maar zeker als het gaat over LHBTI+-jongeren. LHBTI+-jongeren die nog in de kast zitten hebben vaak het idee dat zij de enige zijn in hun omgeving, en zeker de enige LHBTI’er die kampt met suïcidale gedachten.

Volgens de experts is het cruciaal om deze jongeren beter te bereiken. Scholen kunnen daarbij een belangrijke rol spelen. Ze moeten hun signaleringsrol versterken. Daarnaast zouden er voor LHBTI-jongeren meer mogelijkheden moeten komen om in een veilige context te praten over suïcide. En de bestaande mogelijkheden, bijvoorbeeld bij Transvisie, zouden meer bekendheid moeten krijgen, ook onder hulpverleners.

Meer informatie

Meer weten over suïcidepreventie onder jonge LHBTI’s? Bekijk dan onze onderzoeken en factsheets:

Onderzoeken

Factsheets