Veranderde sociale normen over gender, geweld en seksuele diversiteit

Evaluatie van 700 bijeenkomsten van de Alliantie Verandering van Binnenuit

21 juli 2021

Wanneer praten over huiselijk en seksueel geweld taboe is, meisjes zich ‘kuis’ moeten gedragen en homo- en biseksuelen bang zijn door hun familie verstoten te worden, kan het een hele opluchting zijn om openlijk over deze thema’s te praten op een bijeenkomst en samen met andere aanwezigen te bedenken hoe het anders kan. Van 2018 tot 2020 organiseerde het consortium zelfbeschikking honderden dialoogbijeenkomsten over deze en andere taboe thema’s in huiskamers, buurthuizen en moskeeën in Nederland. Movisie evalueerde deze bijeenkomsten. Eén van de observaties is dat verandering in gang wordt gezet.

Movisie zette voor de evaluatie op verschillende momenten diverse onderzoeksmethoden in: observaties tijdens de bijeenkomsten, interviews en focusgroepen met de gespreksleiders en evaluatieformulieren die de gespreksleiders na afloop van elke serie van drie bijeenkomsten invulden. Tot slot werden interviews gehouden met de projectleiders van de organisaties, de partners in de Alliantie Verandering van Binnenuit. Het onderzoek was onder meer kwalitatief van aard, maar er zijn ook cijfers verzameld. Doel van de evaluatie was zicht te krijgen op:

  • de output van de bijeenkomsten: het aantal georganiseerde bijeenkomsten, het aantal bereikte mensen, het aantal onderwerpen dat behandeld is, et cetera.
  • de impact van de bijeenkomsten. De bedoeling was een verbetering van de acceptatie van gendergelijkheid en acceptatie van LHBT-personen plus verminderen van gendergerelateerd geweld (o.a. huiselijk geweld, huwelijksdwang en eergerelateerd geweld).
  • het proces: nagaan of, en hoe er gebruik is gemaakt van de wetenschappelijke kennis die Movisie heeft gedeeld met het consortium zelfbeschikking en wat het effect was van de onderlinge kennisuitwisseling tussen de consortiumpartners.

Download het evaluatierapport

Uit het evaluatieonderzoek is naar voren gekomen dat er meer bijeenkomsten zijn gehouden dan de geplande 700, en dat de deelnemers zeer diverse achtergronden hadden. De meest bereikte groepen: mensen met een Turkse, Marokkaanse en Somalische achtergrond, daarna mensen met een Irakese en Syrische achtergrond en mensen met een Afghaanse en Eritrese achtergrond. Er deden zowel vrouwen als mannen mee, van verschillende leeftijdsgroepen. De bijeenkomsten zijn in 60 gemeenten gehouden, de meeste in de vier grote steden, maar ook in kleine en middelgrote gemeenten. En zowel in de Randstad als daarbuiten zoals in Noord-Brabant, Limburg en Overijssel.

Een verandering van sociale normen

De gespreksleiders en de projectleiders hebben zelf de indruk dat zij op verschillende thema’s verandering teweeg hebben gebracht waaronder zelfbeschikking in het algemeen, gendergerelateerd geweld en gelijkheid tussen mannen en vrouwen. Het thema homoseksualiteit vinden de gespreksleiders duidelijk het moeilijkste van alle thema’s om te behandelen. De weerstand onder de deelnemers was vaak groot. Maar ook daar wordt wel verwacht dat enige verandering teweeg is gebracht, omdat zij zien dat tijdens bijeenkomsten deelnemers gaan nadenken over dit thema.

Tijdens de observaties van de bijeenkomsten is ook door de onderzoekers duidelijk verandering waargenomen. Geobserveerd is dat er persoonlijke verhalen gedeeld worden tijdens de bijeenkomsten en taboe thema’s worden besproken. Verschillende werkzame mechanismen die bekend zijn uit de wetenschappelijke literatuur worden ingezet onder de juiste voorwaarden. Het gaat in het bijzonder om het veranderen van sociale normen; te zien is dat de meeste gespreksleiders duidelijk maken dat gelijkheid tussen vrouwen en mannen en acceptatie van homoseksualiteit de norm is evenals afkeuring van geweld in gezinnen. Deze normen zijn vervolgens terug te horen in de gesprekken tussen de deelnemers. Op deze manier komen de sociale normen binnen de groep dus in beweging en wordt verandering in gang gezet.

Wie zijn de gespreksleiders?

De gespreksleiders van de dialoogbijeenkomsten hadden vaak eenzelfde achtergrond als de deelnemers. Zij kennen van huis uit de taal en cultuur van de deelnemers en weten aan te sluiten bij hun normen, gevoelens en emoties, om van daaruit beladen thema’s aan de orde te stellen en geweld en onderdrukking ter discussie te brengen. De meeste van hen werken al langer als dialoogleider voor bijeenkomsten over taboes in de verschillende gemeenschappen, dus ook al voordat de alliantie begon. De gespreksleiders komen vanuit het hele land en zijn zowel mannen als vrouwen.

Verbeterpunt: toepassen kennis en ervaring in de eigen praktijk

Er zijn een paar verbeterpunten naar voren gekomen uit de evaluatie. Het meest duidelijke verbeterpunt ligt op het terrein van het leren van elkaar en gebruik maken van wetenschappelijke kennis. Eén van de doelen van de alliantie was dat de verschillende organisaties en gespreksleiders van het consortium zelfbeschikking konden leren van elkaar. Zo zijn er een aantal ‘inspiratiedagen’ georganiseerd waarop zij met elkaar hebben uitgewisseld en workshops en lezingen hebben gevolgd. Deze dagen werden goed bezocht en gewaardeerd, zo blijkt uit de evaluatie. Maar wat de evaluatie ook laat zien is dat het ‘blijven leren’ soms stagneert. Zo zijn de resultaten van de tussentijdse evaluatie weinig gebruikt door de projectleiders om de eigen werkwijzen en methoden verder te verbeteren. Daarnaast hebben enkele gespreksleiders aangegeven dat zij gezien hun lange ervaring niet meer veel te leren te hebben. Gelukkig zijn de meeste gespreksleiders juist geïnteresseerd in kennisuitwisseling en nieuwe kennis opdoen. Maar het blijven monitoren van de de kwaliteit en de impact en  hiervan blijven leren is wel een aandachtspunt. Het bewerkstelligen van gendergelijkheid, LHBT-acceptatie en het voorkomen van gendergerelateerd geweld is tenslotte geen gemakkelijke opgave

Over de Alliantie Verandering van Binnenuit

De bijeenkomsten waren een belangrijke activiteit van de Alliantie Verandering van Binnenuit, die – met een vijfjarige subsidie van het ministerie van OCW - wordt gevormd het consortium zelfbeschikking en Movisie. Het consortium bestaat uit zeven landelijke (koepel)organisaties voor mensen met een migratie- en vluchtelingenachtergrond: Inspraakorgaan Turken (IOT), Stichting Kezban, Federatie van Somalische associaties in Nederland (FSAN), Samenwerkingsverband Marokkaanse Nederlanders (SMN), Stichting Landelijke Werkgroep Mudawwanah, de Turkse arbeidersvereniging in Nederland (HTIB) en Vluchtelingen Organisaties Nederland (VON). Deze zeven organisaties vormen de kern van de alliantie, Movisie ondersteunt  hun werk met wetenschappelijke kennis, stimuleert onderlinge uitwisseling van kennis en ervaring tussen de consortiumpartners en evalueert de dialoogbijeenkomsten. Lees meer op www.movisie.nl/veranderingvanbinnenuit.